Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Milieu | Staatscourant 2013, 35208 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Milieu | Staatscourant 2013, 35208 | Ontheffingen |
Datum: 9 december 2013
Nummer: ILT-2013/44923
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;
Gezien het verzoek om ontheffing van 29 oktober 2013 van Heli Holland Air Service BV, contactpersoon: T.R. Heinen, adres: Kanaal B ZZ 3, 7881 NB Emmer Compascuum, tel.: 0591-351 251; e-mail: info@heliholland.nl;
Overwegende dat:
– Heli Holland Air Service BV vluchten uitvoert voor het vastleggen van beelden voor professionele nieuwsgaring in het kader van een commerciële en professionele bedrijfsvoering, zoals het uitvoeren van foto-, film- en scanvluchten, alsmede het vervaardigen van documentatie- en promotiemateriaal;
– Heli Holland Air Service BV voor andere werkzaamheden (vervoer en rondvluchten met helikopters) beschikt over een AOC en een veiligheidsmanagementsysteem gebruikt;
– de helikopters met de registratie PH-HHC, PH-HHJ en PH-HVH die gebruikt gaan worden voor de vluchtuitvoering ruimschoots voldoen aan de internationale geluidseisen (met een marge van 12 EPNL cumulatief ten opzichte van de grenswaarde), waardoor er sprake is van relatief stille helikopers;
– het gezien die geluidsprestatie en de voorschriften en beperkingen in deze ontheffing en de ervaring van de afgelopen jaren, de verwachting is dat het laagvliegen wel zal leiden tot incidentele geluidsoverlast met een maximale geluidsbelasting van 90.9 EPNL op grondniveau als gevolg van het overvliegen, maar de overlast kortdurend zal zijn door de maximale periode van een kwartier per locatie;
– de evaluatie van de eerder verleende ontheffingen heeft aangetoond dat de locaties waar laag zal worden gevlogen, verspreid liggen over heel Nederland;
– er geen specifieke wettelijke bepalingen zijn voor geluidsoverlast voor overvliegen;
– analoog aan het ontheffingenbeleid voor de geluidsoverlast in de Wet Milieubeheer en het incidentele karakter van de overlast die zal worden ondervonden, de overlast als aanvaardbaar moet worden geacht;
– vluchten uitgevoerd op grond van deze ontheffing, niet lager uitgevoerd worden dan 500 ft boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenmenigten;
– de Vrijstellingsregeling LVR dergelijke mogelijkheden biedt buiten plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden en buiten aaneengesloten bebouwing en mensenmenigten.
Gelet op artikel 45, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement;
BESLUIT:
Deze beschikking is van toepassing op de helikopters van het type AS 355 Aerospatiale Twinstar F1 en F2, met de nationaliteits- en inschrijvingskenmerken PH-HHC, PH-HHJ en PH-HVH, dan wel een gelijkwaardige vervangende helikopter in gebruik bij Heli Holland Air Service BV, waarmee VFR-vluchten worden uitgevoerd voor het vastleggen van beelden voor professionele nieuwsgaring en in het kader van een commerciële en professionele bedrijfsvoering, zoals het uitvoeren van foto-, film- en scanvluchten, alsmede het vervaardigen van documentatie- en promotiemateriaal.
Aan de gezagvoerders van de in artikel 1 genoemde helikopters wordt van 10 december 2013 tot en met 10 december 2014 ontheffing verleend van het verbod, genoemd in artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van het Luchtverkeersreglement om een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte binnen plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden of boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, gedurende de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de in artikel 60, onderdeel a, bedoelde luchtvaartgids, met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:
a. de minimum toegestane vlieghoogte boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, bedraagt 500 ft doch ten minste 100 ft boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 m van het luchtvaartuig;
b. de vliegroute, vlieghoogte en vliegsnelheid worden zodanig gekozen dat:
1°. overlast voor derden zoveel mogelijk wordt vermeden;
2°. vee niet wordt verstoord;
3°. geluidsgevoelige objecten, zoals dierentuinen, ziekenhuizen, etc. worden gemeden;
4°. ingeval van een noodlanding het risico voor inzittenden en derden zoveel mogelijk wordt beperkt;
5°. met inachtneming van artikel 19 van de Regeling Luchtverkeersdienstverlening1 de volgende adviessnelheden in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse G in acht worden genomen:
|
Vliegzicht (m) |
Adviessnelheid (kts) |
|---|---|
|
800 – 1500 |
< 50 |
|
1500 – 2000 |
< 100 |
|
2000 – 5000 |
< 120 |
c. de gezagvoerder stelt zich van tevoren op de hoogte van plaatsen die geschikt zijn voor het uitvoeren van een noodlanding;
d. elke vlucht wordt uitgevoerd met een zodanige combinatie van hoogte en snelheid dat de vlieger in staat is om, in geval van een motorstoring, van bebouwing of mensen weg te vliegen;
e. de vlucht wordt zodanig uitgevoerd dat niet wordt gevlogen in het gevaarlijke gebied van het hoogtesnelheidsdiagram, aangegeven in het vlieghandboek van de desbetreffende helikopter van het type AS 355 Aerospatiale Twinstar F1, alsmede in het vlieghandboek van de desbetreffende helikopter van het type AS 355 Aerospatiale Twinstar F2;
f. er wordt niet bij voortduring laaggevlogen, doch slechts gedurende de periode dat dit voor het uitvoeren van de vluchten noodzakelijk is en slechts op het traject zoals dat van tevoren aan de Landelijke eenheid, afdeling luchtvaart is doorgegeven;
g. voor het maken van laagvliegopnamen vanuit de helikopter voor het vervaardigen van documentatie- en promotiemateriaal is hoogstens een kwartier per locatie toegestaan;
h. vóór en ná de vlucht is de opdracht van de opdrachtgever ter inzage aanwezig zodat deze kan worden gecontroleerd door de Landelijke eenheid, afdeling luchtvaart of de Inspectie Leefomgeving en Transport;
i. er worden geen passagiers vervoerd tijdens de foto/filmvlucht, anders dan benodigd voor het vervaardigen van het foto/filmmateriaal;
j. er dient, na het ingediende vliegplan, eerst een klaring te zijn verkregen van de betrokken plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst voor vluchten die plaatsvinden binnen het plaatselijke luchtverkeersleidingsgebied;
k. tijdens het uitvoeren van de vlucht in een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersleidingsdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;
l. tijdens alle vluchten die worden uitgevoerd binnen het kader van deze ontheffing in ongecontroleerd luchtruim, luistert de bemanning uit op de van toepassing zijnde frequentie van Amsterdam Information of AOCS NM.
