Regeling van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 2 juli 2013, nr. 400876, houdende vaststelling van de schadeloosstelling van de leden van de commissie schadefonds geweldsmisdrijven (Regeling schadeloosstelling leden commissie schadefonds geweldsmisdrijven 2013)

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,

Gelet op artikel 14, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 8, zevende lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. BBRA 1984:

Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984;

b. enkelvoudige kamer:

enkelvoudige kamer van de commissie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven;

c. leden:

leden van de commissie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven;

d. meervoudige kamer:

meervoudige kamer van de commissie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven;

e. plaatsvervangend voorzitter:

plaatsvervangend voorzitter van de commissie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven;

f. voorzitter:

voorzitter van de commissie, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven.

Artikel 2

  • 1. De voorzitter ontvangt voor het voorzitten van een plenaire bijeenkomst van de commissie een schadeloosstelling van 130% van 3% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984.

  • 2. De overige leden ontvangen voor het deelnemen aan een plenaire bijeenkomst van de commissie een schadeloosstelling van 2% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984.

  • 3. De plaatsvervangend voorzitter ontvangt een schadeloosstelling overeenkomstig het eerste lid, indien hij bij afwezigheid van de voorzitter een plenaire bijeenkomst voorzit.

Artikel 3

  • 1. De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter ontvangen voor het voorzitten van een vergadering van de meervoudige kamer een schadeloosstelling van 130% van 2% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984.

  • 2. De overige leden ontvangen voor het deelnemen aan een vergadering van de meervoudige kamer een schadeloosstelling van 3% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984.

Artikel 4

De leden ontvangen voor het afhandelen van bezwaarzaken in de enkelvoudige kamer een schadeloosstelling van 130% van 3% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984 per tien afgehandelde bezwaarzaken.

Artikel 5

De leden ontvangen voor het voorzitten van een hoorzitting in bezwaarzaken een schadeloosstelling van 2,5% van het maximum van salarisschaal 17 van bijlage B van het BBRA 1984 per zitting.

Artikel 6

De leden ontvangen een vergoeding voor reis- en verblijfkosten overeenkomstig de bepalingen die terzake voor burgerlijke rijksambtenaren gelden.

Artikel 7

De Regeling schadeloosstelling leden commissie schadefonds geweldsmisdrijven wordt ingetrokken.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling schadeloosstelling leden commissie schadefonds geweldsmisdrijven 2013.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, F. Teeven.

TOELICHTING

De onderhavige regeling strekt tot vervanging van de Regeling schadeloosstelling leden commissie schadefonds geweldsmisdrijven. De vaststelling van de laatstgenoemde regeling is met name ingegeven doordat de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen per 1 januari 2012 op de commissie van het schadefonds geweldsmisdrijven van toepassing zou worden. De hoogte van de schadeloosstelling van de commissieleden bleef destijds vrijwel ongewijzigd.

De schadeloosstellingen van de commissieleden staan niet meer in de juiste verhouding tot de inzet die thans van hen wordt verlangd. De afgelopen twee jaar zijn het aantal en de inhoud van de zaken die in een vergadering worden behandeld, gewijzigd. De huidige schadeloosstellingen doen daardoor geen recht meer aan de tijdsinvestering van de leden.

De onbalans is het meest zichtbaar bij de bijeenkomst van de meervoudige kamer en het voorzitten van een hoorzitting. De meervoudige kamer betreft een intensieve vergadering waar veel zaken behandeld worden en waarvoor veel voorbereidingstijd nodig is, terwijl er bij het voorzitten van een hoorzitting, minder zaken worden behandeld en er ook minder voorbereidingstijd nodig is. De schadeloosstellingen voor deze vergaderingen passen daar niet meer bij, namelijk een relatief hoge schadeloosstelling voor de hoorzitting en een relatief lage schadeloosstelling voor de meervoudige kamer.

Met de onderhavige regeling worden de schadeloosstellingen meer in dezelfde verhouding gebracht als de benodigde investering van de leden voor de verschillende vergaderingen. Dit komt tot uitdrukking door te werken met per percentages die per type vergadering variëren van 2%, 2,5% en 3%. Hiermee worden de vergoedingen inzichtelijker en ook beter te vergelijken.

De voorzitter ontvangt 130% van de schadeloosstellingen van een lid. Dit is thans ook gebruikelijk bij – vergoedingen van – andere commissies.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, F. Teeven.

Naar boven