Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie | Staatscourant 2012, 5074 | Besluiten van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie | Staatscourant 2012, 5074 | Besluiten van algemene strekking |
De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;
Gezien het verzoek van Plantum NL en LTO Nederland van 6 december 2011;
Gelet op artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van de Verordening (EG) 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309);
Besluit:
Tijdelijke vrijstelling als bedoeld in artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van Verordening (EG) 1107/2009 wordt verleend voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddel Pyristar 250 CF ter bestrijding van de bonenvlieg (Delia platura) bij de teelt van bonen.
De vrijstelling is slechts van toepassing indien de gebruiksvoorschriften in de bijlage bij dit besluit worden nageleefd.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, namens deze: Directeur-generaal, J.P. Hoogeveen.
Een belanghebbende kan, binnen zes weken na de datum van publicatie in de Staatscourant, tegen dit besluit of een onderdeel daarvan een met redenen omkleed bezwaarschrift indienen bij de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, ter attentie van Dienst Regelingen, Afdeling Rechtsbescherming, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag.
Toegestaan is uitsluitend het gebruik als middel voor de behandeling van zaden van bruine bonen, witte bonen, gele bonen, kievitsbonen, stamslabonen, stamsnijbonen, stokslabonen, stoksnijbonen, spekbonen, pronkbonen, boterbonen, flageolet en Limabonen, ter voorkoming van schade door insecten.
Om de vogels en zoogdieren te beschermen moet het product volledig in de bodem worden ondergewerkt; zorg ervoor dat het product ook aan het voorend is ondergewerkt.
Om de vogels en zoogdieren te beschermen moet gemorst product worden verwijderd.
Behandelde zaden niet voor menselijke of dierlijke consumptie bestemmen.
Het middel is uitsluitend bestemd voor professioneel gebruik.
Pyristar 250 CF is een vloeibaar middel voor de behandeling van zaden ter voorkoming van schade door insecten. Het middel dient te worden toegepast met de daarvoor geëigende zaadbehandelingsmachines (coatingsprocedé). Behandeling van overjarig zaad of partijen met slechte kiemkracht wordt ontraden.
Behandeling van zaden van diverse bonen (Phaseolus spp.), ter voorkoming van aantasting van de plantvoet door maden van de bonenvlieg (Delia platura).
Het middel beschermt de planten tegen aantasting tijdens de kritieke fase op het productieveld; een aanvullende behandeling is dan ook niet nodig. De behandeling kort voor het zaaien uitvoeren.
Dosering: 2 ml per eenheid zaaizaad van 5.000 zaden.
Artikel 53 van de Verordening (EG) 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309) en artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb) maken het mogelijk in bijzondere omstandigheden vrijstelling te verlenen van het verbod om een niet toegelaten gewasbeschermingsmiddel binnen Nederland te brengen, op de markt te brengen, voorhanden te hebben of te gebruiken. Vrijstelling kan worden verleend als een maatregel nodig blijkt voor een gecontroleerd en beperkt gebruik ter beheersing van een gevaar dat op geen enkele andere redelijke manier te beheersen is. Op 14 juni 2011 is bovengenoemde verordening van toepassing geworden. Hiermee is het vereiste dat de dreiging waartegen een middel wordt ingezet in zekere mate onvoorzien moet zijn, komen te vervallen.
Met dit besluit wordt tijdelijk vrijstelling verleend voor het gebruik van Pyristar 250 CF ter bestrijding van de bonenvlieg bij de teelt van bonen.
Schade door de bonenvlieg wordt veroorzaakt omdat de maden zich in de nog niet, of pas gekiemde zaten vreten. Daardoor kunnen deze bonen niet kiemen en rotten weg. Sommige zaden kiemen nog wel, maar vormen geen echte blaadjes meer. De schade die kan optreden, kan oplopen tot het wegvallen van 60 procent van het aantal kiemplanten. De bonenvlieg komt in heel Nederland voor en heeft een brede waardplantenreeks. Behalve de boon is dat ondermeer spinazie, kool, rode biet, lupine, fresia en gladiool. De bonenvlieg overwintert in de vorm van poppen in de grond.
