Geachte heer De Ruyter van Steveninck,
Met uw brief gedateerd 18 september 2014, ontvangen op 21 september 2015, hebt u gevraagd
om ontheffing van het verbod tot het plaatsen van een mobiele mijnbouwinstallatie,
in een gebied dat wordt gebruikt als oefen- en schietgebied in blok M7, zoals bedoeld
in artikel 44, eerste lid, van het Mijnbouwbesluit.
Naar aanleiding van uw aanvraag voor de plaatsing van een mobiele mijnbouwinstallatie
op of in de nabijheid van de coördinaten
53° 39' 36" Northing en 05° 2' 36" Easting – uitgedrukt in geografische coördinaten
volgens het stelsel van de European Terrestrial Reference System 1989 (ETRS89) – heeft
de Minister van Defensie, op grond van artikel 44, tweede lid, Mijnbouwbesluit, bij
brief van 24 september 2015 (kenmerk: 2015057743), ontvangen op dezelfde datum, laten
weten geen bezwaar te hebben tegen de aanwezigheid van een mobiele mijnbouwinstallatie.
Ik verleen Oranje-Nassau Energie B.V. een ontheffing op grond van artikel 44, eerste
lid, van het Mijnbouwbesluit voor de aanwezigheid van een mobiele mijnbouwinstallatie,
daaronder mede begrepen een veiligheidszone als bedoeld in artikel 43, van de Mijnbouwwet,
in het gebied van het blok M7 dat wordt gebruikt als oefen- en schietgebied, voor
de periode van 3 oktober 2015 tot 1 januari 2016.
Wellicht ten overvloede wijs ik u erop dat het plaatsen van een mijnbouwinstallatie
dient te worden verricht in overeenstemming met de artikelen van paragraaf 5.2.2,
van het Mijnbouwbesluit.
Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken
binnen 6 weken na de dag waarop dit besluit is verzonden een gemotiveerd bezwaarschrift
indienen bij de Minister van Economische Zaken, directie Wetgeving en Juridische Zaken,
Postbus 20401, 2500 EK Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde
datum.