Beschikking, houdende ontheffing voor het beroepsmatig uitvoeren van vluchten met het onbemande luchtvaartuigsysteem RH4 zonder BVL, geluidscertificaat en BVB door Delft Dynamics B.V. (projectontheffing Moerdijk)

Datum: 11 augustus 2015

Nummer: ILT-2015/55886

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gelezen het verzoek van Delft Dynamics B.V., ontvangen op 23 juni 2015, contactpersoon de heer B. Langendoen, tel.: +31 15 7111009, e-mail: j.k.langendoen@delftdynamics.nl;

Gezien het gegeven dat:

  • het verboden is om beroepsmatig deel te nemen aan het luchtverkeer met een RPA, tenzij hiervoor ontheffing is verleend;

  • lichte onbemande luchtvaartuigen (RPA) voorrang moeten verlenen aan al het andere luchtverkeer; dat dit mogelijk is door binnen zichtafstand van de piloot te blijven en naast de piloot nog een waarnemer te verplichten;

  • uitvoerende regelgeving in ontwikkeling is en internationaal overeenstemming bestaat over de uitgangspunten voor beroepsmatig gebruik van RPA op veilige afstand van mensenmenigten, voertuigen, vaartuigen, objecten en gebouwen;

  • de piloot van Delft Dynamics B.V. voldoende ervaring heeft om op deze specifieke locatie met de door hen gebruikte onbemande helikopter op verantwoorde wijze te kunnen opereren;

  • de piloot van Delft Dynamics B.V. beschikt over een grondschoolcertificaat van EuroUSC;

  • Delft Dynamcis B.V. het hele traject van toetsing en opleiding voor de aanvraag van een bedrijfsontheffing doorlopen heeft en in afwachting is van de afgifte hiervan;

Gelet op de artikelen 2.1, vierde lid, 3.21 en 5.5, derde lid, van de Wet luchtvaart;

BESLUIT:

Artikel 1

  • 1. Aan Delft Dynamics B.V. wordt ontheffing verleend van de verbodsbepalingen van de artikelen 3.8, eerste lid, onderdeel b, en 3.19a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet luchtvaart en van de verbodsbepaling van artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Regeling modelvliegen om beroepsmatig deel te nemen aan het luchtverkeer met een RPA, type RH4, met nationaliteits- en inschrijvingskenmerk PH-1FC en zonder dat het luchtvaartuig is voorzien van een geldig bewijs van luchtwaardigheid en geluidscertificaat.

  • 2. Aan de navolgende medewerkers van Delft Dynamics B.V. wordt ontheffing verleend van het verbod, genoemd in artikel 2.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart, voor het beroepsmatig maken van (test)vluchten met de in het eerste lid genoemde RPA zonder in het bezit te zijn van een geldig bewijs van bevoegdheid:

    • a. de heer B. Langendoen;

    • b. de heer E. Rath.

  • 3. Delft Dynamics B.V. fungeert bij de voorbereiding en uitvoering van de vluchten als exploitant van de in het eerste lid genoemde RPA.

Artikel 2

Aan deze ontheffing zijn de volgende voorschriften en beperkingen verbonden:

  • a. Delft Dynamics B.V. mag vluchten met de in artikel 1, eerste lid, genoemde RPA uitvoeren in Moerdijk op de locatie met de coördinaten 51°40’10.05”N – 004°34’32.05”E tot een maximale hoogte van 150 meter boven de grond of het water (500 ft AGL);

  • b. de vluchten vinden plaats gedurende de daglichtperiode zoals gepubliceerd in het AIP Netherlands GEN 2.7;

  • c. de vluchten worden uitgevoerd bij een vliegzicht van ten minste 1,5 km en vrij van bewolking;

  • d. de horizontale afstand tussen de RPA en mensen, aaneengesloten bebouwing en in gebruik zijnde autosnelwegen, autowegen of wegen waar een maximale snelheid van 80 kilometer per uur of meer geldt, bedraagt ten minste 150 meter;

  • e. onverminderd onderdeel d bedraagt de horizontale afstand tot vaartuigen, voertuigen, kunstwerken en spoorlijnen minimaal 50 meter;

  • f. de horizontale afstand tot industrie- en havengebieden bedraagt ten minste 50 meter;

  • g. constructies (zoals windmolens) en gebouwen die onder zeggenschap vallen van de exploitant van de RPA, mogen binnen 150 meter worden benaderd onder voorwaarde dat de RPA op minstens 150 meter van mensen en in gebruik zijnde vaartuigen en voertuigen blijft;

  • h. de RPA blijft binnen het gezichtsveld/Visual Line of Sight (VLOS) van de piloot;

  • i. Delft Dynamics B.V. voert de vluchten uit volgens het operationele plan revisie 1.2;

  • j. Delft Dynamics B.V. neemt voorafgaand aan een vlucht contact op met de Koninklijke Militaire School Luchtmacht van de vliegbasis Woensdrecht in verband met de militaire laagvliegroute VO (e-mail: kmsl.ops.emvo@mindef.nl) en voert de vlucht pas uit nadat toestemming van de desbetreffende instantie is verkregen;

  • k. Delft Dynamics B.V. is ervoor verantwoordelijk dat de piloot altijd direct de koers en hoogte van het luchtvaartuig kan wijzigen, ook als bij normale vluchtuitvoering geen sprake is van manuele besturing van de RPA;

