Mijnbouwwet
De Minister van Economische Zaken maakt bekend:
Op 13 maart 2013 heeft de Minister van Economische Zaken een aanvraag van Oranje Nassau
Energie B.V. ontvangen om, in overeenstemming met artikel 34, derde lid, van de Mijnbouwwet,
in te stemmen met het plan voor de winning van het voorkomen Q16-Maas. Dit voorkomen
ligt in de gemeente Rotterdam.
Het winningsplan gaat in op planmatig beheer van het voorkomen en het risico van schade
ten gevolge van bodembeweging die mogelijk door de winning van het voorkomen kan worden
veroorzaakt. Het ontwerpbesluit heeft van 19 december 2013 tot en met 30 januari 2014
ter inzage gelegen.
Op 6 maart 2014 legt de Minister van Economische Zaken de volgende documenten (met
uitzondering van de vertrouwelijke bedrijfs- en fabricagegegeven en gegevens die betrekking
hebben op de persoonlijke levenssfeer) ter inzage:
-
– het winningsplan;
-
– het besluit;
-
– het ontwerpbesluit;
-
– het advies van Staatstoezicht op de mijnen en TNO Adviesgroep EZ, en
-
– het advies van de Technische commissie bodembeweging.
De stukken liggen met ingang van 6 maart 2014 tot en met 17 april 2014 tijdens reguliere
openingstijden ter inzage bij de gemeente Rotterdam, Coolsingel 40 te Rotterdam.
Tot en met 17 april 2014 kan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State,
Postbus 20019, 2500 EA Den Haag, tegen het besluit tot instemming met het winningsplan
Q16-Maas beroep worden ingesteld door:
-
a. belanghebbenden die zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit;
-
b. de adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over
het ontwerp van het besluit;
-
c. belanghebbenden die beroep willen instellen tegen wijzigingen die bij het nemen van
het besluit ten opzichte van het ontwerp daarvan zijn aangebracht;
-
d. belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te
hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit.
Het instellen van beroep tegen het besluit tot instemming met het winningsplan geschiedt
door indiening van een ondertekend beroepschrift dat ten minste de naam en het adres
van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het is
gericht, alsmede de gronden van het beroep bevat.
Daarnaast dient u in het beroepschrift aan te geven tegen welk specifiek besluit beroep
wordt ingesteld, aan wie het besluit is gericht en op welke datum het besluit is genomen.
Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad
van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het instellen van beroep schorst de werking
van het besluit niet.
Het besluit treedt op 18 april 2014 in werking, behalve indien gedurende de beroepstermijn
bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus
20019, 2500 EA Den Haag een verzoek om een voorlopige voorziening is gedaan. Eerst
nadat op dat verzoek is beslist, treedt het besluit in werking. Bij het verzoek moet
een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.
Voor inlichtingen kunt u zich wenden tot mr. D. Dutour, telefoon 070 – 379 78 40.