De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Gelet op artikel 123, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 120,
eerste lid, van de Wet op de expertisecentra;
Besluit:
ARTIKEL I. WIJZIGING REGELING BEKOSTIGING PERSONEEL PO 2012–2013 EN AANPASSING BEDRAGEN
LEERLINGGEBONDEN BUDGET VO 2012–2013
De Regeling bekostiging personeel PO 2012–2013 en aanpassing bedragen leerlinggebonden
budget VO 2012–2013 wordt als volgt gewijzigd:
A
Na artikel 38a wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 38b. Bijzondere bekostiging ten behoeve van de professionalisering van schoolleiding
-
1. Voor de laatste 7 maanden van het schooljaar 2012–2013 ontvangt het bevoegd gezag
van een basisschool met een aantal leerlingen dat op 1 oktober 2011 niet hoger is
dan 97 leerlingen, € 1412 per school en voor een basisschool met een aantal leerlingen
dat op 1 oktober 2011 hoger is dan 97 leerlingen, € 2824 per school.
-
2. Voor de laatste 7 maanden van het schooljaar 2012–2013 ontvangt het bevoegd gezag
van een speciale school voor basisonderwijs met een aantal leerlingen dat op 1 oktober
2011 niet hoger is dan 100 leerlingen, € 1412 per school en voor een speciale school
voor basisonderwijs met een aantal leerlingen dat op de 1 oktober 2011 hoger is dan
100 leerlingen, € 2824 per school.
-
3. Voor de laatste 7 maanden van het schooljaar 2012–2013 ontvangt het bevoegd gezag
van een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs een bedrag, dat is onderverdeeld
in speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en scholen die beide onderwijssoorten
verzorgen alsmede naar wel of niet meervoudig gehandicapten (MG) onderwijssoorten
en aantal leerlingen op 1 oktober 2011 zoals is weergegeven in onderstaande tabel:
|
aantal leerlingen
|
SO of VSO
|
SOVSO
|
MG SO of VSO
|
MG SOVSO
|
|
1 tot en met 49
|
€ 1.412
|
€ 1.412
|
€ 2.824
|
€ 2.824
|
|
50 of meer
|
€ 2.824
|
€ 4.236
|
€ 2.824
|
€ 4.236
|
-
4. Voor nieuwe scholen die met ingang van 1 augustus 2012 zijn geopend wordt voor de
toepassing van het eerste tot en met derde lid uitgegaan van het aantal leerlingen
op 1 oktober 2012.
B
Aan artikel 43 wordt een nieuw lid toegevoegd, luidende:
ARTIKEL II. INWERKINGTREDING
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
TOELICHTING
Algemeen
Het kabinet trekt € 29,5 mln. uit voor de verdere professionalisering van schoolleiders
in het primair onderwijs. Dit bedrag komt bovenop de middelen die eerder via de prestatiebox
zijn verstrekt voor professionalisering van schoolleiders. De Minister van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap heeft met de PO-Raad, AVS, AOb en CNV-Onderwijs afgesproken
dat deze nieuwe middelen aan de lumpsum worden toegevoegd, als voor 1 februari 2013
voldaan is aan de volgende voorwaarden:
-
– in de cao PO moet worden afgesproken dat de middelen worden besteed aan de professionalisering
van schoolleiders; en
-
– bekwaamheidsonderhoud en registratie van schoolleiders mag niet langer vrijblijvend
zijn.
De sociale partners zijn erin geslaagd om binnen de gestelde termijn deze afspraken
te maken over professionalisering van schoolleiders. De gemaakte afspraken in de cao
PO luiden als volgt:
Professionalisering schoolleider
-
1. De werkgever en directieleden benoemd of aangesteld in schaal AB tot en met AE en
DA tot en met DC+ maken in het kader van de gesprekkencyclus afspraken over de professionele
ontwikkeling van het directielid.
-
2. Deze afspraken hebben betrekking op deskundigheidsbevordering in het kader van de
door het Schoolleidersregister PO vastgestelde bekwaamheidseisen én zijn gericht op
het kunnen realiseren van de ontwikkelingsdoelen van de organisatie.
-
3. Het directielid genoemd in lid 1 heeft, naast de bestaande scholingsbudgetten, recht
op een professionaliseringsbudget van € 2000,– per jaar. Dit budget wordt in overleg
met de werkgever ingezet in de vorm van studieverlof en/of studiekostenvergoeding.
Tevens kan dit budget worden besteed aan andere professionaliseringsactiviteiten.
-
4. Het directielid kan in overleg met de werkgever het professionaliseringsbudget gedurende
maximaal drie jaar sparen. Is het professionaliseringsbudget binnen vier jaar niet
besteed dan zal dit aan het algemene scholingsbudget worden toegevoegd.
-
5. In het jaarlijkse functioneringsgesprek en/of beoordelingsgesprek worden de besteding
van het scholingsbudget en de opgedane kennis en vaardigheden besproken.
