De Minister van Infrastructuur en Milieu,
Gelet op artikel 108, eerste lid, van de Kadasterwet;
Besluit:
ARTIKEL I
Artikel 4 van de Regeling tarieven Kadaster wordt als volgt gewijzigd:
1. Het zesde lid komt te luiden:
-
6. Indien een stuk geen verwijzing naar perceelnummers of reeds ingeschreven stukken
bevat, of leidt tot wijziging in een rechtszekerheidsregistratie van meer dan vijf
rechtsfeiten of meer dan vijftig objecten, en wordt aangeboden op een wijze die geautomatiseerde
bijhouding met behulp van een mutatiebestand dat vooraf in depot is gegeven, zoals
bedoeld in artikel 11b, tiende lid, van de Kadasterwet, niet mogelijk maakt, worden
de tarieven, bedoeld in het eerste, derde en vijfde lid, verhoogd met een bedrag gelijk
aan het tarief, bedoeld in artikel 1a, per kwartier dat een medewerker van de Dienst
aan de bijhouding heeft besteed.
2. Toegevoegd wordt een zevende lid, luidende:
ARTIKEL II
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2013.
De Minister van Infrastructuur en Milieu,
M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus.
TOELICHTING
Deze wijziging van de Regeling tarieven Kadaster herstelt een omissie.
Artikel 4, zesde lid, dient om tot een verhoogd inschrijvingstarief te komen indien
aan een inschrijving van een stuk omvangrijke handmatige werkzaamheden zijn verbonden.
Indien echter met het stuk een mutatiebestand wordt ingeschreven dat vooraf in depot
is gegeven en waarmee een afdoende voorbewerking van de registratie heeft plaatsgevonden,
zijn geen omvangrijke handmatige werkzaamheden meer vereist. Dit is bij de laatste
wijziging van de regeling, die per 1 januari 2013 in werking is getreden, niet onderkend.
De met de onderhavige regeling gewijzigde tekst van artikel 4, zesde lid, herstelt
deze omissie en regelt dat in zo’n geval geen kwartiertarieven in rekening worden
gebracht.
Een zelfde voorbewerking vindt plaats bij notariële akten van (onder)splitsing in
appartementsrechten en rectificatie of wijziging van (onder)splitsing in appartementsrechten,
omdat daarbij vooraf om vaststelling dan wel handhaving van de complexaanduiding is
gevraagd. Het nieuwe zevende lid van artikel 4 regelt dat ook in deze gevallen geen
kwartiertarieven in rekening worden gebracht.
Gevolgen voor bedrijven, burgers en overheden
De wijziging van de regeling leidt niet tot nieuwe informatieverplichtingen of stijging
van de lasten voor burgers, bedrijfsleven of overheden, maar tot een verlaging van
de lasten in de voormelde gevallen. De wijziging van de regeling vergt van de doelgroep
geen aanpassingen in de werkwijze.
Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2013.
Deze inwerkingtreding wijkt af van de systematiek met betrekking tot de vaste verandermomenten.
De reden daarvoor is dat de wijziging leidt tot kostenbesparingen voor de doelgroep,
die derhalve is gebaat bij spoedige inwerkingtreding.
De Minister van Infrastructuur en Milieu,
M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus.