Burgemeester en wethouders van de gemeente Amstelveen,
overwegende,
dat er aan de westzijde van Stadstuinen een parkeerhaven ligt waarvan de vier meest zuidelijk gelegen plaatsen zijn aangewezen als taxistandplaats;
dat deze plaatsen in de praktijk slechts af en toe voor dit doel worden gebruikt;
dat een vertegenwoordiging van de Amstelveense taxiondernemers heeft aangegeven dat de taxibranche geen behoefte heeft aan deze taxistandplaatsen;
dat de plaatsen als zodanig kunnen worden opgeheven;
dat er aan de andere zijde van Stadstuinen een parkeerterrein ligt waarvan de parkeerplaatsen zijn aangewezen als parkeerapparatuurplaatsen;
dat automobilisten overdag en op koopavond op de aangegeven tijden op deze plaatsen slechts tegen betaling van parkeerbelasting mogen parkeren;
dat de aanwijzing daarvan is geregeld in het Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen Amstelveen 2014;
dat er op dit terrein ook zes algemene gehandicaptenparkeerplaatsen liggen;
dat de plaatsen door hun aanwijzing als algemene gehandicaptenparkeerplaats overeenkomstig het gemeentelijke beleid buiten het betaalregime vallen;
dat het parkeren op deze algemene gehandicaptenparkeerplaatsen maximaal vier uur achtereen is toegestaan;
dat vier van de zes algemene gehandicaptenparkeerplaatsen kunnen worden verplaatst naar de westkant van Stadstuinen en daar op de plaats van de op te heffen taxistandplaatsen kunnen worden aangelegd;
dat de vier hierdoor vrijkomende parkeerplaatsen op het parkeerterrein daarmee parkeerapparatuurplaatsen worden;
dat het uit oogpunt van duidelijkheid voor de gebruiker wenselijk is om het betaald parkeren te concentreren op het parkeerterrein;
dat het Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen Amstelveen 2014 hiervoor niet hoeft te worden gewijzigd;
dat voor het opheffen van taxistandplaatsen en voor het verplaatsen van gehandicaptenparkeerplaatsen een verkeersbesluit is voorgeschreven;
dat overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer namens de korpschef van de regiopolitie Amsterdam-Amstelland overleg is gepleegd met een gemandateerde specialist van het team Verkeersadvisering;
dat de genoemde plaatsen binnen de bebouwde kom liggen en bij de gemeente Amstelveen in beheer zijn;
gelet op de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer en het mandaatbesluit van ons college van 19 november 2013;
BESLUITEN:
Als u het niet eens bent met het besluit, kunt u binnen zes weken na de bekendmaking van dit besluit een bezwaarschrift (schriftelijk, gemotiveerd en ondertekend) indienen bij Burgemeester en wethouders van de gemeente Amstelveen, postbus 4, 1180 BA Amstelveen.
Het indienen van een bezwaarschrift schort de werking van het besluit niet op. De mogelijkheid bestaat om - zodra het bezwaarschrift is ingediend - tevens een verzoek om voorlopige voorziening in te dienen. Hier zijn kosten aan verbonden. Het verzoek om voorlopige voorziening stuurt u naar de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam, sector Bestuursrecht, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam.