Omgevingsvergunning tweede keermiddel Schutsluis Benedensas, Ruimte voor de Rivier project Waterberging Volkerak-Zoommeer, Rijkswaterstaat

De Minister van Infrastructuur en Milieu maakt bekend dat burgemeester en wethouders van de gemeente Steenbergen hebben besloten tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor de aanleg van een tweede keermiddel bij het buitenhoofd van de Schutsluis Benedensas (een Rijksmonument). De maatregel Waterberging Volkerak-Zoommeer maakt onderdeel uit van het landelijke programma Ruimte voor de Rivier. Op de voorbereiding en bekendmaking van dit besluit is de Rijkscoördinatieregeling van toepassing.

Het ontwerpbesluit voor deze omgevingsvergunning heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Over dit ontwerpbesluit is één zienswijze naar voren gebracht. Deze zienswijze heeft niet geleid tot wijziging van het besluit. Voor de beoordeling van de zienswijze wordt verwezen naar het definitieve besluit.

Toelichting besluit

Om het binnendijkse gebied bij inzet van het Volkerak-Zoommeer voor waterberging afdoende te beschermen tegen overstroming moet het buitenhoofd van de Schutsluis Benedensas versterkt worden met een tweede keermiddel. Hiervoor is een omgevingsvergunning activiteit ‘bouwen’ nodig. Omdat de Schutsluis de status van Rijksmonument heeft, is ook een omgevingsvergunning activiteit ‘handelingen met gevolgen voor beschermde monumenten’ nodig.

Waar en wanneer kunt u het besluit inzien?

Van woensdag 26 november 2014 tot en met woensdag 7 januari 2015 ligt het besluit ter inzage samen met de daarop betrekking hebbende stukken, inclusief de aanvraag.

U kunt de betreffende stukken tijdens de gebruikelijke openingsuren en/of op afspraak inzien op het gemeentehuis van de gemeente Steenbergen, Buiten de Veste 1 in Steenbergen.

Digitale inzage

De omgevingsvergunning met bijbehorende stukken, inclusief de aanvraag, kunt u ook inzien via de website www.gemeente-steenbergen.nl, onder actueel/bekendmakingen.

Hoe kunt u beroep instellen?

Belanghebbenden die hun zienswijze op het ontwerpbesluit tijdig naar voren hebben gebracht en belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten dat zij geen zienswijze naar voren hebben gebracht, kunnen van donderdag 27 november 2014 tot en met woensdag 7 januari 2015 beroep instellen tegen het besluit bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State door het indienen van een beroepschrift.

Het ondertekende beroepschrift dient ten minste te bevatten:

  • a) uw naam en adres;

  • b) de dagtekening;

  • c) een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht;

  • d) de redenen waarom u zich niet met het besluit kunt verenigen.

Stuur uw beroepschrift en zo mogelijk een afschrift van het besluit, waartegen uw beroep is gericht, onder vermelding van de naam van het besluit naar:

Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State

Postbus 20019, 2500 EA Den Haag

De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist in enige instantie over ingestelde beroepen.

Crisis- en herstelwet van toepassing

Op het besluit is afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet (Chw) van toepassing. Dit heeft onder meer tot gevolg dat de beroepsgronden in het beroepschrift moeten worden opgenomen, een beroep niet ontvankelijk wordt verklaard indien binnen de beroepstermijn geen beroepsgronden zijn ingediend en de beroepsgronden na afloop van de beroepstermijn niet meer kunnen worden aangevuld. Dit betekent onder andere dat het indienen van een zogenaamd “pro forma” beroepschrift niet mogelijk is. Geef in het beroepschrift aan dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.

Hoe kunt u de werking van het besluit laten schorsen?

Het instellen van beroep schorst de werking van het besluit niet. Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.

Voor het indienen van een beroepschrift of een verzoekschrift om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Naar boven