Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biocidenStaatscourant 2012, 5097Registermutaties | Registratie bestrijdingsmiddelen

Besluit Beleidsregel naamgeving toegelaten biociden en gewasbeschermingsmiddelen

(Vastgesteld in vergadering van het Ctgb C-231.7)

College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden,

Artikel 29 en 50 Wgb bepalen dat het Ctgb onder meer voorschriften geeft omtrent de aanduidingen op de verpakking. De naam van het product is zo’n aanduiding.

Een onduidelijke of verwarring scheppende naam kan leiden tot een onjuist gebruik, waaronder mede wordt verstaan het gebruik voor een toepassing waarvoor het middel niet is toegelaten. Een dergelijk onjuist gebruik kan leiden tot de situatie dat de toelating in feite niet langer voldoet aan de eisen van (voor gewasbeschermingsmiddelen) artikel 29 Verordening (EG) 1107/2009, dan wel (voor biociden) artikel 49 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Mede daarom behoort de aanduiding bij naam het product duidelijk te onderscheiden van andere producten, teneinde risico’s ten gevolge van verwarring bij de consument leveranciers, inspectiediensten en Ctgb te voorkómen, .

Het College stelt een beleid vast ten aanzien van de naamgeving van toegelaten Biociden en Gewasbeschermingsmiddelen.

Dit beleid houdt het volgende in:

  • A. Namen van toegelaten biociden en gewasbeschermingsmiddelen moeten duidelijk herkenbaar van elkaar verschillen. Bij het uitspreken van de namen moet dit verschil goed hoorbaar zijn.

    Voorbeelden van namen die niet duidelijk herkenbaar van elkaar verschillen:

    Stefans mierenlokdoos en Stephans mierenlokdoos

    Stefansmierenlokdoos en Stefans mierenlokdoos

    Stefans mierenlokdoos en Stefans Mierenlokdoos

    Voorbeelden van namen die wel duidelijk herkenbaar van elkaar verschillen:

    Vivos mierenlokdoos en Stefans mierenlokdoos

    Stefans mierenlokdoos en Stefans insectenspray

    Stefanicide 250 en Stefanicide 350

  • B. Namen van toegelaten biociden en gewasbeschermingsmiddelen mogen niet uitsluitend bestaan uit een woord of woorden (incl. cijfers en andere leestekens) met een generieke betekenis. Indien een stofnaam wordt gebruikt dient altijd een aanduiding voor de concentratie toegevoegd te worden of een indicatie van de eenheid (tabletten, sachets, etc)

    Voorbeelden van namen die niet acceptabel zijn:

    Voorbeelden van namen die wel acceptabel zijn:

    Ethanol

    Etas Ethanol 75%

    Ethanol 70%

    Vivos Ethanol 70%

    Alcohol 80% gedenatureerd met methanol

    StefansAlcohol 80% gedenatureerd met methanol

    Alcohol Plus

    Plantinga Alcohol 70% Plus

    Onkruiddoder

    Agribo Onkruiddoder

    Fenoxycarb 25 WG

    Diva Fenoxycarb 25 WG

    Mierenlokdoos

    Merida Mierenlokdoos

    Houtwormdood

    Tinkca Houtwormdood

    Air conditioner treatment

    Hima Air conditioner treatment

    B183 Biocide

    Goema B183 Biocide

  • C. De toegelaten naam moet altijd als gehele naam worden vermeld op etiket en/of verkoopverpakking. Dat betekent dat de naam in zijn geheel, in het zelfde lettertype en grootte zonder onderbreking dominant moet zijn geplaatst. Er mag geen suggestie worden gewekt dat het een ander middel is ingeval van verkoop onder eigen label.

In geval van twijfel of een naam aan het geformuleerde beleid voldoet beslist het College over de toegestane naam.

Uitverkoop en opgebruiktermijnen

Toegelaten middelen die in het kader van bovenstaand beleid een nieuw naam gaan voeren krijgen voor verpakkingen met de oude naam een uitverkoop termijn van 6 maanden en een opgebruiktermijn van 12 maanden vanaf de datum van het besluit waarin de nieuwe naam wordt vastgesteld.

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Beleidsregel naamgeving toegelaten biociden en gewasbeschermingsmiddelen.

In werkingtreding en overgangsregeling

Het nieuwe beleid gaat voor nieuw vast te stellen namen voor biociden en gewasbeschermingsmiddelen in op de dag na bekendmaking in de Staatscourant door het College.