  • l. Delft Dynamics B.V. wijst voor de desbetreffende vlucht een gezagvoerder aan onder wiens verantwoordelijkheid de vlucht wordt uitgevoerd; vóór de vlucht neemt de gezagvoerder kennis van alle gegevens en inlichtingen die voor de uitvoering van de vlucht van belang kunnen zijn;1

  • m. Delft Dynamics B.V. wijst naast de gezagvoerder en/of piloot2 voor de desbetreffende vlucht een waarnemer aan; het is de taak van de waarnemer om de gezagvoerder tijdens de vlucht te voorzien van informatie over de omgeving en de daarmee samenhangende botsingsrisico’s en zo nodig daaromtrent instructies te geven;

  • n. verzekering:

    • 1°. Delft Dynamics B.V. is verzekerd voor aansprakelijkheid bij ongevallen al dan niet resulterend in schade of letsel ten aanzien van derden;

    • 2°. Delft Dynamics B.V. voldoet ten minste aan de verzekeringseisen zoals deze zijn vastgelegd in Verordening (EG) nr. 785/2004 van het Europees parlement en de Raad van 21 april 2004, betreffende de verzekeringseisen voor luchtvervoerders en exploitanten van luchtvaartuigen;

  • o. Delft Dynamics B.V. stelt voor iedere vlucht ten minste één veilige positie voor de RPA vast voor die gevallen waarbij de communicatie tussen de RPA en het externe besturingsstation wordt verbroken;

  • p. Delft Dynamics B.V. stelt voor iedere vlucht een plan vast waaruit in ieder geval volgt dat de risico’s worden gemitigeerd van een mogelijke botsing met overig luchtverkeer dan wel mensenmenigten, constructies en gebouwen op de grond;

  • q. voorvalmeldingen:

    • 1°. Delft Dynamics B.V. meldt voorvallen en ernstige incidenten binnen 72 uur aan het Analyse Bureau Luchtvaartvoorvallen van de Inspectie Leefomgeving en Transport ingevolge de Regeling melding voorvallen in de burgerluchtvaart; zie www.ilent.nl onder ‘luchtvaartvoorval melden’ en www.ais-netherlands.nl voor AIC-B 02/10;

    • 2°. ongevallen (= met gewonde(n) of dode(n)) moeten (na de hulpverleningsoproep) direct worden gemeld aan:

      • a) de OVV via 0800 MELDOVV of 0800 6353 688, en

      • b) de crisiscoördinator van ILT: 070 456 3434;

    • 3°. incidenten worden binnen Delft Dynamics B.V. geadministreerd en beoordeeld en het management bekijkt of deze moeten leiden tot verbeteringen van de bedrijfsvoering, in ieder geval wanneer de incidenten betrekking hebben op de vluchtuitvoering;

  • r. Delft Dynamics B.V. is ervoor verantwoordelijk dat iedere geplande vluchtuitvoering op een terrein aangewezen voor tijdelijk en uitzonderlijk gebruik wordt gemeld bij de Inspectie via een e-mail aan meldingtug@ilent.nl; ingevolge artikel 35, derde lid, van de Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen meldt de houder van de ontheffing ten minste 24 uur vóór de dag waarop het terrein zal worden gebruikt, dit voornemen schriftelijk of per e-mail aan de Minister van Infrastructuur en Milieu en de burgemeester van de gemeente waarin het desbetreffende terrein ligt; de melding aan de Minister kan worden gedaan via de melding aan de inspectie;

  • s. Delft Dynamics B.V. is ervoor verantwoordelijk dat voldoende voor de vluchtuitvoering met dit luchtvaartuig opgeleid, gekwalificeerd en vakkundig personeel wordt ingezet bij de lichte RPA-vluchtuitvoering;

  • t. personeel dat gemoeid is met de vluchtvoorbereiding of -uitvoering van de lichte RPA, werkt niet met het systeem indien er sprake is van een omstandigheid waarbij vermoeidheid of een gevoel van niet fit zijn een gevaar voor de luchtwaardigheid of de vlucht zou kunnen opleveren;

  • u. Delft Dynamics B.V. initieert uiterlijk 2 dagen vóór de vlucht plaatsvindt de publicatie van een NOTAM waarin de RPA-activiteit bekend wordt gemaakt bij de Operationele Helpdesk LVNL, per e-mail ops_helpdesk@lvnl.nl.

Artikel 3

Het handelen in strijd met deze beschikking is een strafbaar feit.

Artikel 4

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 13 augustus 2015 en vervalt met ingang van 1 oktober 2015.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE SENIOR INSPECTEUR ILT/VERGUNNINGEN, A. Schurink-v.d. Klugt

Bezwaarclausule

Indien u het niet eens bent met deze beschikking, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze beschikking is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Postbus 16191

2500 BD Den Haag


X Noot
1

Zoals weersomstandigheden en -verwachtingen, ter plaatse geldende luchtverkeersregels (o.a. zichtbaar via de VFR-luchtvaartkaart Nederland en de luchtvaartgids www.ais-netherlands.nl) en eventuele bijzondere omstandigheden, bekendgemaakt in berichten aan luchtvarenden (NOTAMS).

X Noot
2

De gezagvoerder is degene die eindverantwoordelijk is voor de vluchtuitvoering.

Naar boven