Vrijstelling minimum vlieghoogte oefengebied Deelen ten behoeve van oefening Joint Falcon (week 23)

27 mei 2015

Nr. MLA/064/2015

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van de commandant van het Defensie Helikopter Commando van 2 april 2015;

Gelet op artikel 7 van de Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van de oefening Joint Falcon (week 23) van het Defensie Helikopter Commando wordt vrijstelling verleend van de minimum VFR-vlieghoogte binnen het oefengebied Deelen, een cirkelvormig gebied met een straal van 5 nautische mijlen met als middelpunt coördinaat 52°08’53”N 005°50’50”E (zie figuur).

  • 2. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is van toepassing op de volgende data en tijdstippen:

    Week 23

    donderdag 4 juni 2015 van 10:00 uur tot 20:00 uur lokale tijd;

    vrijdag 5 juni 2015 van 08:00 uur tot 16:00 uur lokale tijd.

    Oefengebied Deelen

    Oefengebied Deelen

Artikel 2

Binnen het oefengebied Deelen bedraagt de toegestane minimum vlieghoogte 100 voet of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is. Binnen het oefengebied gelden voorts de volgende regels:

  • a. laagvliegen is alleen toegestaan voor helikopters van het Commando Luchtstrijdkrachten;

  • b. vluchten worden uitgevoerd conform zichtvliegvoorschriften;

  • c. aaneengesloten bebouwing, ziekenhuizen, sanatoria en dergelijke moeten worden vermeden;

  • d. de vrijstelling van de minimum vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn.

Artikel 3

Deze beschikking treedt in werking met ingang 4 juni 2015 en vervalt met ingang van 6 juni 2015.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, S.H.P.M. Pellemans Kolonel-vlieger

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, Dienstencentrum Juridische Dienstverlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

In het kader van de kwalificatie van helikoptervliegers in het uitvoeren van tactische manoeuvres wordt de oefening Joint Falcon (week 23) georganiseerd. Een belangrijk onderdeel van de oefening is het tactisch opereren op lage hoogte in samenwerking met grondgebonden eenheden van de Koninklijke Landmacht.

In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat militaire helikopters boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen dan wel boven mensenverzamelingen een hoogte van ten minste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig dienen aan te houden en elders ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water. In het kader van deze oefening kan in het aangewezen oefengebied zo laag worden gevlogen als voor het doel van de vlucht noodzakelijk is. Dit betekent dat niet continu laag wordt gevlogen.

Naar boven