Tracébesluit Weguitbreiding Schiphol – Amsterdam – Almere, Rijkswaterstaat

KENNISGEVING

Krachtens artikel 20 van de Tracéwet bevordert de Minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van de besluiten op de aanvragen om de vergunningen en van de overige ambtshalve te nemen besluiten met het oog op de uitvoering van een Tracébesluit. Op deze besluiten is de Crisis- en herstelwet van toepassing.

In het kader van deze coördinatie geeft de Minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat de volgende besluiten zijn genomen.

Welke besluiten zijn genomen en liggen ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit Weguitbreiding Schiphol – Amsterdam – Almere zijn de volgende besluiten voor de clusters SAA A1/A6 135 en 144 genomen overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 4, Tracéwet juncto afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht:

  • 1. Cluster SAA A1/A6, 135

    Besluit van het college van burgemeester en wethouders van Diemen voor het realiseren van een viaduct in de verbindingsboog over de A9 naar de A1 richting Amsterdam (KW 38).

  • 2. Cluster SAA A1/A6, 144

    Besluit van het college van burgemeester en wethouders van Diemen voor het realiseren van een viaduct (KW 34A).

Tegen de ontwerpbesluiten zijn geen zienswijzen ingediend.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

De besluiten liggen met ingang van 2 oktober 2014 tot en met 12 november 2014 tijdens kantooruren ter inzage bij de gemeente Diemen, D.J. den Hartoglaan 1 te Diemen.

Hoe kunnen belanghebbenden beroep indienen?

Van 2 oktober 2014 tot en met 12 november 2014 staat voor belanghebbenden beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op deze besluiten is de Crisis- en herstelwet van toepassing.

Dit betekent dat alle beroepsgronden binnen de beroepstermijn bekend moeten zijn.

Het is niet toegestaan buiten de termijn nog (aanvullende) beroepsgronden aan te voeren.

Het instellen van beroep tegen de besluiten geschiedt door indiening van een ondertekend beroepschrift dat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het is gericht, alsmede de gronden van het beroep bevat. Daarnaast dient u in het beroepschrift aan te geven tegen welk specifiek besluit beroep wordt ingesteld, aan wie het besluit is gericht en op welke datum het besluit is genomen.

Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het instellen van beroep schorst de werking van het besluit niet.

Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het verzoek tot een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.

Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoekschrift om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Meer informatie?

Voor nadere informatie met betrekking tot de besluiten kunt u zich wenden tot de heer F. Ros, telefoon 020 – 314 47 92.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, namens deze, het hoofd van de afdeling Werkenpakket RWS, S.J.S.D. Smit

Naar boven