Instelling bijzonder luchtverkeersgebied Roermond

30 Augustus 2012

Nr. MLA/162/2012

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van het Hoofd Afdeling Jachtvliegtuig Operaties van 10 juli 2012;

Gelet op de artikelen 8 en 45, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ter bescherming van de militaire luchtvaartuigen die deelnemen aan de flypast ten behoeve van de herdenkingsplechtigheid bij het Nationaal Indië-Monument 1945-1962 te Roermond wordt als bijzonder luchtverkeersgebied (BVG) aangewezen een cirkelvormig gebied met een straal van 3 nautische mijlen rondom het coördinaat 51°10’19” N 005°59’ 34”E, van grondniveau tot 3000 voet AMSL, hierna te noemen BVG Roermond (zie figuur).

  • 2. Aan de gezagvoerders van de luchtvaartuigen die deelnemen aan de flypast, bedoeld in het eerste lid, wordt ontheffing verleend van het verbod, genoemd in artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van het Luchtverkeersreglement om een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte, boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, gedurende de daglichtperiode.

    BVG Roermond

    BVG Roermond

Artikel 2

Het BVG Roermond, genoemd in artikel 1, wordt ingesteld op zaterdag 1 september 2012 van 14:00 uur tot 15:00 uur lokale tijd.

Artikel 3

Voor het gebruik van het BVG Roermond gelden de volgende regels:

  • a. het uitvoeren van andere dan bij de flypast betrokken vluchten in het in artikel 1, eerste lid, omschreven BVG is niet toegestaan, met uitzondering van gecoördineerde vluchten door luchtvaartuigen die vooraf toestemming hebben verkregen van de betrokken luchtverkeersleiding (LVL);

  • b. de flypast dient te worden uitgevoerd op een hoogte van minimaal 1000 voet AMSL; de ontheffing voor het vliegen op 1000 voet AMSL geldt alleen voor dat deel van de vlucht dat voor het doel van de vlucht noodzakelijk is;

  • c. de route voor de flypast wordt zodanig gekozen dat zo min mogelijk geluidsoverlast wordt veroorzaakt.

Artikel 4

Handelen in strijd met artikel 3, onderdeel a, van deze beschikking is een strafbaar feit.

Artikel 5

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 1 september 2012 en vervalt op 2 september 2012.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, C.J. Lorraine, Commodore.

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Directie Juridische Zaken, Postbus 20701, 2500 ES ’s-Gravenhage. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

Op zaterdag 1 september 2012 vindt te Roermond de jaarlijkse herdenkingsplechtigheid bij het Nationaal Indië-monument 1945–1962 plaats. Een deel van de ceremonie bestaat uit het uitvoeren van een missing man-formatie door vier F-16 jachtvliegtuigen. Een van de jachtvliegtuigen klimt daarbij boven de locatie van het monument uit de formatie naar een hoogte van FL 090. Ter bescherming van deze speciale formatievlucht is een bijzonder luchtverkeersgebied ingesteld. De hoogte van het BVG is beperkt tot 3000 voet AMSL, aangezien in een deel van het betrokken gebied de ICAO luchtruimclassificatie D van kracht is en de veiligheid van de F-16 vlucht gedurende de klim wordt zeker gesteld door de verantwoordelijke luchtverkeersleiding.

In artikel 45, eerste lid, van het Luchtverkeersreglement is het verbod opgenomen een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimumvlieghoogtes. Op basis van artikel 45, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement kan ontheffing worden verleend van dit verbod.

Naar boven