VERKEERSBESLUIT nummer: 2015-14
Logo Leusden
Verkeersbesluit tot het aanwijzen van parkeerplaats(en) voor het opladen van elektrische voertuigen op het parkeerterrein Lepelaar
Het college van burgemeester en wethouders van Leusden;
Artikel 15 van de Wegenverkeerswet 1994 bepaalt dat de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens, en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, krachtens een verkeersbesluit geschiedt en dat maatregelen op of aan de weg of tot wijziging van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer krachtens een verkeersbesluit geschieden, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.
Artikel 12 van het BABW bepaalt dat de plaatsing of verwijdering van borden overeenkomstig model E4, zoals deze zijn opgenomen in Bijlage 1 behorende bij het RVV 1990, krachtens een verkeersbesluit moet geschieden.
Artikel 8 van het BABW biedt de mogelijkheid tot het aanbrengen van onderborden.
Overwegende dat,
  • het college het gebruik van elektrische voertuigen wil stimuleren omdat het gebruik hiervan bijdraagt aan een schonere lucht, minder uitstoot van CO2 en minder geluidsoverlast;
  • dat het college van mening is dat uitbreiding van de oplaadinfrastructuur een van de voorwaarden is om het aantal elektrische auto’s te laten toenemen;
  • dat het college verzoeken om over te gaan tot plaatsing van oplaadpalen in de openbare ruimte waar mogelijk wil faciliteren;
  • dat vanuit de wijk Allandsbeek verzoeken zijn ingediend om hier een (extra) oplaadpaal te plaatsen;
  • dat daarbij de voorkeur uitgaat naar een locatie op de parkeervoorziening Lepelaar, (zoals aangegeven op de bij dit besluit horende tekening);
  • dat het geenszins de bedoeling is dat deze oplaadplaats als een verkapte (privé)parkeerplaats door een houder van een elektrisch voertuig wordt gebruikt;
  • dat het opladen van elektrische voertuigen, door de voortgaande technische ontwikkelingen, in steeds kortere tijd kan/zal plaatsvinden;
  • dat een voertuig, direct nadat het is opgeladen, van de oplaadplaats moet worden verwijderd om andere bestuurders de gelegenheid te bieden om de accu’s van hun voertuigen op te laden;
  • dat ‘langparkeren’ op een oplaadplaats kan worden tegengegaan door bijvoorbeeld het instellen van een tijdduurbeperking (met een parkeerschijf);
  • dat het college niet zal schromen dit instrument in te zetten wanneer blijkt dat de oplaadplaats regelmatig als parkeerplaats in gebruik wordt genomen;
  • dat middels de inzet van de hiervoor genoemde instrumenten kan worden bereikt dat de oplaadplaats optimaal gebruikt kan worden en dat dit inhoudt dat er geen sprake zal zijn van een onevenredige verzwaring van de parkeerdruk in de omgeving van het oplaadpunt;
  • dat wordt voorgesteld per oplaadpunt slechts één parkeervak te reserveren voor het opladen van elektrische auto’s.
Van de in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen, ligt het in lid 2, aanhef en onder a, genoemde belang ‘het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer ten grondslag aan dit besluit.
B E S L U I T E N :
-een parkeervak op de parkeerplaats Lepelaar (t.h.v. huisnummer 7), door middel van plaatsing van borden overeenkomstig model E4, met daaronder een onderbord voorzien van de tekst/aanduiding dat deze parkeerplaatsen uitsluitend mogen worden gebruikt voor het opladen van elektrische auto’s, uitsluitend voor deze categorie te bestemmen.
Met betrekking tot dit besluit zijn de bepalingen van de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer van toepassing.
Dit besluit is in overeenstemming met artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer na overleg met de politie (Eenheid Midden-Nederland) genomen.
Be zwaar
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden gedurende zes weken vanaf de datum van deze publicatie schriftelijk bezwaar indienen tegen dit verkeersbesluit. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten de naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht, alsmede de gronden van het bezwaar. Uw bezwaarschrift kunt u indienen bij het college van Leusden, p/a secretariaat van de adviescommissie bezwaarschriften, Postbus 150, 3830 AD Leusden.
Datum: 9 november 2015
het college van de gemeente Leusden,
de heer R. van Veen
Teamleider afdeling Dienstverlening
Naar boven