Regeling samenloop fiscale wetten 2014

20 februari 2014

Nr. DV2014/89

Directoraat-generaal voor Fiscale Zaken/Directie Douane en Verbruiksbelastingen

De Staatssecretaris van Financiën,

Gelet op artikel XXXVI van het Belastingplan 2014;

Besluit:

ARTIKEL I

In het Belastingplan 2014 wordt in artikel II, onderdeel G, ‘artikel 3.119a, derde lid, onder 2°’ vervangen door: artikel 3.119a, derde lid, onderdeel b.

ARTIKEL II

De Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 7, derde lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

  • a. als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet basisregistratie personen; of.

2. Onderdeel b komt te luiden:

  • b. niet als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, bedoeld in onderdeel a, maar verplicht is tot het doen van aangifte van verblijf en adres ingevolge artikel 2.38 van de Wet basisregistratie personen.

B

In artikel 13, tweede lid, wordt ‘met ingang van de dag waarop de houder zich heeft ingeschreven of had moeten inschrijven in de basisadministratie van persoonsgegevens, bedoeld in artikel 2 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens’ vervangen door: met ingang van de dag waarop de houder als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet basisregistratie personen, of met ingang van de dag waarop de houder zich als ingezetene had moeten inschrijven in die basisregistratie.

ARTIKEL III

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat artikel II terugwerkt tot en met 6 januari 2014.

ARTIKEL IV

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling samenloop fiscale wetten 2014.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën, E.D. Wiebes.

TOELICHTING

Deze regeling vindt haar wettelijke grondslag in artikel XXXVI van het Belastingplan 2014. Genoemd artikel bepaalt dat indien de samenloop van wetten die in 2013 in het Staatsblad zijn of worden gepubliceerd en wijzigingen aanbrengen in één of meer belastingwetten, niet of niet juist is geregeld, of indien als gevolg van die samenloop onjuistheden ontstaan in de aanduiding van artikelen, artikelonderdelen, verwijzingen en dergelijke in de desbetreffende wetten, die wetten op dit punt bij ministeriële regeling kunnen worden gewijzigd. Onderhavige regeling strekt daartoe.

Artikelsgewijs

Artikel I (artikel II, onderdeel G, van het Belastingplan 2014)

In de in artikel II, onderdeel G, van het Belastingplan 2014 opgenomen wijzigingsopdracht inzake artikel 3.119a, derde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt een door een in de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II opgenomen wijziging achterhaalde verwijzing aangepast.

Artikel II (artikelen 7 en 13 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994)

De artikelen 7, derde lid, en 13, tweede lid, van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 (Wet MRB 1994) worden gewijzigd door middel van deze regeling. In betreffende leden, welke bij het Belastingplan 2014 zijn toegevoegd, wordt namelijk verwezen naar de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens. Deze wet is echter per 6 januari 2014 vervangen door de Wet basisregistratie personen. Reden om onderhavige wijziging terug te laten werken tot en met 6 januari 2014. De verwijzingen in genoemde artikelen van de Wet MRB 1994 worden dienovereenkomstig aangepast in die zin dat de materiële inhoud van de verwijzingen niet wordt geraakt.

Artikel III (inwerkingtreding)

In dit artikel wordt geregeld dat de onderhavige regeling in werking treedt met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Het verlenen van terugwerkende kracht aan artikel II is toegelicht bij de toelichting op dat artikel.

De Staatssecretaris van Financiën, E.D. Wiebes.

Naar boven