Voor bestaande toegelaten middelen wordt de volgende overgangsregeling vastgesteld:

Het Ctgb zal toelatinghouders van middelen waarvan de naam veranderd moet worden hiervan schriftelijk op de hoogte stellen.

  • Voor toegelaten middelen, die op de markt zijn met een generiek naam die niet meer acceptabel is, dient door de toelatinghouder een nieuwe naam aangevraagd te worden bij het Ctgb bij de eerstvolgende verlenging of herregistratie van de toelating of uiterlijk 1 januari 2016 indien de eerstvolgende verlenging van de toelating of herregistratie verder dan die datum ligt.

  • Indien er meerdere producten zijn toegelaten met een acceptabele maar zelfde naam dan geldt dat het eerste product dat een naam kreeg het recht heeft om die naam te behouden.

  • Voor toegelaten middelen die een naam hebben die niet duidelijk herkenbaar verschilt van een ander toegelaten middel en die geen recht hebben om die naam te behouden, dient door de toelatinghouder een nieuwe naam aangevraagd te worden bij het Ctgb bij de eerstvolgende verlenging of herregistratie van de toelating of uiterlijk 1 januari 2016 indien de eerstvolgende verlenging van de toelating of herregistratie verder dan die datum ligt.

  • Indien in gevallen waarin naar mening van het College een wijziging van de naamgeving nodig is, de naamgeving niet tijdig en met inachtneming van het bovenstaande is gewijzigd, zal het College overgaan tot ambtshalve intrekking van de toelating aangezien niet vast staat dat de toelating voldoet aan de eisen van artikel 29 Verordening (EG) 1107/2009 dan wel artikel 49 Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Wageningen, d.d. 7 maart 2012

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden, voor deze: de plv. voorzitter, P.A.E. van Erkelens.

TOELICHTING

Inleiding

Ten aanzien van de naamgeving van toegelaten biociden en gewasbeschermingsmiddelen bestaat geen vastgesteld beleid. Wel zijn er gevallen waarin de naamgeving van biociden of gewasbeschermingsmiddelen aanleiding geeft tot discussies en adviezen aan aanvragers om de naam van hun product aan te passen omdat die naam aanleiding geeft tot onduidelijkheid.

In de Wgb geeft artikel 72 Wgb enige mogelijkheden aan het Ctgb om de naamgeving bij toelating te beïnvloeden. Art 72 geeft aan dat:

  • 1. Het is verboden een niet toegelaten gewasbeschermingsmiddel of biocide aan te bevelen of aan te prijzen.

  • 2. Het is verboden gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden aan te bevelen of aan te prijzen in strijd met voorschriften gegeven bij een besluit tot toelating of vrijstelling van een middel of een verlenging, wijziging of intrekking daarvan, dan wel een besluit tot een tijdelijk verbod op of een beperking van het op de markt brengen of gebruiken van een middel.

  • 3. Het is verboden misleidende informatie te geven over de gevaren van een middel voor mens, dier, plant of milieu.

  • 4. Als misleidende informatie als bedoeld in het derde lid worden in ieder geval beschouwd de vermeldingen:

    • a. middel met een gering risico,

    • b. niet-vergiftig,

    • c. ongevaarlijk.

  • 5. Een aanprijzing of aanbeveling van een biocide bevat de zin: ‘Gebruik biociden veilig. Lees vóór gebruik eerst het etiket en de productinformatie’. De term ‘biociden’ kan door de adverteerder worden vervangen door een nauwkeuriger aanduiding van de productsoort. Voor gewasbeschermingsmiddelen is dit lid van overeenkomstige toepassing.

Misleidende naamgeving van biociden of gewasbeschermingsmiddelen kan op basis van artikel 72 geweigerd worden.

Misleidende naamgeving met betrekking tot de gevaren van een middel voor mens, dier, plant of milieu komt in de praktijk niet veel voor.

Problemen in de praktijk

Het gebruik van éénzelfde naam voor verschillende toegelaten middelen geeft aanleiding tot verwarring en onduidelijkheden. Zowel in de administratie van het Ctgb, in de handhaving en voor gebruikers kan dit tot verwarring leiden.

Binnen het project Biociden zonder Toelating zijn vele middelen met eenzelfde of bijna gelijke naam aangemeld. Daarbij zijn bijvoorbeeld 8 producten met de naam ‘Natriumhypochloriet’ (al dan niet met hoofdletter, spatie tussen natrium en hypochloriet of met toevoeging van een percentage), 7 middelen met de naam Formaldehyde of Formaline, 4 middelen met de naam Ethanol, 17 middelen met de naam Alcohol, etc. Het toelaten van deze middelen met de door de firma voorgestelde namen zal leiden tot veel verwarring en onduidelijkheid.