Schoolleidersregister
-
1. Zodra het schoolleidersregister is opengesteld (naar verwachting in het voorjaar van
2013) zijn alle directieleden verplicht zich te registreren in dit register. De werkgever
vergoedt de kosten van deze verplichte registratie.
-
2. De verplichte herregistratie vindt eenmaal per vier jaar plaats. De nadere regels
voor en de eisen aan de herregistratie worden op een later moment door sociale partners
vastgesteld.
-
3. Het directielid dat niet voldoet aan de bekwaamheidseisen komt niet in aanmerking
voor herregistratie. Het niet geregistreerd zijn heeft rechtspositionele gevolgen.
Hiervoor zullen nadere regels worden vastgelegd in de volgende cao PO. Tevens worden
afspraken gemaakt over het tijdsbestek waarin het directielid de mogelijkheid krijgt
zich te ontwikkelen en verbeteren om alsnog aan de bekwaamheidseisen te voldoen.
-
4. Indien de schoolleider als gevolg van verwijtbaar handelen door de werkgever niet
in staat is gesteld te voldoen aan de onderhoudsplicht op grond van dit artikel en
de schoolleider hierdoor schade lijdt binnen of direct aansluitend aan zijn dienstverband,
is de werkgever die in gebreke is gebleven, aansprakelijk.
De sociale partners hebben met deze cao-afspraken een grote en betekenisvolle stap
gezet, waardoor professionalisering is verankerd in het personeelsbeleid voor schoolleiders.
Op basis van deze cao-afspraken worden de middelen voor professionalisering van schoolleiders
voor twee jaar (2013 en 2014) dan ook aan de lumpsum toegevoegd.
Deze afspraken zijn echter op zichzelf nog niet afdoende. Op drie punten moeten ze
nog worden geconcretiseerd om te verzekeren dat schoolleiders ook daadwerkelijk extra
aan hun professionalisering kunnen werken:
-
1. De bekwaamheidseisen en de eisen aan de herregistratie zijn nog niet vastgesteld.
-
2. Het schoolleidersregister is nog niet gereed, waardoor schoolleiders zich nog niet
kunnen registreren.
-
3. De nadere regels rondom de rechtspositionele gevolgen van het niet geregistreerd zijn
worden vastgelegd in de volgende cao PO (2014).
Indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, ben ik voornemens de middelen ook
in de jaren na 2014 via de lumpsum aan de scholen toe te kennen:
-
– In de eerste helft van 2013 wordt het schoolleidersregister operationeel.
-
– In 2013 worden ambitieuze bekwaamheidseisen en (her)registratie-eisen afgesproken
voor het nieuwe schoolleidersregister.
-
– In 2014 is de nieuwe cao PO van kracht, waarin is geconcretiseerd wat de rechtspositionele
gevolgen zijn als een schoolleider niet aan de bekwaamheidseisen en daarmee niet aan
de eisen voor herregistratie voldoet. Deze rechtspositionele gevolgen moeten zodanig
zijn, dat er civiele werking uitgaat van het register.
Eind 2014 zal worden beoordeeld of aan deze voorwaarden is voldaan. Op basis van deze
beoordeling kunnen de middelen ofwel structureel aan de lumpsum worden toegevoegd,
ofwel vanaf schooljaar 2015–2016 op een andere manier worden ingezet als niet aan
de voorwaarden is voldaan.
De bedragen en betaling voor 2013
Vanaf 2013 is er jaarlijks € 29,5 miljoen beschikbaar voor de verdere professionalisering
van schoolleiders in het primair onderwijs.
In mei 2013 vindt een aparte toekenning plaats voor de eerste 7 maanden (65,45%) van
het budget voor professionalisering schoolleiders PO. Vanaf de publicatie van de Regeling
personele bekostiging PO 2013–2014 zal het budget beschikbaar gesteld worden via een
verhoging van de directietoeslag.
Gevolgen voor de administratieve lasten
Bij de voorbereiding van deze wijzigingsregeling is nagegaan of sprake is van administratieve
lasten voor instellingen, bedrijfsleven of burgers. Daarbij is de regeling intern
ter beoordeling voorgelegd voor toetsing op administratieve lasten. OCW voorziet dat
aan dit voorstel geen administratieve lasten zijn verbonden omdat er geen informatieverplichtingen
mee gemoeid zijn en daardoor geen sprake is van administratieve lasten. De wijzigingsregeling
betreft een toevoeging van middelen aan de lumpsum, waarbij geen sprake is van bestedingsverplichting
noch van extra verantwoording.
Inwerkingtreding/Vaste verandermomenten
Er wordt in deze wijzigingsregeling afgeweken van de vaste verandermomenten en de
minimale invoeringstermijn van twee maanden. Reden hiervoor is dat het onderwijsveld
gebaat is bij een snelle inwerkingtreding.
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
S. Dekker