Logo ZeelandProvincie Zeeland - Verkeersbesluit – verkeersmaatregelen voor provinciale weg Vlissingen – Westkapelle (gedeelte Vlissingen – Koudekerke en rondweg Koudekerke) (N288)

Middelburg,

Datum : 6 juni 2013

Nummer : 13012497

Afdeling : Beheer en Onderhoud

GEDEPUTEERDE STATEN VAN ZEELAND

betreft:

Verkeersbesluit voor de provinciale weg Vlissingen – Westkapelle (gedeelte Vlissingen – Koudekerke en rondweg Koudekerke ) (N288) ;

  • I. Openstellen voor langzaam verkeer van de wegvakken van ca. 1.350 km tot ca. km 4.900;

  • II. Instellen verbod om stil te staan voor het overige verkeer op de landbouwpasseerstroken langs de onder sub. I. genoemde wegvakken ter hoogte van:

  • a. ca. km 1.720 tot ca. km 1.890 (rechts);

  • b. ca. km 2.260 tot ca. km 2.400 (links);

  • c. ca. km 2.870 tot ca. km 3.030 (rechts);

  • d. ca. km 2.870 tot ca. km 3.030 (links);

  • e. ca. km 4.400 tot ca. km 4.570 (rechts);

  • f. ca. km 4.400 tot ca. km 4.570 (links).

Overwegingen met betrekking tot het besluit

Bevoegdheidsgrondslag

Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens.

De betreffende weg N288 is in beheer bij de provincie Zeeland.

Op grond van artikel 18, eerste lid onder b, van de Wegenverkeerswet 1994 zijn wij bevoegd dit verkeersbesluit te nemen.

Motivering en belangenafweging

De N288 is in het provinciaal categoriseringsplan gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg. Voor dit type weg geldt een snelheidsregime van 80 km/h en dient voor langzaam verkeer een parallelle voorziening aanwezig te zijn.

Om de kern Koudekerke te ontlasten van doorgaand (vracht)verkeer is ca. 10 jaar geleden een rondweg aangelegd. Het gedeelte Vlissingen – Koudekerke en de rondweg Koudekerke zijn destijds bewust zonder landbouwverkeer ontworpen. Daarbij is gekozen voor Duurzaam Veilig uitgangspunten en ontwerpcriteria, zoals een inhaalverbod over de hele lengte met broodjes tussen de dubbele aslijnen. Daardoor is er een heel veilige weg aangelegd. Het ontwerp van de weg is niet geschikt om zondermeer landbouwverkeer toe te laten.

Als gevolg hiervan wordt landbouwverkeer tot op heden door de kern van Koudekerke geleid. Het landbouwverkeer is de laatste decennia geëvolueerd, hetgeen er o.a. toe geleid heeft dat er klachten binnen de bebouwde kom zijn ontstaan. Landbouwverkeer op de openbare weg geeft onder meer overlast in de vorm van verkeersonveiligheid, vertragingen, geluids- en trillingshinder, leefbaarheidsproblemen.

In Zeeland is de verkeersveiligheid rond landbouwverkeer een groot punt van aandacht. Vastgesteld is dat de huidige infrastructuur in de provincie niet altijd geschikt is voor dit landbouwverkeer en dat de huidige afwikkeling van landbouwverkeer vaak tot conflicten leidt.

De wegbeheerders zien het landbouwverkeer als een volwaardige weggebruiker en faciliteren het, na afweging van de vele verschillende uiteenlopende (maatschappelijke) belangen, waar mogelijk. Belangen die onder meer tegen elkaar afgewogen worden zijn de verkeersveiligheid versus de leefbaarheid binnen de bebouwde kom en de verkeersveiligheid buiten de bebouwde kom en/of de bereikbaarheid van het achterland tegen de leefbaarheid binnen de bebouwde kom, alsmede de reistijd dan wel omrijdtijd voor het landbouwverkeer. Een visie op een concreet netwerk van veilige landbouwroutes ontbrak echter.

Daarom werkten wegbeheerders, overheden en (vertegenwoordigers van) landbouworganisaties in integraal verband samen om te komen tot oplossingen voor deze problematiek. De knelpunten waar het landbouwverkeer niet vlot en veilig voort kan of waar het andere weggebruikers hindert zijn in beeld gebracht en opgenomen in de beleidsnota "Kwaliteitsnet Landbouwverkeer". Het doel van een Kwaliteitsnet Landbouwverkeer is dat het landbouwverkeer zich over grotere afstanden vlot en veilig kan verplaatsen (economisch belang), zonder dat dit ten koste gaat van de verkeersveiligheid, de doorstroming van het overige verkeer en de leefbaarheid in de kernen. Het Kwaliteitsnet zou hiervoor juist een verbetering kunnen bieden.

Om dit doel te bereiken is het streven om landbouwverkeer in Zeeland zoveel mogelijk af te wikkelen op 60 km-wegen met vrijliggende fietspaden. Dat wil zeggen zo weinig mogelijk door woonkernen heen (30-km en 50-km wegen) en zo weinig mogelijk tussen snelrijdend gemotoriseerd verkeer op 80 km-wegen. Dit is onder meer afhankelijk van ruimtelijke aspecten en beschikbare financiële middelen. Daarom wordt getracht dit doel te bereiken door middel van het stellen en bereiken van tussendoelen.

De beleidsnota "Kwaliteitsnet Landbouwverkeer" is vastgesteld door Provinciale Staten van Zeeland in de Statenvergadering 8 juli 2011. Vervolgens zijn de in beeld gebrachte knelpunten en de uitvoering van oplossingen binnen de bestaande wettelijke en financiële kaders geprioriteerd met als doel om het landbouwverkeer in Zeeland vlot en veilig af te wikkelen.

Zoals hiervoor al is aangegeven is één van de beleidsuitgangspunten daarbij geen landbouwverkeer binnen de bebouwde kom, dit vanwege (verkeerson)veiligheid, geluid en trillingen, maar ook geen landbouwverkeer op 80 km-wegen, vanwege verkeersonveiligheid en doorstroming. Een alternatief kunnen 60 km-wegen zijn. Dat is echter (nog) niet overal mogelijk. Oorzaken hiervan zijn hoge(re) onderhoudskosten voor de desbetreffende wegbeheerder (met name in de vorm van stuk gereden bermen, omdat op deze wegen brede voertuigen (landbouwvoertuigen en vrachtwagens) elkaar en auto's namelijk alleen kunnen passeren als ze met de rechterkant door de berm rijden of gebruik maken van een dam) en een hoge mate van onveiligheid door het ontbreken van vrijliggende fietspaden.

Daarom zijn er criteria opgesteld. In genoemde beleidsnota zijn 114 knelpunten in Zeeland vastgesteld en 45 trajecten aangegeven met prioriteit. De kern Koudekerke is in voornoemde beleidsnota wel aangemerkt als erkend knelpunt van en voor het landbouwverkeer, maar niet tot één van de knelpunten met de hoogste prioriteit, noch als één van die 45 prioriteiten.

Het Kwaliteitsnet is door alle partners onderschreven, desondanks bleef de gemeente Veere van mening dat voornoemde problematiek in de kern Koudekerke prioriteit zou moeten krijgen.

Naar aanleiding hiervan, alsmede van klachten over zwaar landbouwverkeer door de kern van Koudekerke van o.a. de Stichting Dorpsraad Koudekerke, hebben gemeente, voornoemde Stichting en de provincie hierover in 2012 vaak overlegd. Hierbij is van gemeentewege en namens de Dorpsraad om hierna genoemde redenen uitdrukkelijk verzocht om de kern Koudekerke een hogere prioriteit toe te kennen.

Door afname van het doorgaand verkeer, dat sinds de opening in 2004 gebruik maakt van de rondweg Koudekerke, alsmede omdat de gemeente Veere als wegbeheerder binnen de bebouwde kom de straten, waarvan voorheen genoemd doorgaand verkeer gebruik maakte, heeft gereconstrueerd - deze straten zijn aanmerkelijk versmald en ingericht als 30 km-zone - is de verkeersveiligheid weliswaar in de kern in potentie toegenomen.

Vanwege zowel de hoge frequentie van grote landbouwvoertuigen en zwaar grondtransport door de dorpskern als de hoge snelheid waarmee deze zich bewegen, is de effectieve verkeersveiligheid voor met name kwetsbare verkeersdeelnemers (fietsers/voetgangers) echter nihil.

Voornoemde inconsistentie, enerzijds het doorgaande verkeer uit de dorpskern weren en straten reconstrueren tot 30 km-zones, maar anderzijds zwaar landbouwverkeer blijven toestaan, zou kunnen worden verbeterd door scheiding van landbouwverkeer en fietsers en voetgangers.

Structurele oplossingen zijn hiervoor vooralsnog niet voorhanden.

Het zondermeer openstellen van de rondweg Koudekerke is vanwege voornoemde fysieke redenen (o.a. ontwerp en vormgeving) geen optie. De wegenstructuur rond Koudekerke is van dien aard dat er geen oplossing of alternatief gevonden kan worden op de 60 km-wegen die in beheer zijn bij het waterschap Scheldestromen.

