Regeling van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 26 augustus 2013, nr. MinBuZa-2013.241909 tot wijziging van de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,

Gelet op de artikelen 4 tot en met 6 van de Wet strategische diensten en 4 van het Besluit strategische goederen;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 2 wordt `als bedoeld in de bijlage, onderdeel A of B’ vervangen door: als bedoeld in bijlage I of II.

B

In artikel 3 wordt `als bedoeld in de bijlage, onderdeel A of B’ vervangen door: als bedoeld in bijlage I.

C

In artikel 4, tweede lid, onderdeel d, vervalt ‘het CAS-registratienummer indien onderdeel A van de bijlage van toepassing is,’.

D

Het vijfde artikel wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid, onder a, wordt ‘indien artikel 4, derde lid, van toepassing is’ vervangen door: indien artikel 4, derde lid, van de wet van toepassing is.

2. In het tweede lid, onder d, vervalt ‘het CAS-registratienummer indien onderdeel A van de bijlage van toepassing is,’.

ARTIKEL II

De bijlage bij de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië wordt vervangen door de bijlagen I en II bij deze regeling.

ARTIKEL III

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de bijlagen en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, E.M.J. Ploumen.

BIJLAGE I BEHORENDE BIJ ARTIKEL 2 VAN DE REGELING GOEDEREN VOOR TWEEËRLEI GEBRUIK SYRIË

Nr.

SG-post

Test-, inspectie- en productieapparatuur

38

1b95001

Laboratoriumapparatuur voor het analyseren, destructief of niet-destructief, of het detecteren van stoffen, inclusief onderdelen en toebehoren voor deze apparatuur, en specifiek bedoeld voor medisch gebruik.

ALGEMENE NOOT BIJ DE BIJLAGE

  • 1. Met goederen worden in deze bijlage zowel nieuwe als gebruikte goederen bedoeld.

BIJLAGE II BEHORENDE BIJ ARTIKEL 2 VAN DE REGELING GOEDEREN VOOR TWEEËRLEI GEBRUIK SYRIË

Lijst van apparatuur die zou kunnen worden gebruikt voor binnenlandse repressie

NR.

Omschrijving apparatuur

1.

De vuurwapens, munitie en toebehoren als hieronder genoemd:

   

1.1

Vuurwapens die niet vallen onder ML 1of ML2 van de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen.

   

1.2

Munitie speciaal ontworpen voor de vuurwapens die zijn vermeld in punt 1.1 en speciaal daarvoor ontworpen onderdelen.

   

1.3

Vuurwapenvizieren die niet vallen onder de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen.

   

2.

Bommen en granaten die niet vallen onder de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen.

   

3.

De volgende voertuigen:

   

3.1

Voertuigen uitgerust met een waterkanon, die speciaal zijn ontworpen of aangepast voor oproerbeheersing.

   

3.2

Voertuigen die speciaal zijn ontworpen of aangepast om door middel van stroomstoten indringers af te weren.

   

3.3

Voertuigen die speciaal zijn ontworpen of aangepast om barricades te verwijderen, met inbegrip van constructiematerieel met bescherming tegen kogels.

   

3.4

Voertuigen die speciaal zijn ontworpen voor vervoer of overbrenging van gevangenen en/of gedetineerden.

   

3.5

Voertuigen die speciaal zijn ontworpen om mobiele barrières op te werpen.

   

3.6

Voor de in de punten 3.1 tot en met 3.5 vermelde voertuigen bestemde onderdelen, speciaal ontworpen voor oproerbeheersing.

Opmerking 1: Dit punt is niet van toepassing op voertuigen die speciaal zijn ontworpen voor brandbestrijding.

Opmerking 2: Voor de toepassing van punt 3.5 omvat de term ‘voertuigen’ ook opleggers en aanhangwagens.

   

4.

