Beschikking van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, houdende ontheffing voor nachtsprongen en bijbehorende VFR-nachtvluchten aan Skydive Rotterdam

Datum: 26 januari 2015

Nummer: ILT-2015/8852

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gezien:

  • het verzoek, ontvangen op 13 januari 2015, van Skydive Rotterdam, de heer T. Pruisken, adres: Zaventembaan 5, 3045 AR Rotterdam, tel.: 06 51190996, e-mail: jump@skydiverotterdam.com;

  • de wens om incidenteel op een avond in het donker parasprongen uit te voeren in het vaste valschermspringgebied Rhoon;

  • de wens om de daarvoor noodzakelijke vluchten niet IFR maar VFR-night uit te voeren;

Overwegende:

  • dat beide wensen in principe zijn verboden, respectievelijk in artikel 3 van de Regeling valschermspringen 2010 en in artikel 18 van het Besluit luchtverkeer 2014 en ontheffing mogelijk is, mede met inachtneming van het veilige, ordelijke en vlotte verloop van het luchtverkeer;

  • dat de risico’s voor derden worden beperkt door de voorschriften en beperkingen en dat mogelijke overlast wordt beperkt tot de aangevraagde avond;

Gelet op artikel 5.5, derde lid, van de Wet luchtvaart, artikel 18, tweede lid, van het Besluit luchtverkeer 2014 en artikel 3, tweede lid, van de Regeling valschermspringen 2010;

BESLUIT:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van vluchten voor het droppen van parachutisten buiten de daglichtperiode in het vaste valschermspringgebied Rhoon wordt ontheffing verleend van het verbod in artikel 18, eerste lid, van het Besluit luchtverkeer 2014.

  • 2. Aan de valschermspringers van of te gast bij Skydive Rotterdam wordt ontheffing verleend van het verbod in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van de Regeling valschermspringen 2010 om te springen buiten de daglichtperiode.

Artikel 2

  • 1. Voor de in artikel 1, eerste lid, genoemde ontheffing gelden de volgende voorschriften en beperkingen:

    • a. het luchtvaartuig van het type Cessna 208B met registratie PH-BSU, of een vergelijkbaar vervangend toestel, mag op 7 maart 2015, met uitwijk op 14 maart 2015 van 18.00 uur tot 23.00 uur lokale tijd vluchten uitvoeren in het vaste valschermspringgebied Rhoon buiten de daglichtperiode ten behoeve van paradroppings, mits het toestel is uitgerust voor IFR-vluchten en de gezagvoerder is gekwalificeerd voor VFR-nachtvluchten;

    • b. de vluchten worden uitgevoerd conform paragraaf SERA.5005, onder c, van de bijlage bij verordening (EU) nr. 923/20121;

    • c. ten minste 5 werkdagen van tevoren worden vluchtgegevens, de te vliegen route en andere relevante informatie via een formulier ‘aanvraag NOTAM incidentele valschermsprongen’ aangeleverd bij de Operationele Helpdesk LVNL, tel.: 020 4062201 (0700 1700 LT); e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl; dit formulier is op te vragen bij de Operationele Helpdesk;

    • d. vóór aanvang van de vlucht wordt gecoördineerd met de Operationele Helpdesk LVNL, tel.: 020 4062201 (0700 1700 LT); fax: 020 4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl;

    • e. indien luchtverkeerstechnische redenen daartoe noodzaken, kan de betrokken luchtverkeersleidingsdienst de vlucht doen uitstellen, dan wel annuleren.

  • 2. Voor de in artikel 1, tweede lid, genoemde ontheffing gelden de volgende voorschriften:

    • a. de springbak is deugdelijk verlicht en

    • b. de omgeving is van tevoren gecheckt op obstakels.

Artikel 3

Voor het gebruik van het incidentele klim-/springgebied gelden de regels in de Regeling valschermspringen 2010.

Artikel 4

  • 1. De aanvrager draagt er zorg voor dat de gezagvoerder bekend is met de inhoud van deze beschikking.

  • 2. Het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften en beperkingen, genoemd in artikel 2, kan aanleiding zijn deze beschikking in te trekken.

Artikel 5

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 7 maart 2015 en vervalt met ingang van 15 maart 2015.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE SENIOR INSPECTEUR ILT/VERGUNNINGEN, A.E. Schurink-v.d. Klugt

Bezwaarmogelijkheid

Indien u het niet eens bent met deze beschikking kunt u hiertegen, op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de datum waarop deze beschikking is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

Naar boven