KENNISGEVING
Krachtens artikel 20 van de Tracéwet bevordert de Minister van Infrastructuur en Milieu
een gecoördineerde voorbereiding van de besluiten op de aanvragen om de vergunningen
en van de overige ambtshalve te nemen besluiten met het oog op de uitvoering van een
Tracébesluit. Op dit besluit is de Crisis- en herstelwet van toepassing.
In het kader van deze coördinatie geeft de Minister van Infrastructuur en Milieu kennis
van het feit dat het volgende besluit is genomen.
Welk besluit is genomen en ligt ter inzage?
Voor de uitvoering van het Tracébesluit Weguitbreiding Schiphol – Amsterdam – Almere
is het volgende besluit voor het cluster SAA A1/A6, 121 genomen overeenkomstig de
procedure van artikel 20, lid 4, Tracéwet juncto afdeling 3.4 van de Algemene wet
bestuursrecht:
Tegen het ontwerpbesluit zijn geen zienswijzen ingediend.
Hoe kunnen belanghebbenden beroep indienen?
Van 7 augustus 2014 tot en met 17 september 2014 staat voor belanghebbenden beroep
open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op deze besluiten
is de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat alle beroepsgronden binnen
de beroepstermijn bekend moeten zijn.
Het is niet toegestaan buiten de termijn nog (aanvullende) beroepsgronden aan te voeren.
Het instellen van beroep tegen het besluit geschiedt door indiening van een ondertekend
beroepschrift dat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening,
een omschrijving van het besluit waartegen het is gericht, alsmede de gronden van
het beroep bevat. Daarnaast dient u in het beroepschrift aan te geven tegen welk specifiek
besluit beroep wordt ingesteld, aan wie het besluit is gericht en op welke datum het
besluit is genomen.
Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad
van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het instellen van beroep schorst de werking
van het besluit niet.
Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een
voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het
verzoek tot een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van
de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den
Haag.
Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.
Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoekschrift om een voorlopige
voorziening is griffierecht verschuldigd.