Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu van 5 december 2012, nr. IENM/BSK-2012/240499, tot wijziging van de Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 en de Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000 voor het jaar 2013

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Gelet op artikel 91 van de Spoorwegwet en de artikelen 12, tweede lid, 17, tweede lid, 28, vierde lid, 29, tweede lid, 76, derde lid, en 87, eerste lid, van het Besluit personenvervoer 2000;

BESLUIT:

ARTIKEL I

De Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 106’ vervangen door: € 108,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 5.300,–‘ vervangen door: € 5.419,–.

3. In het derde lid wordt ‘€ 106,–‘ vervangen door: € 108,–.

B

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 106’ vervangen door: € 108,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 5.300,–‘ vervangen door: € 5.419,–.

3. In het derde lid wordt ‘€ 5.300,–‘ vervangen door: € 5.419,–.

C

In artikel 4, eerste lid, wordt ‘€ 106,–‘ vervangen door: € 108,–.

D

De in artikel 5 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Vergunning

bedrijfsvergunning als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van de wet;

€ 8.896,–

beperkte bedrijfsvergunning als bedoeld in artikel 28, tweede lid, van de wet en artikel 8, eerste lid, van het Besluit bedrijfsvergunning en veiligheidsattest;

€ 1.270,–

beperkte bedrijfsvergunning als bedoeld in artikel 28, tweede lid, van de wet en artikel 8, tweede lid, van het Besluit bedrijfsvergunning en veiligheidsattest.

€ 4.141,–

E

Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:

1. De tabel in het eerste lid wordt vervangen door:

Veiligheidsattest

Deel A

Deel B

veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die minder dan 300 personeelsleden een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 12.202,–

€ 8.133,–

veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die 300 personeelsleden of meer een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 25.930,–

€ 17.287,–

veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die gebruik maakt van de hoofdspoorweg op één locatie ten behoeve van overgave van spoorvoertuigen of met zelfrijdend gereedschap of een daarmee vergelijkbaar voertuig om werkzaamheden aan of nabij de hoofdspoorweg uit te voeren op een deel van een hoofdspoorweg dat daartoe buiten dienst is gesteld.

€ 4.658,–

2. De tabel in het tweede lid wordt vervangen door:

Hernieuwd veiligheidsattest

Deel A

Deel B

hernieuwd veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die minder dan 300 personeelsleden een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 9.564,–

€ 6.101,–

hernieuwd veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die 300 personeelsleden of meer een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 13.086,–

€ 7.219,–

hernieuwd veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die gebruik maakt van de hoofdspoorweg op één locatie ten behoeve van overgave van spoorvoertuigen of met zelfrijdend gereedschap of een daarmee vergelijkbaar voertuig om werkzaamheden aan of nabij de hoofdspoorweg uit te voeren op een deel van een hoofdspoorweg dat daartoe buiten dienst is gesteld.

€ 4.658,–

F

De in artikel 7 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Wijziging veiligheidsattest

Deel A

Deel B

wijziging van een veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die minder dan 300 personeelsleden een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 6.101,–

€ 4.067,–

Wijziging van een veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die 300 personeelsleden of meer een veiligheidsfunctie laat uitoefenen;

€ 9.151,–

€ 6.101,–

wijziging van een veiligheidsattest voor een spoorwegonderneming die gebruik maakt van de hoofdspoorweg op één locatie ten behoeve van overgave van spoorvoertuigen of met zelfrijdend gereedschap of een daarmee vergelijkbaar voertuig om werkzaamheden aan of nabij de hoofdspoorweg uit te voeren op een deel van een hoofdspoorweg dat daartoe buiten dienst is gesteld.

€ 1.552,–

 

G

Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 5.192,–’ vervangen door: € 5.309,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 5.300,–‘ vervangen door: € 5.419,–.

3. In het derde lid wordt ‘€ 2.356,–‘ vervangen door: € 2.409,–.

4. In het vierde lid wordt ‘€ 2.356,–‘ vervangen door: € 2.409,–.

H

In artikel 9, eerste lid, wordt ‘€ 60,–‘ vervangen door: € 61,–.

I

In artikel 10 wordt ‘€ 5.192,–‘ vervangen door: € 5.309,–.

J

Artikel 11 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 1.000,–’ vervangen door: € 1.023,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 5.300,–‘ vervangen door: € 5.419,–.

K

In artikel 12 wordt ‘€ 6.360,–‘ vervangen door: € 6.503,–.

L

Artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 6.713,–’ vervangen door: € 6.864,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 1.945,–‘ vervangen door: € 1.989,–.

