Besluit van de inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport, van 24 april 2014, nr. IENM/ILT-2014/4789, houdende verlening van ondermandaat, volmacht en machtiging inzake handhaving van BZK-wetgeving (Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging Inspectie Leefomgeving en Transport handhavingsbevoegdheden BZK-wetgeving)

De inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport,

Gelet op het Besluit mandatering aan ILT van handhavingsbevoegdheden en aanwijzing toezichthouders op het terrein van BZK-wetgeving en de afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. de directeur:

de directeur ILT/Water, Bodem en Bouwen, bedoeld in de bij het Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2012 behorende bijlage;

b. het hoofd:

het hoofd van de afdeling Handhaving Bouwen, Wonen en Ruimte, bedoeld in de bij het Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2012 behorende bijlage;

c. de inspecteurs:

de inspecteurs ILT van de afdeling Bouwen, Wonen en Ruimte, bedoeld in de bij het Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2012 behorende bijlage.

Artikel 2

  • 1. Aan de directeur, het hoofd en de inspecteurs wordt, ieder voor zover het behoort bij zijn taken, mandaat, volmacht en machtiging verleend voor het nemen van besluiten en het verrichten van overige handelingen die verband houden met de handhavingsbevoegdheden BZK-wetgeving, genoemd in het Besluit mandatering aan de ILT van handhavingsbevoegdheden en aanwijzing toezichthouders op het terrein van BZK-wetgeving.

  • 2. Het eerste lid is niet van toepassing op het vaststellen, wijzigen of intrekken van beleidsregels.

Artikel 3

  • 1. Een op grond van dit besluit verleend mandaat omvat mede de bevoegdheid tot het beslissen op bezwaar.

  • 2. In afwijking van het vorige lid mag de beslissing op bezwaar niet in mandaat worden genomen door degene die:

    • a. het besluit waartegen het bezwaar is gericht, heeft genomen; of

    • b. in een hiërarchische verhouding ressorteert onder de functionaris die het besluit waartegen het bezwaar zich richt, heeft genomen.

Artikel 4

Aan de functionarissen van het team Juridische Zaken, bedoeld in de bij het Organisatie- en mandaatbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport 2012 behorende bijlage, wordt machtiging verleend voor de behandeling van beroepschriften over de in artikel 2 bedoelde besluiten en het voeren van verweer.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2014.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging Inspectie Leefomgeving en Transport handhavingsbevoegdheden op het terrein van BZK-wetgeving.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De inspecteur-generaal leefomgeving en transport, J. Thunnissen

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende tegen dit besluit binnen zes weken na de dag van dagtekening van deze Staatscourant een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport, Postbus 16191, 2500 BD Den Haag.

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en ten minste bevatten:

  • a. naam en adres van de indiener;

  • b. de dagtekening;

  • c. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt, onder vermelding van datum en nummer of kenmerk; en

  • d. een opgave van de redenen waarom men zich met het besluit niet kan verenigen.

Naar boven