Verder is er geen beleid ten aanzien van het gebruik van generieke namen. Zowel bij biociden als gewasbeschermingsmiddelen wordt regelmatig gebruik gemaakt van namen met een generieke betekenis, bijvoorbeeld stofnamen of namen die uitsluitend verwijzen naar de werkzaamheid van een product. Voorbeelden zijn: Natriumhypochloriet, Ethanol, Houtwormdood, Mierenlokdoos, etc.

Al geruime tijd wordt de regeling voor afgeleide toelatingen ontdoken door firma’s die producten op de markt brengen met het toelatingsnummer van een andere partij waarbij de naam iets wordt aangepast. Dat gebeurt met name bij producten met een naam met een generieke betekenis. Zo kan bijvoorbeeld het middel ‘Houtwormdood’ nu ook op de markt gebracht worden onder de naam “Stefans Houtwormdood” met hetzelfde toelatingsnummer. Door deze praktijk, die de handhaving door het gebrek aan onderscheidend vermogen van de naam voor inspectiediensten lastig maakt, is niet meer duidelijk welke biociden precies op de markt zijn.

Overleg met partners

Het nieuwe beleid is geformuleerd in overleg met Nefyto, Artemis, Platform Biociden en de nVWA. Door die partijen zijn de volgende opmerkingen gemaakt.

Nefyto

Is voorstander van naamgeving van gewasbeschermingsmiddelen en biociden die duidelijk van elkaar verschillen en uit het vermijden van namen met een generieke betekenis. Specifiek vraagt zij aandacht voor verwarrende naamgeving van producten die door middel van een parallelltoelating op de markt gebracht worden (bijv: Bellis en BELLIS).

Nefyto pleit er nadrukkelijk voor de naamswijzigingen kosteloos door te voeren.

Verder verzoekt zij het beleid ten aanzien van uitverkoop en opgebruik van producten met de oude naam op te nemen.

Artemis

Kan zich vinden in het voorgestelde beleid.

Platform Biociden

Reacties uit het Platform Biociden wijzen erop dat de geconstateerde problemen met naamgeving door het Ctgb zelf zijn toegelaten dan wel in de hand gewerkt. Het Ctgb zou in geval problemen optreden met individuele bedrijven in contact moeten treden.

In een reactie wijst het Platform erop dat een toelating altijd een combinatie van naam en toelatingnummer betreft en dat daarom handhavingsproblemen niet aan de orde zijn en suggereert dat het voorstel bedoeld is om de eigen administratie op orde te krijgen. Tevens wordt de vraag opgeworpen welke consequenties het college of de handhaver eraan kan/mag verbinden als blijkt dat een gekozen naam niet acceptabel is. Daaraan toevoegend: “Zonder dwangmiddel zijn er vermoedelijk weinig toelatinghouders bereid een wijzigings- of afgeleide toelatingtraject te starten waarvan enkel het Ctgb profiteert”.

Het Platform benadrukt dat eventuele naamswijziging in elk geval kostenloos uitgevoerd moet worden.

nVWA

De handhavers willen graag nog meer aanpassingen aan de toelating om verwarring te voorkomen. Zij pleit voor vervanging van N-nummers door NL-nummers (N-nummers wordt namelijk ook door Duitsland gebruikt!), voor biociden onderscheid tussen particulier, bedrijfsmatig en gediplomeerd gebruik en vermelding hiervan op de verpakking direct onder de middelnaam.

De opmerkingen van de partners zijn zoveel mogelijk meegenomen in het voorstel zoals het nu aan het College wordt aangeboden.

De wijziging van de naamgeving van een product kan invloed hebben op marktpositie van dat product. Daarom wordt voor bestaande toelatingen van producten waarbij de naamgeving volgens bovenstaand beleid aangepast moet worden een lange overgangstermijn voorgesteld. Om de kosten zoveel mogelijk te beperken kan de naamswijziging zonder extra kosten bij een verlenging van de toelating of herregistratie geregeld worden. In geval de naamgeving op een ander moment aangevraagd wordt gelden de normale tarieven voor naamswijziging.

In geval het niet mogelijk is om in overleg met de toelatinghouder tot een nieuwe naam te komen dan zal het Ctgb een nieuwe naam vaststellen dan wel de toelating intrekken.

De wensen van handhavers gaan verder dan de naamgeving van toegelaten producten. Die wensen zullen in het kader van de vernieuwing van WG/GA’s voor biociden opgepakt worden.