Kennisgeving omgevingsvergunning cluster 9 Tracébesluit N61 Hoek – Schoondijke, Rijkswaterstaat

Ingevolge artikel 20 van de Tracéwet bevordert de minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van de besluiten op de aanvragen om vergunningen en van de overige ambtshalve te nemen besluiten die nodig zijn voor de uitvoering van het Tracébesluit N61 Hoek – Schoondijke.

In het kader van deze coördinatie geeft de minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat het volgende besluit is genomen.

Welke besluit is genomen en ligt ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit N61 Hoek – Schoondijke is het volgende besluit genomen, overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 4, Tracéwet in samenhang met afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht:

Bouwen van een viaduct aan de Oranjedijk te IJzendijke

Besluit (nummer 13.4123-PZ-U2012) voor een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, afgegeven door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sluis en betreft het bouwen van een viaduct (kunstwerk nummer 7) aan de Oranjedijk te IJzendijke.

Het besluit is ten opzichte van het ontwerpbesluit niet gewijzigd.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

Het besluit en de bijbehorende stukken liggen met ingang van 20 juni 2013 gedurende zes weken, tot en met 31 juli 2013, ter inzage in het Klanten Contact Centrum (KCC), Nieuwstraat 22 te Oostburg. De stukken zijn in te zien elke werkdag van 08.30 uur tot 13.00 uur en op woensdag van 08.30 uur tot 16.00 uur.

Beroepsprocedure

Het besluit treedt direct in werking.

Gedurende zes weken na de dag van publicatie van het definitieve besluit kan tegen dit besluit van het college beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag door degene die tijdig een zienswijze heeft ingediend bij het college tegen het ontwerpbesluit alsmede door een belanghebbende die aantoont dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest zich tijdig tot het college te wenden.

Tegelijkertijd kan binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening worden ingediend bij de voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. De werking van het besluit van het college wordt dan in ieder geval opgeschort tot de beslissing door de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak op dat verzoek is genomen.

Het beroepschrift moet zijn ondertekend en dient ten minste te bevatten: de naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden waarop het beroep rust. Zo mogelijk dient een kopie van het bestreden besluit bijgevoegd te worden.

Op dit besluit is de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat alle beroepsgronden binnen de beroepstermijn bekend moeten zijn. Het is niet toegestaan buiten de termijn nog (aanvullende) beroepsgronden aan te voeren. In het beroepschrift dient vermeld te worden dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is (afdeling 2 hoofdstuk 1 Crisis- en herstelwet en artikel 11, tweede lid Besluit uitvoering Crisis en herstelwet).

Bij het beroep kunnen geen gronden worden aangevoerd die betrekking hebben op het Tracébesluit N61 Hoek – Schoondijke.

Naar boven