Mededeling in het kader van het project A4 Delft – Schiedam, Rijkswaterstaat

Op grond van artikel 20 van de Tracéwet bevordert de Minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van de besluiten op de aanvragen om vergunningen en van de overige ambtshalve te nemen besluiten met het oog op de uitvoering van een Tracébesluit.

In het kader van deze coördinatie geeft de Minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat het volgende besluit is genomen.

Welk besluit is genomen en ligt ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit A4 Delft – Schiedam is onderstaand besluit genomen, overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 4, van de Tracéwet in samenhang met afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht.

In opdracht van Rijkswaterstaat realiseert A4all v.o.f. de A4 Delft – Schiedam. De A4 Delft – Schiedam is een geprojecteerde rijksweg die de verbinding zal vormen tussen de aan-sluiting A4 Delft-Zuid (Kruithuisweg) en het knooppunt Kethelplein bij Schiedam.

Bij besluit van 6 maart 2014 (Waterdossier 18746, nummer 1120532/1351367) is door het college van Dijkgraaf en Hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Delfland een Watervergunning afgegeven op grond van de Keur Delfland 2010 en de Waterwet.

Het besluit heeft betrekking op het ter hoogte van het A4-tracé tussen de steden Schiedam en Vlaardingen in de Poldervaartpolder en de polder Vlaardingen en Holierhoek:

  • graven en dempen van oppervlaktewater;

  • aanleggen van waterbergingen in de vorm van bergingsgreppels;

  • aanbrengen en hebben van een landtunnel gedeeltelijk gelegen op de polderkade ter hoogte van de Brederoweg tussen Schiedam en Vlaardingen;

  • aanbrengen en hebben van dammen met duikers;

  • aanbrengen en hebben van diverse overstortsconstructies gelegen in de onderhoudsstroken van diverse watergangen.

Het definitieve besluit is niet gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbesluit en is op 13 maart 2014 bekendgemaakt.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

Het besluit en de bijbehorende stukken liggen tot en met 24 april 2014 ter inzage bij het Hoogheemraadschap van Delfland, Delftechpark 23, 2628 XJ Delft, op werkdagen van 9.00 uur tot 12.00 uur en van 14.00 uur tot 16.00 uur. Hiervoor dient u telefonisch een afspraak te maken via telefoonnummer 015 – 270 18 88.

Het besluit is tevens beschikbaar via de website van het Hoogheemraadschap van Delfland: www.hhdelfland.nl .

Hoe kunnen belanghebbenden beroep indienen?

Tot en met 24 april 2014 staat voor belanghebbenden beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het instellen van beroep tegen het besluit geschiedt door indiening van een ondertekend beroepschrift dat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het is gericht, alsmede de gronden van het beroep bevat.

Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Het beroepschrift dient te zijn ondertekend en dient ten minste te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, dat wil zeggen in ieder geval de vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en, zo mogelijk, de datum en het kenmerk van het besluit;

  • een opgave van de redenen waarom u zich niet met het besluit kunt verenigen.

Tevens dient ten behoeve van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zo mogelijk een afschrift van het besluit waartegen het beroep is gericht, te worden overgelegd.

Op dit besluit is hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat de belanghebbende in het beroepschrift moet aangeven welke zijn beroepsgronden zijn. Na afloop van de beroepstermijn kunnen deze gronden niet meer worden aangevuld.

In het beroepschrift dient tevens te worden vermeld dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.

Het instellen van beroep schorst de werking van het besluit niet.

Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.

Het verzoek dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, dat wil zeggen in ieder geval de vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en de datum en de nummer of kenmerk van het besluit;

  • de gronden van het verzoek (motivering).

Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoekschrift om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Meer informatie?

Voor nadere informatie met betrekking tot het besluit kunt u zich wenden tot de heer N. van Veen, telefoon 015 – 270 18 88.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, namens deze, het hoofd van de afdeling BJV-Projectadvisering, A.K. van de Ven

Naar boven