De volgende explosieven en aanverwante apparatuur:

   

4.1

Apparatuur en toestellen die speciaal ontworpen zijn voor het al dan niet elektrisch inleiden van explosies, met inbegrip van ontstekingstoestellen, detonatoren, ontstekers, boosters en slagkoord, alsmede speciaal daarvoor ontworpen onderdelen, met uitzondering van: apparatuur en toestellen die speciaal ontworpen zijn voor een specifiek commercieel gebruik, zijnde het door detonatie in werking stellen of doen functioneren van andere apparatuur of toestellen die niet het veroorzaken van explosies tot functie hebben (bijvoorbeeld toestellen voor het opblazen van airbags, piekstroombegrenzers of toestellen voor het in werking stellen van sprinklerinstallaties).

   

4.2

Ladingen voor directionele explosies die niet onder de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen vallen.

   

4.3

De volgende andere explosieven die niet onder de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen vallen, en aanverwante stoffen:

a) amatol;

b) nitrocellulose (met een stikstofgehalte van meer dan 12,5%);

c) nitroglycol;

d) penta-erythritoltetranitraat (PETN);

e) picrylchloride;

f) 2,4,6-trinitrotolueen (TNT).

   

5.

De volgende beschermende apparatuur die niet valt onder ML 13 van de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen:

   

5.1

Lichaamspantsering met bescherming tegen kogels en/of messteken

   

5.2

Kogel- en/of fragmentatiebestendige helmen, helmen voor oproerbeheersing, schilden voor oproerbeheersing en kogelbestendige schilden.

Aantekening: Dit punt heeft geen betrekking op:

apparatuur speciaal ontworpen voor sportactiviteiten;

apparatuur speciaal ontworpen voor de veiligheid op het werk.

   

6.

Simulatieapparatuur die niet onder ML 14 van de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen valt, voor opleiding in het gebruik van vuurwapens en speciaal daarvoor ontworpen programmatuur.

   

7.

Nachtzicht- en thermische beeldvormingsapparatuur en beeldversterkerbuizen die niet onder de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen vallen.

   

8.

Scheermesprikkeldraad.

   

9.

Militaire messen, gevechtsmessen en bajonetten met een bladlengte van meer dan 10 cm.

   

10.

Productieapparatuur die speciaal is ontworpen voor de in deze lijst vermelde goederen.

   

11.

Specifieke technologie voor de ontwikkeling, de vervaardiging of het gebruik van de in deze lijst vermelde goederen.

Verklaring afkorting:

ML: Militaire lijst. Het betreft de militaire lijst van de gemeenschappelijke lijst van militaire goederen.

TOELICHTING

I Algemeen

1. Doel en aanleiding

Het doel van deze wijzigingsregeling is het aanpassen van de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië (hierna: de regeling) aan Verordening 697/2013 van 22 juli 2013 (hierna: verordening 697/2013) tot wijziging van Verordening (EU) nr. 36/2012 (hierna: verordening 36/2012) van de Raad van 18 januari 2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 442/2011 EU. De voor de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië relevante wijzigingen zijn de volgende:

  • a. het vervallen van het embargo voor bepaalde interne repressiegoederen, zoals scheermesprikkeldraad;

  • b. het volledig overnemen van het Nederlandse voorstel om alle chemicaliën en goederen, genoemd in de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië, op te nemen in verordening 36/2012.

2. Administratieve lasten

De Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië is van tijdelijke aard. Deze wijziging brengt daar geen verandering in. Deze wijziging brengt eveneens geen verandering in de administratieve lasten van die regeling. Deze stijgen tijdelijk zoals is geconstateerd bij de publicatie ervan.

3. Vaste verandermomenten

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Daarmee wordt in zoverre afgeweken van het kabinetsbeleid inzake vaste verandermomenten dat de regeling niet ten minste twee maanden voorafgaand aan een vast verandermoment is gepubliceerd noch op een vast verandermoment in werking treedt. Dit wordt echter gerechtvaardigd door de omstandigheid dat uitvoering wordt gegeven aan een internationale verplichting en bevoegdheid.

II Artikelen

Samenvatting

Door middel van de wijzigingen van artikel 2 wordt het volgende geregeld:

  • 1. De vergunningplicht voor de uitvoer van de stoffen en apparatuur van bijlagen A en B wordt grotendeels uit de regeling verwijderd;

  • 2. De vergunningplicht voor de uitvoer van apparatuur voor medische doeleinden blijft geregeld in de regeling;

  • 3. De vergunningplicht voor de uitvoer van apparatuur voor interne repressie wordt ingevoerd.

