Beschikking van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, houdende ontheffing van het verbod VFR-vluchten uit te voeren buiten de daglichtperiode, alsmede tot het uitvoeren van VFR-vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse A

Datum: 6 december 2013

Nummer: ILT-2013/43972

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gezien het verzoek om ontheffing van 11 november 2013 van Hansa Luftbild Sensorik und Photogrammetrie GmbH, adres: Nevinghoff 20, 48369 Műnster, Duitsland, contactpersoon: de heer T.J.M. Sträter, tel.: +49 251 2330 203, e-mail: Straeter@hansaluftbild.de;

Overwegende dat het doel van de vlucht is het uitvoeren van diverse luchtfotogrammetrie- en laseraltimetrievluchten in opdracht van het Rijk, de provincies en gemeenten;

Gelet op artikel 44, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement;

BESLUIT:

Artikel 1

Deze beschikking is van toepassing op de vliegtuigen van het type Cessna 210 met nationaliteits- en inschrijvingskenmerk D-EAOO, Cessna 402 met nationaliteits- en inschrijvingskenmerk D-IHLB en Cessna 404 met nationaliteits- en inschrijvingskenmerk D-IDOS, dan wel gelijkwaardige vervangende vliegtuigen, in gebruik bij Hansa Luftbild Sensorik und Photogrammetrie GmbH, waarmee de VFR-vluchten worden uitgevoerd.

Artikel 2

VFR-VLUCHTEN BUITEN DE DAGLICHTPERIODE

Aan de gezagvoerders van de in artikel 1 genoemde vliegtuigen wordt een ontheffing verleend van het verbod om VFR-vluchten uit te voeren buiten de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de in artikel 60, onderdeel a, bedoelde luchtvaartgids, met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. voor het uitvoeren van de vlucht is het luchtvaartuig uitgerust met de instrumenten die zijn vereist voor IFR-vluchten, aangevuld met verlichting van instrumenten en installaties, navigatielichten, een landingslichtinstallatie, verlichting in de passagiersruimte en een elektrische zaklantaarn voor ieder lid van het stuurhutpersoneel;

  • b. de gezagvoerder beschikt over een geldige CPL met bevoegdverklaring IR;

  • c. de vluchten worden uitgevoerd als een gecontroleerde VFR-vlucht;

  • d. vóór de vlucht wordt tijdig een vliegplan ingediend; indien de vlucht plaatsvindt in de CTR’s en/of TMA’s van Schiphol en Rotterdam dient men tijdig te coördineren met de Operationele Helpdesk LVNL, tel.: 020 4062201 (0700-1700 LT); fax: 020 4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl;

  • e. tijdens het uitvoeren van de vlucht is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersleidingsdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;

  • f. het vliegzicht bedraagt ten minste 5 km en de afstand van het luchtvaartuig tot de wolken is groter dan 1.500 meter horizontaal en 450 meter verticaal;

  • g. tijdens het vliegen wordt het programma dat vooraf aan LVNL wordt doorgegeven (zie artikel 4, onderdeel a) nageleefd, tenzij een afwijkende klaring is verkregen.

Artikel 3

VFR-VLUCHTEN IN LUCHTVERKEERSDIENSTVERLENINGSGEBIEDEN MET KLASSE A

Aan de gezagvoerders van de in artikel 1 genoemde vliegtuigen wordt een ontheffing verleend van het verbod, genoemd in artikel 44, eerste lid, onderdeel b, van het Luchtverkeersreglement om VFR-vluchten uit te voeren in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse A, met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. de vluchten worden uitgevoerd als een gecontroleerde VFR-vlucht;

  • b. de gezagvoerder is te allen tijde in staat en bevoegd de vlucht onder instrumentvliegvoorschriften voort te zetten;

  • c. de vluchten worden slechts uitgevoerd indien het vliegzicht minimaal 8 km bedraagt en de afstand tot de wolken horizontaal 1500 m en verticaal 300 m bedraagt;

  • d. het luchtvaartuig is uitgerust voor vluchten onder instrumentvliegvoorschriften;

  • e. ten minste 5 werkdagen van tevoren worden vluchtgegevens, de te vliegen route en andere relevante informatie aangeleverd bij de Operationele Helpdesk LVNL, tel.: 020 4062201 (0700 1700 LT); fax: 020 4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl;

  • f. vóór aanvang van de vlucht wordt gecoördineerd met de Operationele Helpdesk LVNL, tel.: 020 4062201 (0700 1700 LT); fax: 020 4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl.

