Dit besluit wijzigt het besluit van 4 september 2012, nr. BLKB2012/101M,
Staatscourant 2012, nr. 18480
. De wijziging betreft een aanvulling van het besluit in verband met een versoepeling
van een faciliteit. Het onbelast uitkeren van dividenden aan erfgenamen van vererfde
aanmerkelijkbelangaandelen wordt verruimd.
Het besluit van 4 september 2012, nr. 2012/101M, Staatscourant 2012, nr. 18480, wordt gewijzigd als volgt.
ARTIKEL I
A
Aan onderdeel 1, eerste alinea wordt, na ‘de volgende onderdelen zijn nieuw opgenomen
in het besluit’, ingevoegd:
B
Aan onderdeel 3 wordt een nieuw onderdeel toegevoegd, dat luidt:
onderdeel 3.2 Onbelast reguliere voordelen genieten
Een belastingplichtige die aanmerkelijkbelangaandelen erft, heeft onder omstandigheden
de mogelijkheid over die verkregen aandelen onbelast reguliere voordelen te genieten.
De voordelen moeten onder andere zijn genoten binnen 24 maanden na het overlijden
van de erflater en bij laatstgenoemde moet bij de overgang van de aandelen inkomen
uit AB in aanmerking zijn genomen. Ook brengt de regeling mee dat de verkrijgingsprijs
van de aandelen met het genoten voordeel wordt verlaagd (artikel 4.12a van de Wet
IB 2001).
Dividend wordt op grond van het civiele recht uitgekeerd over alle aandelen in de
vennootschap (artikel 2:201 BW). Dit kan bezwarend zijn voor degene die (ook) niet-vererfde
aandelen in diezelfde vennootschap bezit (bijvoorbeeld de langstlevende die aandelen
bezit krachtens huwelijksvermogensrecht). Alleen voor de vererfde aandelen bestaat
nu immers recht op de faciliteit terwijl een dividenduitkering over alle aandelen
plaatsvindt. Toepassing van de regeling heeft voor genoemde belastingplichtigen dus
tot gevolg dat zij wat de niet-vererfde aandelen betreft verplicht worden geconfronteerd
met een heffing in box 2. Dit acht ik niet gewenst. Daarom keur ik vooruitlopend op
wetgeving het volgende goed.
Goedkeuring
-
1 Ik keur goed dat de verkrijger krachtens erfrecht bovengenoemde faciliteit kan toepassen
op zowel de vererfde aandelen/winstbewijzen als op de aandelen/winstbewijzen van dezelfde
soort in dezelfde vennootschap die reeds in het bezit zijn op het tijdstip van overlijden.
-
2 Ik keur onder de volgende 2 voorwaarden ook goed dat de erfgenamen voor wie de wettelijk
vereiste 24-maandentermijn al is verstreken, desgewenst alsnog gebruik kunnen maken
van de hiervoor geformuleerde verruimde faciliteit. Dit geldt ook voor de erfgenamen
die:
-
– in aanmerking zouden kunnen komen voor de verruimde faciliteit;
-
– hiertoe geen verzoek hebben ingediend of gedeeltelijk hebben moeten afrekenen en
-
– wiens aanslagen al onherroepelijk vaststaan.
Voorwaarden behorend bij goedkeuring 2
Bovenstaande goedkeuringen gelden niet als de aandelen na het overlijdenstijdstip
van de erflater geheel of gedeeltelijk zijn vervreemd.
ARTIKEL II
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de
Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt op het moment dat de wijziging
van artikel 4.12a Wet IB 2001 in werking treedt.
Den Haag, 17 september 2014
De Staatssecretaris van Financiën,
namens deze,
T.W.M. Poolen Lid van het managementteam Belastingdienst