Burgemeester en Wethouders van Gouda maken op grond van artikel 3.8, lid 3 van de
Wet ruimtelijke ordening bekend dat de gemeenteraad van Gouda op 11 december 2013
het bestemmingsplan “Westergouwe herziening 1” gewijzigd heeft vastgesteld. Het plangebied
omvat een groot deel van het eerste deelgebied van Westergouwe en maakt een aantal
aanpassingen in het stedenbouwkundig plan mogelijk. De planaanpassingen betreffen
het vergroten van twee wooneilanden, het mogelijk maken van meer laagbouw in plaats
van hoogbouw op het eerste wooneiland, en het verleggen van de hoofdontsluitingsweg
en een hoofdwatergang in het deelgebied Tuinen 3.
Bij de vaststelling is de volgende wijziging aangebracht ten opzichte van het ontwerp:
in de bestemming "Woongebied" wordt in de noordwesthoek een maximale bouwhoogte van
12 meter opgenomen in plaats van de 20 meter uit het ontwerpbestemmingsplan.
Het bestemmingsplan, inclusief de daarbij behorende stukken, ligt van 23 januari 2014
tot en met 6 maart 2014 voor een ieder op de volgende wijzen ter inzage:
Het plan heeft het volgende kenmerk: NL.IMRO.0513.1101BPHerzWG1-DF01. Kijk voor meer informatie op www.gouda.nl/ruimtelijkeplannen
.
Tegen het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan “Westergouwe herziening
1” kan vanaf 24 januari 2014 tot en met 6 maart 2014 beroep worden ingesteld bij de
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, postbus 20019, 2500 EA Den Haag.
De mogelijkheid om beroep in te stellen bestaat voor belanghebbenden:
-
– die tijdig hun zienswijze bij de gemeenteraad naar voren hebben gebracht;
-
– die bezwaar hebben tegen de aangebrachte wijzigingen;
-
– aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten, dat zij niet tijdig zienswijzen over
het ontwerp bij de gemeenteraad kenbaar hebben gemaakt.
Op dit besluit, is afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing
(art. 1.1 Chw jo. Bijlage II, A. Nota Ruimte, nr. 14 Chw). Deze afdeling beperkt het
beroepsrecht en stelt striktere eisen aan het beroepschrift; dit brengt onder meer
met zich mee dat alle beroepsgronden in het beroepschrift dienen te worden opgenomen
en deze na afloop van de beroepstermijn niet meer kunnen worden aangevuld.
Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking voor het bestemmingsplan. Degene
die beroep instelt kan daarom tegelijk een verzoek om een voorlopige voorziening vragen
aan de voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, op hetzelfde
adres.
Het vaststellingsbesluit treedt een dag na afloop van de beroepstermijn in werking.
Is op dat moment nog niet beslist over een verzoek tot een voorlopige voorziening,
dan treedt het besluit niet eerder in werking dan op het verzoek om voorlopige voorziening
is beslist.