Beschikking, houdende ontheffing van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, voor het uitvoeren van een nachtsprong en een VFR-vlucht in klasse A luchtruim bij nacht

Datum: 7 maart 2013

Nummer: ILT-2013/6297

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gezien het verzoek om ontheffing d.d. 7 februari 2013, van Skydive Rotterdam. Contactpersoon: M. van Beveren/T. Pruisken. Adres: Zaventumbaan 5, 3045 AR Rotterdam, tel.: 010-4159450/06-51190996; e-mail: jump@skydiverotterdam.com;

Overwegende dat:

  • het doel van de vluchten is het incidenteel uitvoeren van parachutesprongen buiten de daglichtperiode door Skydive Rotterdam;

  • er weinig mogelijkheden zijn om een nachtsprong uit te voeren, niet alleen door het verbod in de Regeling valschermspringen 2010, maar ook door de noodzakelijke beschikbaarheid van een paravliegtuig met IFR-uitrusting, een gekwalificeerde vlieger en een luchthaven waar starts en landingen met een paravliegtuig ’s avonds in het donker worden geaccommodeerd;

  • dat deze ontheffing slechts het bijzonder gebruik van het luchtruim regelt en niet:

    • het gebruik van de landingslocatie door de valschermspringers;

    • de kwalificatie van de valschermspringers;

Gelet op artikel 44, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement en artikel 3, tweede lid van de Regeling valschermspringen 2010;

BESLUIT:

Artikel 1

Deze beschikking is van toepassing op:

  • het luchtvaartuig van het type Cessna 208B, met als registratie PH-BSU, in gebruik bij Skydive Rotterdam waarmee de VFR-vluchten worden uitgevoerd, naar het vaste valschermspringgebied Rhoon 51°51’08”NB en 004°26’10”OL, tot een hoogte van maximaal FL 120 voor meerdere paradroppings en

  • op de parachutisten van Skydive Rotterdam.

Artikel 2

  • 1. Aan de gezagvoerder van het in artikel 1 genoemde luchtvaartuig wordt op 30 maart 2013, tussen zonsondergang en 23.00 uur LT ontheffing verleend van het verbod tot het uitvoeren van VFR-vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse A en van het verbod tot het uitvoeren van VFR-vluchten buiten de daglichtperiode, genoemd in artikel 44, eerste lid, onder a en b, van het Luchtverkeersreglement, met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:

    • a. voor het uitvoeren van de vlucht is het luchtvaartuig uitgerust met de instrumenten die zijn vereist voor IFR-vluchten, aangevuld met verlichting van instrumenten en installaties, navigatielichten, een landingslichtinstallatie, verlichting in de passagiersruimte en een elektrische zaklantaarn voor ieder lid van het stuurhutpersoneel;

    • b. de gezagvoerder beschikt over een geldige CPL met bevoegdverklaring IR;

    • c. de vluchten worden uitgevoerd als een gecontroleerde VFR-vlucht;

    • d. voor de vluchten wordt tijdig een vliegplan ingediend;

    • e. tijdens het uitvoeren van de vluchten is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersleidingsdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;

    • f. de vluchten worden slechts uitgevoerd indien het vliegzicht minimaal 8 km bedraagt en de afstand tot de wolken horizontaal 1500 m en verticaal 300 m bedraagt;

    • g. ten minste 5 dagen van tevoren worden de vluchtgegevens, de te vliegen route en andere relevante informatie aangeleverd bij de operationele helpdesk; tel.: 020-4062201; fax: 020-4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl;

    • h. één uur vóór aanvang van de vluchten wordt gecoördineerd met de operationele helpdesk; tel.: 020-4062201; fax: 020-4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl; aan de voorwaarden door hen gesteld wordt strikt de hand gehouden;

  • 2. Aan de valschermspringers van of te gast bij Skydive Rotterdam wordt ontheffing verleend van het verbod in artikel 3, eerste lid onder c van de Regeling valschermspringen 2010 om te springen buiten de daglichtperiode, mits

    • a. de springbak deugdelijk is verlicht en

    • b. de omgeving van tevoren is gecheckt op obstakels.

Artikel 3

De aanvrager draagt er zorg voor dat de gezagvoerder en de valschermspringers bekend zijn met de inhoud van deze beschikking.

Artikel 4

De aanvrager voert bij de voorbereiding van de vlucht een veiligheidsanalyse uit. Daarbij wordt in kaart gebracht welke risico’s er zijn als gevolg van het uitvoeren van VFR-vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse A buiten de daglichtperiode. Vervolgens worden risicobeperkende maatregelen in kaart gebracht en toegepast zodanig dat de vlucht op een verantwoorde wijze kan worden uitgevoerd.

Artikel 5

Het niet of niet volledig nakomen van de bovenstaande voorschriften en beperkingen kan aanleiding zijn deze ontheffing in te trekken.

Artikel 6

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 30 maart 2013 en vervalt op 1 april 2013, tenzij deze voortijdig wordt ingetrokken.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR IVW/LUCHTVAART, M. van Velzen Senior Inspecteur

Bezwaarmogelijkheid

Indien u het niet eens bent met deze beslissing kunt u hiertegen, op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de datum waarop deze beslissing is verzonden schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Team Juridische Zaken

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

Naar boven