Door middel van de wijzigingen van artikel 3 wordt het volgende geregeld:

  • 1. De vergunningplicht voor de tussenhandel van de stoffen en apparatuur van bijlagen A en B wordt grotendeels uit de regeling verwijderd;

  • 2. De vergunningplicht voor de tussenhandel van apparatuur voor medische doeleinden blijft geregeld in de regeling.

Onderdeel A

Artikel 2 wordt gewijzigd naar aanleiding van verordening 697/2013. Die verordening bepaalt immers in artikel 1, sub 11, onder b en c, dat in deel IX.A1, getiteld ‘Materialen, chemicaliën, “micro-organismen” en “toxines” ’ de vermeldingen in bijlage I bij de verordening 697/2013 worden toegevoegd als punt IX.A1.004 en dat in deel IX.A2, getiteld `Materiaalbewerking’ de vermeldingen in bijlage II bij de verordening 697/2013 worden toegevoegd als punt IX.A2.010. Die vermeldingen waren opgenomen in de bijlage behorende bij de artikelen 2 en 3 van de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië1 om de reden dat Nederland het vermoeden had dat de op die lijst genoemde stoffen en apparatuur voor het vervaardigen van chemische wapens zouden kunnen worden gebruikt. Nu met de wijzigingen van verordening 697/2013 de genoemde stoffen en apparatuur deel uitmaken van verordening 36/2012, zouden de bepalingen daarover uit de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië evenals de daarbij behorende bijlage kunnen vervallen.

Er is echter een categorie apparatuur die niet in verordening 697/2013 is overgenomen. Het betreft de laboratoriumuitrusting, met inbegrip van onderdelen of toebehoren, specifiek bedoeld voor medisch gebruik. Deze is in het nieuwe onderdeel IX.A2.010 van bijlage IX van verordening 36/2012 expliciet uitgesloten. Nederland is van mening dat het niet verstandig is om het vergunningplichting zijn van de uitvoer van apparatuur specifiek bedoeld voor medische doeleinden te laten vervallen. Een vergunningplicht biedt de mogelijkheid om zeker te stellen dat de apparatuur voor medisch gebruik bedoeld is. Als dat zeker is gesteld kan de vergunning worden afgegeven. Een afzonderlijke bepaling omtrent het vergunningplichtig stellen van de uitvoer van apparatuur specifiek bedoeld voor medisch gebruik blijft dus nodig. De apparatuur specifiek bedoeld voor medisch gebruik is opgenomen in bijlage I bij deze regeling. De grondslag voor het opnemen van de vergunningplicht is artikel 4 van het Besluit strategische goederen. Voor alle andere uitvoer van stoffen en apparatuur die in de bijlage van de regeling waren opgenomen, is artikel 1 van de Sanctieregeling Syrië 2012 van belang. Daarin is bepaald dat het verboden is te handelen in strijd met artikel 3, vierde lid, van verordening 36/2012.

Met artikel 1, sub 10, van verordening 697/2012 is tevens bijlage 1 van verordening 36/2012 geschrapt. Die bijlage bevatte de lijst van goederen die zouden kunnen worden gebruikt voor binnenlandse repressie, bedoeld in de artikelen 2 en 3 van verordening 36/2012.