Artikel 4

Aan de gezagvoerders van de vliegtuigen die de in artikel 1 genoemde vluchten uitvoeren, wordt door de betrokken luchtverkeersleidingsdienst een afwijkende klaring als bedoeld in artikel 35, tweede lid, van het Luchtverkeersreglement verstrekt. Deze klaring wordt verstrekt voor het afwijken van luchtverkeersroutes als bedoeld in artikel 3 van de Regeling luchtverkeersdienstverlening, indien de luchtverkeerssituatie dit toelaat, mits de volgende voorschriften in acht worden genomen:

  • a. voor deze vluchten wordt de procedure gevolgd voor ‘Survey projects’, zoals die is gepubliceerd op de site van de Operationele Helpdesk LVNL: http://www.lvnl-ohd.nl/ ;

  • b. vóór aanvang van een vlucht worden de volgende gegevens ter informatie naar aviation-approvals@ilent.nl gestuurd:

    • gegevens opdrachtgever en contactpersoon

    • het maatschappelijk belang van de opdracht

    • specificatie van het te vliegen gebied (geen algemene omschrijving)

    • gewenste vlieghoogten

    • tijdsduur van opdracht

    • periode waarbinnen opdracht moet zijn gevlogen;

  • c. de aanvraag wordt pas door de Operationele Helpdesk LVNL in behandeling genomen wanneer deze vergezeld gaat van een ondertekende opdracht(verklaring); deze ondertekende opdracht bevat minimaal de informatie, genoemd in onderdeel b; voor het invullen van deze gegevens is een formulier beschikbaar; dit formulier is op te vragen bij de Operationele Helpdesk LVNL;

  • d. indien luchtverkeerstechnische redenen daartoe noodzaken, kan de betrokken luchtverkeersleidingsdienst de vlucht doen uitstellen, dan wel annuleren.

Artikel 5

Wanneer de vlucht zodanig van aard is dat hinder op de grond te verwachten valt, zorgt Hansa Luftbild Sensorik und Photogrammetrie GmbH ervoor dat voorafgaand aan de vlucht in de plaatselijke media aandacht is besteed aan de uit te voeren vlucht.

Artikel 6

Vluchten worden uitgevoerd in overeenstemming met de verleende opdrachten van de desbetreffende opdrachtgevers.

Artikel 7

De aanvrager draagt er zorg voor dat de gezagvoerder bekend is met de inhoud van deze ontheffing.

Artikel 8

De aanvrager voert bij de voorbereiding van elk project een veiligheidsanalyse uit. Daarbij wordt in kaart gebracht welke risico’s er zijn als gevolg van het uitvoeren van VFR-vluchten buiten de daglichtperiode, alsmede vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse A luchtruim. Vervolgens worden risicobeperkende maatregelen in kaart gebracht en toegepast zodanig dat de vlucht op een verantwoorde wijze kan worden uitgevoerd.

Artikel 9

Het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften of beperkingen kan aanleiding zijn deze ontheffing in te trekken.

Artikel 10

Deze beschikking treedt in werking van de eerste dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 1 januari 2015, tenzij deze voortijdig wordt ingetrokken.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, M. van Velzen senior inspecteur

Bezwaarmogelijkheid

Indien u het niet eens bent met deze beslissing kunt u hiertegen, op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de datum waarop deze beslissing is verzonden schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Team Juridische Zaken

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

Naar boven