M

Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 1.739,–‘ respectievelijk ‘€ 1.080,–‘ vervangen door: € 1.778,– respectievelijk € 1.104,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€ 1.080,–‘ telkens vervangen door: € 1.104,–.

N

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd:

1. Aan de tabel in het vierde lid wordt een regel toegevoegd, luidende:

Examen Nederlandse taal en spoorse termen

€ 500,–

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 5. Voor de examinering en jaarlijkse herinstructie, verband houdende met de erkenning van een examinator als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit spoorwegpersoneel 2011, is een tarief verschuldigd als opgenomen in onderstaande tabel:

    Initieel examen voor:

    – Praktijkexaminator machinist Reizigers of Goederen;

    – Praktijkexaminator rangeerder;

    – Praktijkexaminator wagencontroleur;

    – Examinator veiligheidscommunicatie.

    € 1.000,–

    Jaarlijkse herinstructie voor:

    – Praktijkexaminator machinist Reizigers of Goederen;

    – Praktijkexaminator rangeerder;

    – Praktijkexaminator wagencontroleur;

    – Examinator veiligheidscommunicatie.

    € 500,–

O

Artikel 16 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 100,–’ vervangen door: € 102,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€41,–‘ vervangen door: € 50,–.

P

Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘€ 3.891,–’ vervangen door: € 3.987,–.

2. In het tweede lid wordt ‘€1.513,–‘ vervangen door: € 1.547,–.

Q

In artikel 19 wordt ‘€ 3.891,–‘ vervangen door: € 3.978,–.

R

In artikel 20 wordt ‘€ 947,–‘ vervangen door: € 968,–.

S

In artikel 21 wordt ‘€ 134,–‘ vervangen door: € 137,–.

T

In artikel 22 wordt ‘€ 215,–‘ vervangen door: € 220,–.

U

Artikel 23, derde lid, komt te luiden:

  • 3. Bij een beschikking waarvoor een uurtarief geheven wordt, kunnen via een naheffing of een terugbetaling de werkelijke kosten in rekening gebracht worden. De naheffing en de terugbetaling wordt berekend door het genoemde uurtarief te vermenigvuldigen met het aantal werkelijk bestede uren, minus het reeds betaalde tarief, bedoeld in het tweede lid. De aanvrager voldoet de naheffing binnen dertig kalenderdagen na de verzending van een betalingsverzoek daartoe.

ARTIKEL II

De Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000 wordt als volgt gewijzigd:

A

De in artikel 1 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Vergunning

Communautaire vergunning

€ 1.354,–

Taxivervoer

€ 1.234,–

B

De in artikel 2 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Wijzigen vergunning

Communautaire vergunning

€ 449,–

Taxivervoer

€ 785,–

Taxivervoer en communautaire vergunning, beperkt tot de gegevens bedoeld in artikel 14, eerste of tweede lid, of artikel 15, eerste lid, onder b, van het Besluit personenvervoer 2000

€ 112,–

C

De in artikel 3 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Document

Erkenning van EG-beroepskwalificaties taxivervoer

€ 326,–

Ontheffing vakbekwaamheid

€ 326,–

D

De in artikel 4 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Document

Verlening van een communautaire vergunning

€ 1.354,–

Gewaarmerkt afschrift van een communautaire vergunning

€ 84,–

Verlening van een vergunning geregeld vervoer

€ 1.793,–

Wijziging van een vergunning geregeld vervoer

€ 897,–

Wijziging van de naam van de onderaannemer, bedoeld in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad, van 21 oktober 2009 of van de gegevens, bedoeld in artikel 8, derde lid, van verordening (EEG) nr. 684/92 of in artikel 15, eerste lid, onder b, van het Besluit personenvervoer 2000 in de vergunning geregeld vervoer

€ 224,–

Vergunningbewijs geregeld vervoer

€ 67,–

Vergunning pendelvervoer

€ 897,–

Reisbladen

€ 56,–

Transitovergunning

€ 1.121,–

Attest eigen vervoer binnen de EU

€ 112,–

Vergunning ongeregeld vervoer met bussen

€ 112,–

E

De in artikel 5 opgenomen tabel wordt vervangen door:

Vergunningbewijs

Gewaarmerkt afschrift van een communautaire vergunning

€ 84,–

Taxivervoer

€ 45,–

F

In artikel 7 wordt ‘€ 107,–‘ vervangen door: € 109,–.

ARTIKEL III

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2013. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst wordt gepubliceerd na 31 december 2012 treedt de regeling in werking met ingang van de dag na publicatie van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, W.J. Mansveld

TOELICHTING

Algemeen

Deze regeling wijzigt de Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 en de Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000. In deze regelingen zijn tarieven vastgesteld die in rekening worden gebracht voor diensten die door of namens de overheid ten behoeve van derden worden uitgevoerd in het kader van de Spoorwegwet en de Wet personenvervoer 2000.