De Nederlandse bonentelers verwachten in 2012 grote problemen met de bestrijding van de bonenvlieg in de bonenteelt. Zij verzoeken daarom voor het middel Pyristar 250 CF (chloorpyrifos) een vrijstelling te verlenen om de bonenvlieg op een adequate wijze te kunnen bestrijden. De totale omvang van de bonenteelt in Nederland bedraagt volgens de aanvragers ongeveer 4.900 hectare.
Er zijn geen chemische middelen toegelaten voor de bestrijding van de bonenvlieg in de teelt van bonen. In deze teelten kunnen wel enkele maatregelen worden genomen waardoor de kans op aantasting en schade kan worden verminderd, maar deze maatregelen zijn echter onvoldoende effectief.
In 2008 is door de toelatingshouder een reguliere toelatingsaanvraag ingediend voor het gebruik van Pyristar 250 CF in de teelt van bonen. De aanvraag is door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) in 2010 beoordeeld. Naar aanleiding van deze beoordeling zijn er aanvullende vragen gesteld, alvorens toelating kan worden afgegeven. De uiterste termijn voor het beantwoorden van de vragen is gesteld op 1 juli 2012. Gezien de beoordelingstermijnen die gelden, was het toen niet mogelijk om voor het teeltseizoen van 2011 een reguliere toelating te realiseren. Om die reden is op 17 juni 2011 (Staatscourant van 1 juli 2011, nr. 11035) een eerdere tijdelijke vrijstelling verleend voor het gebruik van Pyristar 250 CF ter bestrijding van de bonenvlieg bij de teelt van bonen. Een hernieuwde vrijstelling is gewenst nu de Nederlandse bonentelers ook in 2012 problemen verwachten met de bestrijding van de bonenvlieg. Ook nu is het, om dezelfde redenen, niet mogelijk om tijdig een reguliere toelating te realiseren. Voorafgaand aan de uitzaai van behandeld zaad zijn bovendien enige maanden nodig om het zaad te kunnen behandelen en distribueren.
Het advies van het Ctgb is ten opzichte van het eerder uitgebrachte advies ten behoeve van de vrijstelling voor het jaar 2011, onveranderd gebleven. Het Ctgb adviseert negatief vanwege het risico voor vogels en zoogdieren, tenzij in het wettelijk gebruiksvoorschrift wordt opgenomen dat het product volledig in de bodem ondergewerkt moet worden en gemorst product moet worden verwijderd.
De conclusie is dat een vrijstelling ook voor het teeltseizoen in 2012 landbouwkundig gezien noodzakelijk is, gelet op het belang van dit middel voor de teelt van bonen. Zonder het gebruik van dit middel komt de bonenteelt in Nederland in gevaar.
Gezien deze dwingende landbouwkundige noodzaak en het feit dat tegen het verlenen van de vrijstelling op dit moment geen overwegende milieubezwaren bestaan, heb ik besloten, in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, om op grond van artikel 38 van de Wgb de gevraagde vrijstelling te verlenen. Met een vrijstelling ontstaat er mogelijk een risico op de sterfte van vogels en kleine zoogdieren. Daarom zal ingevolge de gebruiksvoorschriften, genoemd in de bijlage bij de vrijstelling, het met dit middel behandelde zaad ondergewerkt moeten worden en zal gemorst product verwijderd moeten worden.
De vrijstelling zal onverwijld worden ingetrokken indien blijkt dat het gebruik van dit middel aantoonbare sterfte van vogels of zoogdieren tot gevolg heeft. In het geval van een herhaald verzoek zal er onderzoek moeten zijn verricht naar meldingen van effecten op vogels ten gevolge van het toepassen van dit middel, naar het toevoegen van een afweerstof en naar de gevolgen voor specifieke vogelgebieden.
Daarnaast zal de sector een actueel inzicht moeten bieden in hun vorderingen bij het verkrijgen van een reguliere toelating en in hun vorderingen bij het ontwikkelen van een andere bestrijdingsmethode van de bonenvlieg.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2012-5074.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.