Tracébesluit N31 Traverse Harlingen, Rijkswaterstaat

KENNISGEVING

Krachtens artikel 20 van de Tracéwet bevordert de minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van besluiten op aanvragen van vergunningen en van overige ambtshalve te nemen besluiten, met het oog op de uitvoering van een Tracébesluit.

In het kader van deze coördinatie geeft de minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat het volgende besluit is genomen.

Welk besluit is genomen en ligt ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit N31 Traverse Harlingen is het volgende besluit genomen overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 2 jo. lid 4 Tracéwet jo. Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht:

  • Gemeente Harlingen

Omgevingsvergunning voor paalfundering voor een spoortrogligger.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

Het besluit ligt met ingang van 10 september 2015 tot en met 22 oktober 2015, gedurende de reguliere openingstijden, op de hierna genoemde plaatsen ter inzage:

  • het gebouw ‘De Groenlandsvaarder’ van de gemeente Harlingen, Voorstraat 35, 8861 BD Harlingen, telefoon 14 0517.

Beroep

Het besluit is voorbereid met toepassing van artikel 20, lid 2 jo. artikel 20 lid 4 van de Tracéwet. Ingevolge artikel 25a, lid 1 Tracéwet jo. artikel 6:7 Algemene wet bestuursrecht, kan een belanghebbende gedurende zes weken na bekendmaking van het besluit hiertegen beroep instellen. Het beroepschrift dient te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Op dit besluit is hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat de belanghebbende in het beroepschrift moet aangeven wat zijn beroepsgronden zijn. Na afloop van de beroepstermijn kunnen deze gronden niet meer worden aangevuld. In het beroepschrift dient tevens te worden vermeld dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.

Het beroep schorst niet de werking van het besluit. Indien er beroep is ingesteld, is het mogelijk om een voorlopige voorziening te vragen, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing.

Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Meer informatie?

Voor nadere informatie kunt u zich wenden tot de heer E. Leemhuis, telefoon 0566 – 75 03 00.

De minister van Infrastructuur en Milieu, namens deze, het afdelingshoofd BJV Projectadvisering bij de Corporate Dienst van Rijkswaterstaat, A.K. van de Ven

Naar boven