Voor afdoende maatregelen in de vorm van infrastructurele aanpassingen c.q. voorzieningen, te weten een parallelweg langs de N288 van Vlissingen tot voorbij Koudekerke, zijn de fysieke mogelijkheden en thans ook de financiële middelen beperkt.

Om de verkeersveiligheid en de verkeersleefbaarheid in de kern Koudekerke te verbeteren en tegelijkertijd op het gedeelte Vlissingen – Koudekerke en de rondweg Koudekerke de doorstroming van het verkeer te blijven garanderen is de afweging gemaakt dat het streven naar geen of minder landbouwverkeer in de kern Koudekerke niet ten koste mag gaan van de doorstroming van het verkeer op voornoemde weggedeelten.

Hierbij is getracht een balans te vinden tussen de diverse belangen - verkeersveiligheid binnen en buiten de bebouwde kom, doorstroming, leefbaarheid bewoners in kernen, andere weggebruikers, reis- en/of omrijdtijd landbouwverkeer, verkeersveiligheid van het landbouwverkeer en het (vracht)verkeer op de N288, wegbeheerders, andere maatschappelijke en politieke belangen - met als doel om een maatschappelijk/politiek probleem op te lossen, totdat een structurele oplossing tot de mogelijkheden behoort.

In 2008 is aan de hand van pilots in 's-Gravenpolder en Poortvliet ervaring opgedaan met de aanleg van landbouwpasseerstroken. Bij de evaluatie hiervan is geconcludeerd dat de aanleg van landbouwpasseerstroken geen structurele oplossing biedt, maar wel een verkeerskundig compromis is voor een tijdelijke oplossing totdat een ander alternatief is te realiseren via een andere weg/route of de aanleg van een parallelweg.

Daarom is, in afwijking van het beleid, en ondanks dat de oplossing voor de provincie als wegbeheerder, mede door het gebogen tracé van de N288, een verkeerskundig compromis is, uiteindelijk gekozen voor een tijdelijke oplossing om ter plaatse de verkeersstromen landbouwverkeer en fietsers/voetgangers te scheiden door voorlopig, voor een maximale termijn van 10 jaar, totdat een structurele oplossing tot de mogelijkheden behoort, landbouwverkeer op de N288 toe te laten. Hiertoe zal een zestal landbouwpasseerstroken tussen Vlissingen en Biggekerke worden aangelegd, waarbij de gemeente financieel participeert in de aanlegkosten.

Vanwege mogelijke precedentwerking is advies gevraagd aan het Provinciaal Overleg Verkeer en Vervoer (POVV), een Zeeuws bestuurlijk platform op het gebied van verkeer en vervoer, waarin o.m. alle Zeeuwse wethouders met de portefeuille Verkeer deelnemen.

In haar vergadering van 2 november 2012 heeft het POVV aangegeven het gerechtvaardigd te vinden om van de procedure en prioriteitstelling zoals opgenomen in de beleidsnota "Kwaliteitsnet Landbouwverkeer" af te wijken en de problematiek binnen Koudekerke hoger te prioriteren.

Dit met name gelet op de ter plaatse in het geding zijnde verkeersveiligheid alsook politieke afwegingen als gevolg van de maatschappelijke druk, alsmede de jarenlange discussie over deze problematiek, de snelle voortgang van de 45 prioriteiten en het feit dat er 7 projecten daarvan nog in de wachtstand staan.

Het naar voren halen van de landbouwroute Koudekerke betekent niet dat andere projecten daardoor worden vertraagd. Het kwaliteitsnet landbouwverkeer is door een extern bureau, samen met de partners, zorgvuldig opgesteld. De prioritering is objectief gebeurd door het toepassen van een bepaald model.

I.c. gaat het om investeringen van een andere omvang en deels in gezamenlijkheid gedragen door de betrokken wegbeheerders.

Vorenstaande betekent dat de provinciale weg Vlissingen – Westkapelle (N288), te weten het gedeelte Vlissingen – Koudekerke en rondweg Koudekerke, op voornoemde wegvakken wordt geopend voor langzaam rijdend (landbouw)verkeer. Ten behoeve van de doorstroming van het verkeer worden op voornoemde (rond)weg zes passeerstroken aangelegd. Dat zijn wegverbredingen waar het langzaam rijdend landbouwverkeer kan uitwijken om het overig verkeer te laten passeren.