Artikel 8 van Verordening nr. 428/2009 van de Raad van 5 mei 2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik (hierna: verordening 428/2009) bepaalt dat een lidstaat om redenen van openbare veiligheid of uit mensenrechtenoverwegingen een verbod kan instellen op of een vergunning verplicht kan stellen voor de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik die niet op de lijst van bijlage I voorkomen. Het Besluit strategische goederen bepaalt in artikel 4 dat bij ministeriële regeling de minister om redenen van openbare veiligheid of uit mensenrechtenoverwegingen een verbod kan instellen op, of een vergunning verplicht kan stellen voor de uitvoer van goederen voor tweeërlei gebruik die niet zijn genoemd in bijlage I van verordening 428/2008. De goederen die zouden kunnen worden gebruikt voor binnenlandse repressie, die stonden vermeld in de vervallen bijlage I van verordening 36/2012, staan niet genoemd in bijlage I van verordening 428/2009. Door middel het Besluit strategische goederen worden de goederen die in bijlage I van verordening 36/2012 stonden vermeld, onder de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië gebracht, en wel in bijlage II. Hiermee wordt de uitvoer van die goederen aan een Nederlandse vergunningplicht onderhevig. Alleen aanvragen voor VN- of EU-doeleinden of voor de nationale coalitie van Syrische revolutionaire en oppositiekrachten kunnen worden toegewezen, op voorwaarde dat de goederen bestemd zijn voor de bescherming van burgers, zoals afgesproken in de Raadsverklaring van 27 mei 2013.

Onderdeel B

Artikel 3, vierde lid, van verordening 36/2012, dat voorafgaande toestemming van de bevoegde autoriteit van de lidstaat in kwestie is vereist voor de verstrekking van (a) technische bijstand of tussenhandeldiensten in verband met apparatuur, goederen of technologie genoemd in bijlage IX en in verband met de levering, de vervaardiging, het onderhoud of het gebruik van deze apparatuur, goederen of technologie, direct of indirect aan personen, entiteiten of lichamen in Syrië of bestemd voor gebruik in Syrië.

Verordening 697/2013 heeft bijlage IX van verordening 36/2012 gewijzigd. Daarmee zijn de goederen ten aanzien waarvan tussenhandeldiensten als bedoeld in artikelen 4, derde lid, 5, eerste lid, en 6, eerste lid, van de Wet strategische diensten worden verricht en die in de bijlage van de Regeling goederen voor tweeërlei gebruik Syrië waren genoemd, grotendeels onder de reikwijdte van verordening 36/2012 komen te vallen. Artikel 1 van de Sanctieregeling Syrië 2012 bepaalt verder dat het verboden is te handelen in strijd met, onder andere, artikel 3, vierde lid, van verordening 36/2012. Artikel 3 van de regeling is nog wel noodzakelijk voor de tussenhandeldiensten ten aanzien van apparatuur specifiek bedoeld voor medische doeleinden aangezien die apparatuur in bijlage IX van verordening 36/2012 wordt uitgesloten en Nederland de vergunningplicht ten aanzien van die apparatuur wenst te handhaven.

In tegenstelling tot de uitvoer van goederen voor interne repressie waarvoor een vergunningplicht in het leven is geroepen in artikel 2 van deze wijzigingsregeling op grond van artikel 8 van verordening 428/2009, is er voor tussenhandeldiensten ten aanzien van die goederen geen juridische basis voor het vergunningplichtig stellen daarvan. Artikel 5, tweede lid, van verordening 428/2009 biedt geen basis aangezien niet voldaan wordt aan de in artikel 4 van die verordening genoemde doeleinden en op Syrië geen wapenembargo meer rust. Artikel 2 van verordening 36/2012, zoals gewijzigd bij verordening 697/2013, biedt eveneens geen juridische basis.

Onderdeel C

Het in dit onderdeel genoemde zinsdeel vervalt aangezien aan de apparatuur, genoemd in de bijlagen I en II bij deze wijzigingsregeling, geen CAS-nummers zijn toegewezen.

Onderdeel D

In het eerste lid van dit onderdeel wordt een noodzakelijke verwijzing ingevoegd.

In het tweede lid wordt geregeld dat het genoemde zinsdeel vervalt aangezien aan de apparatuur, genoemd in de bijlagen I en II bij deze wijzigingsregeling, geen CAS-nummers zijn toegewezen.

Bijlagen

Bijlage I bij deze regeling is gelijk aan onderdeel B van de bijlage bij de regeling.2

Bijlage II bij deze regeling is gelijk aan de voormalige bijlage I van verordening 36/2012 welke bijlage is komen te vervallen met de inwerkingtreding van verordening 697/2013.

De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, E.M.J. Ploumen.

Naar boven