Uitgangspunt van het kabinetsbeleid is dat de Rijksoverheid, voor het verlenen van diensten aan derden, zoveel mogelijk kostendekkende tarieven in rekening brengt. De tarieven die de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) tot nu toe hanteert zijn nog niet kostendekkend. In verband met het economisch ongunstige klimaat worden de tarieven in 2013 alleen aangepast met de prijsbijstelling voor 2012, te weten 2,25 procent. Met deze aanpassing wordt voor wat betreft de ILT afgezien van een reële tariefstijging om te komen tot een hogere kostendekkingsgraad van de tarieven.

Op 1 juni 2010 is de afgifte van een aantal vergunningen door de Minister van Infrastructuur en Milieu in mandaat overgedragen aan Kiwa N.V. (Kiwa).

In onderhavige wijzigingsregeling worden de tarieven van deze vergunningen eveneens aangepast met de prijsbijstelling voor 2012, te weten 2,25%.

De tarieven in deze wijzigingsregeling zijn alle exclusief BTW. Voor de betrokken werkzaamheden door Kiwa wordt echter wel BTW in rekening gebracht.

Voor wat betreft de Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 is er van de gelegenheid gebruik gemaakt om vier nieuwe tarieven toe te voegen, daarnaast heeft er voor een enkele bepaling een redactionele wijziging plaatsgevonden. In de Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000 is een foutieve verwijzing hersteld.

Administratieve lasten

Aan deze wijzigingsregeling zijn administratieve lasten noch nalevingkosten voor de burger of het bedrijfsleven verbonden.

Consultatie

Vanwege de geringe aanpassing van de tarieven is afgezien van consultatie van de sectoren voor zover er geen verplichting tot consultatie geldt.

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdeel N

Het nieuwe lid vijf van artikel 15 Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 houdt verband met de beoordeling door de minister van Infrastructuur en Milieu, waaruit blijkt dat de machinist voldoet aan de vastgestelde eisen inzake algemene kennis, bekwaamheid en ervaring alsmede de vastgestelde eisen inzake specifieke vakkennis van de spoorvoertuigen en de hoofdspoorweginfrastructuur. De minister geeft een beoordeling af aan degene die bij een door de minister afgenomen onderzoek voldoet aan de vastgestelde eisen. Bij het onderzoek maakt de minister gebruik van erkende examinatoren,welke worden erkend overeenkomstig het bepaalde in het Besluit 2011/765/EU en de Aanbeveling 2011/766/EU. Onderdeel daarvan zijn de bekwaamheidseisen op het terrein van onder andere de algemene kennis, de vakkennis van het materieel en de infrastructuur en de taalvaardigheid. Ten behoeve van de erkenning worden kandidaat-examinatoren onderwerpen aan een initieel examen. Om de vaardigheidseisen op peil te houden, dienen de examinatoren jaarlijks een herinstructiebijeenkomst te volgen. De kosten voor het afleggen van het initieel examen alsmede de jaarlijkse herinstructiebijeenkomst komen voor rekening van de (kandidaat-)examinator en worden met deze wijziging vastgesteld.

Artikel I, onderdeel U

Artikel 23, derde lid, van de Regeling tarieven Spoorwegwet 2012 wordt redactioneel gewijzigd. Bij aanvragen van beschikkingen waarvoor een uurtarief gehanteerd wordt, kan naast een naheffing nu ook een terugbetaling plaatsvinden teneinde de werkelijke kosten in rekening te brengen.

Artikel II, onderdeel D

Verordening (EEG) nr. 684/92 waarnaar wordt verwezen in de zesde rij van de in artikel 4 van de Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000 opgenomen tabel is ingetrokken. Daarom wordt de verwijzing naar deze ingetrokken verordening vervangen door verwijzing naar Verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees Parlement en de Raad, van 21 oktober 2009.

Artikel III

Op grond van het kabinetsbeleid inzake vaste verandermomenten treden ministeriële regelingen in werking met ingang van 1 januari, 1 april, 1 juli of 1 oktober. Bekendmaking geschiedt uiterlijk 2 maanden voor inwerkingtreding. In deze wijzigingsregeling wordt afgeweken van deze termijn van 2 maanden.

Dit vanwege het feit dat het doorschuiven van de inwerkingtreding naar het volgende vaste verandermoment (1 april 2013) zal leiden tot grote nadelige (financiële) gevolgen voor de ILT en Kiwa.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, W.J. Mansveld

Naar boven