Vrijstelling minimum vlieghoogte oefengebied Gilze

27 januari 2012

Nr. MLA/014/2012

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van de Commandant van het Defensie Helikopter Commando van 22 december 2011;

Gelet op artikel 6 van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Vrijstelling van de minimum VFR-vlieghoogte wordt verleend binnen het hierna te noemen oefengebied Gilze, begrensd door het gedeelte behorende bij de controlzone van de Vliegbasis Gilze-Rijen, gelegen ten zuiden van de A58 en het gebiedsgedeelte zuid van de controlzone Gilze-Rijen tot aan de Nederlands-Belgische grens (zie figuur 1).

    Figuur 1: Oefengebied Gilze

    Figuur 1: Oefengebied Gilze

  • 2. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is van kracht op donderdag 2 februari 2012 van 9:30 uur tot 12:30 uur lokale tijd.

Artikel 2

Binnen het oefengebied Gilze bedraagt de toegestane minimum vlieghoogte 100 voet AMSL of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is. Binnen het oefengebied gelden voorts de volgende regels:

  • a. laagvliegen is alleen toegestaan voor helikopters van het Commando Luchtstrijdkrachten;

  • b. met betrekking tot het vliegzicht en de wolkenbasis gelden de eisen voor VFR-vluchten;

  • c. aaneengesloten bebouwing, ziekenhuizen, sanatoria en dergelijke moeten worden vermeden;

  • d. de gezagvoerders dienen de door de luchtverkeersleiding (LVL) opgedragen transpondercode in te stellen en te voldoen aan de door de LVL gestelde voorwaarden.

Artikel 3

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 2 februari 2012 en vervalt op 3 februari 2012.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, C.J. Lorraine,Commodore.

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Directie Juridische Zaken, Postbus 20701, 2500 ES ’s-Gravenhage. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

De eenheden van het Commando Landstrijdkrachten en het Commando Luchtstrijdkrachten houden ter voorbereiding op een gecombineerde inzet gezamenlijke oefeningen. Naast de samenwerking tussen grondeenheden onderling vinden er ook oefeningen van alleen helikopters van het Defensie Helikopter Commando plaats. Te denken valt aan het tactisch opereren, ophalen en afzetten van voertuigen en personeel en het begeleiden van colonnes. Tevens zullen de helikopters verkenningen uitvoeren. Er dient te worden gevlogen overeenkomstig een zo realistisch mogelijk scenario. Om dit te kunnen simuleren is het omschreven oefengebied onontbeerlijk. Deze beschikking behelst het nemen van een verkeersmaatregel als gevolg van een van die oefeningen.

In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat militaire helikopters boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen dan wel boven mensenverzamelingen een hoogte van ten minste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig dienen aan te houden en elders ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water. In het kader van deze oefening kan in het aangewezen oefengebied zo laag worden gevlogen als voor het doel van de vlucht noodzakelijk is. Dit betekent niet dat continu laag wordt gevlogen, doch alleen dan wanneer dit voor het realiseren van de trainingswaarden noodzakelijk is.

Naar boven