De landbouwpasseerstroken zijn alleen bedoeld voor het landbouwverkeer. Daarom is het gewenst op deze stroken voor het overig verkeer een verbod om stil te staan in te stellen.

De landbouwpasseerstroken zullen medio september 2013 worden aangelegd.

Overig

De in dit verkeersbesluit genoemde verkeersmaatregel strekt tot de volgende in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen:

  • het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

  • het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade.

Gelet op artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) is overleg gepleegd met de politie.

Gelet op artikel 25 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) is overleg gepleegd met de aangrenzende wegbeheerder(s).

Gelet op artikel 26 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) wordt dit besluit bekendgemaakt door publicatie in de Staatscourant en is voor een ieder in te zien op

de website van de Staatscourant via https://www.officielebekendmakingen.nl/staatscourant./https://www.officielebekendmakingen.nl/staatscourant/op_rubriek/verkeersbesluiten

Besluit

Op grond van vorenstaande overwegingen

b e s l u i t e n wij:

  • I.Door het aanbrengen van onderborden met de aanduiding 'uitgezonderd tractoren' bij verkeersborden C9 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV) 1990, de provinciale weg Vlissingen – Westkapelle (gedeelte Vlissingen – Koudekerke en rondweg Koudekerke) (N288) in beide richtingen open te stellen voor langzaam verkeer, van ca. 1.350 km tot ca. km 4.900;

  • II.Door het plaatsen van verkeersborden E2 met onderborden B502 en B55 van bijlage 1 van voornoemd reglement op de onder sub. I. genoemde provinciale weg voor het overige verkeer een verbod om stil te staan in te stellen op de landbouwpasseerstroken ter hoogte van:

  • a.ca. km 1.720 tot ca. km 1.890 (rechts);

  • b.ca. km 2.260 tot ca. km 2.400 (links);

  • c.ca. km 2.870 tot ca. km 3.030 (rechts);

  • d.ca. km 2.870 tot ca. km 3.030 (links);

  • e.ca. km 4.400 tot ca. km 4.570 (rechts);

  • f.ca. km 4.400 tot ca. km 4.570 (links);

  • I.in te trekken, voor zover nodig, eerder genomen verkeersbesluiten;

  • II.dit verkeersbesluit te publiceren in de Staatscourant.

GEDEPUTEERDE STATEN VAN ZEELAND,

namens dezen,

M.J. Krombeen, QC

hoofd afdeling Beheer en Onderhoud.

Mededeling

Inlichtingen

Voor nader gewenste inlichtingen kunt u contact opnemen met:

- de heer W.J. Blommaert, afdeling Mobiliteit en Samenleving, bereikbaar op telefoonnummer: 0118 – 631612;

- de heer R.J. Meijaard, afdeling Planvorming en Realisatie, bereikbaar op telefoonnummer: 0118 – 631568;

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen schriftelijk bezwaar maken tegen dit besluit bij:

Gedeputeerde Staten van Zeeland, t.a.v. de secretaris van de commissie voor bezwaarschriften, Postbus 6001, 4330 LA Middelburg.

Wie is belanghebbende?

Volgens artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht bent u belanghebbende als uw belang rechtstreeks bij een besluit betrokken is. Uw belang moet zich dan wel onderscheiden van de belangen van grote aantallen anderen. Daarvan is bijvoorbeeld sprake als u eigenaar, huurder of gebruiker bent van een perceel in de directe omgeving van de weg waarop het besluit betrekking heeft. Volgens vaste jurisprudentie is dat onderscheid bij een willekeurige verkeersdeelnemer onvoldoende aanwezig.

In het bezwaarschrift neemt u ten minste op uw naam en adres, de dagtekening van het bezwaarschrift, tegen welk besluit u bezwaar maakt en waarom. Het bezwaarschrift dient te worden ondertekend.

U moet het bezwaarschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt. Doorgaans is dat de dag na de datum van verzending. I.c. is dat de dag na de datum van bekendmaking in de Staatscourant.

Overschrijding van de inzendtermijn kan ertoe leiden dat met uw bezwaren geen rekening wordt gehouden.

Als u overweegt bezwaar te maken, kunt u een informatiefolder aanvragen op telefoonnummer 0118-631400. U kunt de informatie ook downloaden via http://loket.zeeland.nl/bezwaar/bezwaar.

Wij wijzen u erop dat het bezwaar niet de werking van het besluit schorst. U kunt een verzoek doen tot het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81, lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht). U richt het verzoek aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, Postbus 5015, 4330 KA Middelburg. Voor de behandeling van het verzoek is griffierecht verschuldigd.

Naar boven