Vrijstelling minimum vlieghoogte oefengebied Rucphen (oefening Lowlands 2013)

18 juni 2013

Nr. MLA/150/2013

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van de commandant van het Korps Commandotroepen van 14 april 2013;

Gelet op artikel 6 van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve de oefening Lowlands 2013 wordt vrijstelling verleend van de minimum VFR-vlieghoogte binnen het oefengebied Rucphen, een cirkelboog met een straal van 5 nautische mijlen met als middelpunt coördinaat 51°30'33.71"N 004°31'47.12"E, van 51°27'40.84"N 004°25'15.77"E met de wijzers van de klok naar 51°25'34.53"N 004°32'03."E en via de Nederlands-Belgische grens terug naar 51°27'40.84"N 004°25'15.77"E (zie figuur).

  • 2. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is van kracht op de volgende dagen en tijden:

    dinsdag 25 juni 2013 van 09:00 uur tot 11:00 uur lokale tijd;

    vrijdag 28 juni 2013 van 13:00 uur tot 16:30 uur lokale tijd.

Artikel 2

Binnen het oefengebied bedraagt de toegestane minimum vlieghoogte 100 voet of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is. Binnen het oefengebied gelden voorts de volgende regels:

  • a. laagvliegen is alleen toegestaan voor helikopters van het Commando Luchtstrijdkrachten;

  • b. vluchten worden uitgevoerd conform zichtvliegvoorschriften;

  • c. gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie en (civiele lucht)havengebieden daaronder begrepen, ziekenhuizen, sanatoria en dergelijke worden vermeden;

  • d. de vrijstelling van de minimum vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn.

Oefengebied Rucphen

Oefengebied Rucphen

Artikel 3

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de eerste dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 29 juni 2013.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, S.H.P.M. Pellemans Kolonel-vlieger

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, DienstenCentrum Juridische Dienst- verlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

Gezagvoerders van militaire helikopters dienen te worden getraind in het samenwerken met niet-vliegende eenheden. Op dinsdag 25 juni 2013 en vrijdag 28 juni 2013 zal binnen het door middel van onderhavige beschikking ingestelde oefengebied Rucphen (een deel van) de oefening Lowlands 2013 plaatsvinden. Een belangrijk onderdeel van deze oefening is het tactisch opereren op lage hoogte. Ten behoeve van de aan de oefening deelnemende gezagvoerders wordt derhalve vrijstelling verleend van de minimum VFR-vlieghoogte.

In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat militaire helikopters boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen dan wel boven mensenverzamelingen een hoogte van ten minste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig dienen aan te houden en elders ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water. In het kader van deze oefening kan in het aangewezen oefengebied zo laag worden gevlogen als voor het doel van de vlucht noodzakelijk is. Dit betekent dat niet continu laag wordt gevlogen.

Naar boven