a. in het kader van een commerciële en professionele bedrijfsvoering wordt relevante informatie (zgn. draaiboeken) betreffende het uitvoeren van vluchten voor de verschillende evenementen minimaal 5 werkdagen vooraf aan de Operationele Helpdesk van de LVNL doorgegeven;
b. alle vluchten binnen een plaatselijk luchtverkeersleidinggebied worden tijdig bij de desbetreffende luchtverkeersleidingorganisatie aangemeld;
c. foto/filmvluchten worden volgens de ‘procedure surveyflights’ aangeboden aan de LVNL; hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen korte surveyflights en surveyprojecten;
d. ten minste één uur vóór aanvang van de vlucht wordt contact opgenomen met de Operationele Helpdesk van de LVNL; aan de voorwaarden door hem gesteld wordt strikt de hand gehouden;
e. ten minste één uur vóór aanvang van het binnenvliegen van een militaire CTR wordt door de gezagvoerder contact opgenomen met de plaatselijke militaire luchtverkeersleiding en bij geen gehoor met de Supervisor van AOCS NM (tel.: 0577-458700); aan de voorwaarden door hen gesteld wordt strikt de hand gehouden;
f. voor het uitvoeren van ‘pipeline control vluchten’ in het plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied van Amsterdam Airport Schiphol, Rotterdam Airport, Groningen Eelde Airport dan wel Maastricht Aachen Airport worden voorafgaand aan de vlucht de desbetreffende routes met de Operationele Helpdesk van de LVNL gecoördineerd;
g. een uur vóór de aanvang van de vlucht wordt de meldkamer van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart ingelicht (tel.: 020-5025693, fax: 020-5025699 en e-mail dlvplvt@klpd.politie.nl) en worden de volgende gegevens verstrekt per fax of e-mail:
1. naam gezagvoerder(s), registratie en model/type helikopter;
2. route en periode van de voorgenomen vlucht.
h. Voorafgaand aan of, indien dit niet mogelijk is, direct na afloop van de vlucht besteedt de ontheffinghouder in de plaatselijke media aandacht aan de uit te voeren of uitgevoerde vlucht, waarbij ten minste het volgende wordt aangegeven:
1. het doel van de vlucht;
2. een zo exact mogelijke omschrijving van de locatie;
3. de dag;
4. het tijdstip van aanvang en de verwachte duur van de vlucht;
5. en dat klachten gemeld kunnen worden bij de ontheffinghouder en bij de Inspectie Leefomgeving en Transport, tel.: 088 489 00 00 of aviation-approvals@ilent.nl;
de ontheffinghouder doet deze bekendmaking in de plaatselijke media, in kopie onder vermelding van het kenmerk van deze ontheffing, middels e-mail (aviation-approvals@ilent.nl), toekomen aan de Inspectie Leefomgeving en Transport.
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, M. van Velzen senior inspecteur
Bezwaarmogelijkheid
Indien u het niet eens bent met deze beslissing kunt u hiertegen, op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de datum waarop deze beslissing is verzonden schriftelijk bezwaar aantekenen.
Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
– de naam en het adres van de indiener;
– de dagtekening;
– een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;
– de gronden van het bezwaar.
Het bezwaarschrift kunt u richten aan:
Inspectie Leefomgeving en Transport
Team Juridische Zaken
Postbus 16191
2500 BD Den Haag
Artikel 19
In luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse G op of beneden 915 m (3000 ft) MSL geldt een vliegzicht gelijk aan of groter dan 800 m, mits wordt gevlogen met zodanige snelheid dat tijdig uitwijken voor ander luchtverkeer en hindernissen mogelijk is, voor:
c. helikopters die blijkens een vrijstelling of ontheffing van de Luchtverkeersbeveiligingsorganisatie ingevolge artikel 45, vierde lid, van het Luchtverkeersreglement , vluchten uitvoeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte, voorzover in die vrijstelling of ontheffing geen hogere waarden zijn vastgesteld.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2013-35208.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.