Overwegingen ten aanzien van het besluit
dat het gebied Zevenrozenhof in Zevenhuizen Zuid ligt;
dat het gebied Zevenrozenhof ten noordwesten begrensd wordt door het Nijverheidscentrum, ten noordoosten begrensd wordt door de Knibbelweg, ten zuidoosten begrensd wordt door de Zuidplasweg en ten zuidwesten begrensd wordt door de Noordelijke Dwarsweg.
dat de wegen in het betreffende gebied gelegen zijn binnen de grenzen van de bebouwde kom,
dat in het kader van het landelijke verkeersveiligheidsbeleid Duurzaam Veilig de gemeente Zuidplas in een wegencategoriseringsplan bepaalde gebieden aangeduid heeft als verblijfsgebieden,
dat in het wegencategoriseringsplan alle wegen binnen Zevenrozenhof zijn aangeduid als erftoegangswegen,
dat deze erftoegangswegen liggen in een verblijfsgebied,
dat de snelheid van het (auto)verkeer in overeenstemming met de functie van erftoegangsweg (binnen de bebouwde kom) dient te zijn; dit betekent een maximumsnelheid van 30 km/uur,
dat op meerdere locaties snelheidsremmende maatregelen zijn getroffen om de in te stellen maximumsnelheid van 30 km/uur in overeenstemming te laten zijn met het wegbeeld ter plaatse,
dat bij de getroffen snelheidsremmende maatregelen, zowel op de verkeersaders als de wegen in de verblijfsgebieden, extra aandacht besteed is aan potentiële gevaarlijke punten,
dat de overgangen naar een andere maximumsnelheid duidelijk herkenbaar zijn door de (poort)constructies,
dat de huidige toegestane maximumsnelheid van 50 km/uur op de wegen binnen de verblijfsgebieden niet in overeenstemming is met de verblijfsfunctie en daarmee de verkeersveiligheid negatief beïnvloedt,
dat het derhalve gewenst is de maximumsnelheid op de wegen binnen de verblijfsgebieden te verlagen naar 30 km/uur,
Gelezen en gehoord het advies van de verkeersadviseur van de Politie, eenheid Den Haag, dat akkoord gaat met het voorgenomen verkeersbesluit, waarmee voldaan is aan de verplichting als bedoeld in artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer,
gelet op het raadsbesluit d.d. 1 maart 2010, waarbij de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten als bedoeld in artikel 18 van de Wegenverkeerswet 1994 aan hen is gedelegeerd,
gelet op de artikelen 2, 15 en 20 van de Wegenverkeerswet 1994, de artikelen 12, 13, 15, 18, 21 en 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en hoofdstuk I en II van de Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens,