Besluit opsporingsvergunning aardwarmte Rozenburg

Procesverloop:

  • Hydreco GeoMEC B.V. (hierna: Hydreco) heeft per brief van 19 oktober 2011, een aanvraag ingediend voor een opsporingsvergunning voor aardwarmte, ingevolge artikel 6, van de Mijnbouwwet (hierna: Mbw). Het aangevraagde open gebied genaamd Rozenburg, ligt in de provincie Zuid-Holland. De oppervlakte van het aangevraagde open gebied bedraagt 51,97 km². De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is vijf jaar.

  • in de Staatscourant van 21 november 2011 (Staatscourant nr. 20854) is een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende aanvragen. Binnen de termijn van dertien weken na publicatie van de aanvraag is geen concurrerende aanvraag ontvangen.

  • TNO, adviesgroep EZ, (hierna: TNO) heeft op verzoek van de Minister Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (hierna: Minister van EL&I) op 28 februari 2012 advies uitgebracht (kenmerk: AGE 12-10.016);

  • Staatstoezicht op de Mijnen (hierna: SodM) heeft op verzoek van de Minister van EL&I op 1 maart 2012 advies uitgebracht (kenmerk: 12024227);

  • het College van Gedeputeerde Staten (hierna: GS) van de provincie Zuid-Holland is op grond van artikel 16 Mbw om advies gevraagd. Van GS is geen advies ontvangen;

  • de Mijnraad is, op grond van artikel 105, derde lid, Mbw om advies gevraagd en heeft per brief van 29 mei 2012, advies uitgebracht (kenmerk: MIJR/12043562).

Gelet op de artikelen 6, 7, 9, 11, eerste tot en met derde lid en vierde lid, eerste volzin, 12, 13, tweede lid, 15, 16, 17, eerste lid en 105, derde lid, Mbw, alsmede artikel 1.3.1 van de Mijnbouwregeling.

Besluit

Artikel 1

Aan Hydreco GeoMEC B.V. (hierna: de vergunninghouder) wordt een opsporingsvergunning voor aardwarmte verleend voor het gebied genaamd Rozenburg.

Artikel 2

De vergunning geldt voor een gebied dat ligt in de gemeenten Rotterdam, Rozenburg, Maasluis, Midden-Delfland, Vlaardingen, Spijkenisse, Bernisse en Brielle en wordt begrensd door de volgende punten en de rechte lijnen daartussen:

Punt

X

Y

1

70070,000

439898,000

2

70532,195

440155,225

3

73700,000

437350,000

4

75134,681

438928,149

5

75800,000

437800,000

6

77583,302

438593,498

7

80109,312

433030,000

8

81370,000

433030,000

9

80900,000

430775,000

10

76550,000

430775,000

11

75500,000

432033,000

12

72450,000

436388,000

13

72173,477

436222,184

Bovenstaande coördinaten zijn weergegeven volgens het coördinatiestelsel van de Rijksdriehoekmeting, zoals vermeld in artikel 1.2.2, onder a, van de Mijnbouwregeling.

Op basis van deze grensbeschrijving is de oppervlakte 45,45 km2.

Artikel 3

De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel uitmaakt van de op 19 oktober 2011 ontvangen aanvraag.

Artikel 4

De vergunninghouder neemt bij de uitvoering van het werkprogramma de volgende voorwaarden in acht:

  • binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning deelt de vergunninghouder schriftelijk mee aan de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, onder vermelding van tijdstip, geologische structuur en diepte, de plaats waar de boringen zullen worden verricht;

  • uiterlijk in het derde jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning wordt een boring geplaatst;

  • de vergunninghouder neemt bij het ontwerpen van de geothermische doubletten, de installatie en het boren contact op met de vergunninghouder voor koolwaterstoffen in het vergunninggebied, teneinde het risico op interferentie met koolwaterstoffen tot een minimum te beperken en stelt hierover de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie tijdig schriftelijk op de hoogte.

Artikel 5

De vergunning geldt vanaf het tijdstip waarop zij in werking is getreden tot vier jaar na het tijdstip waarop zij onherroepelijk is geworden.

Artikel 6

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, namens deze: drs. P. Jongerius Themacoördinator mijnbouw en mijnbouwklimaat directie Energiemarkt

Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen 6 weken na de dag, waarop dit besluit is verzonden, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, directie Wetgeving en Juridische Zaken (Alp: X/050). Postbus 20401, 2500 EK Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven