Instelling oefengebied Purple Windmil 2012-3

7 juni 2012

Nr. MLA/096/2012

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van het hoofd afdeling jachtvliegtuig operaties van 27 februari 2012;

Gelet op artikel 8 van het Luchtverkeersreglement en artikel 6 van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van de oefening Purple Windmill 2012-3 worden als oefengebied de volgende bijzondere luchtverkeersgebieden (BVG’s) aangewezen:

    • a. een gebied begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: van 51°54’38’’N 005°30’35’’E, naar 51°52’00’’N 005°40’40’’E, naar 51°49’13’’N 005°40’44’’E, naar 51°43’52’’N 005°22’56’’E, naar 51°52’00’’N 005°17’32’’E, naar 51°54’11’’N 005°22’48’’E terug naar 51°54’38’’N 005°30’35’’E, van grondniveau tot FL 195, hierna te noemen BVG Wamel (zie figuur 1);

    • b. een gebied begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: een cirkel met een straal van 6,5 nautische mijlen met als middelpunt coördinaat 51°31’02.20’’N 005°51’20.30’’E, van grondniveau tot FL 195, hierna te noemen BVG De Peel A (zie figuur 2);

    • c. een gebied begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: van 52°57’14”N 007°11’02”E langs de Duits-Nederlandse grens naar 52°19’48”N 007°02’56”E, in een rechte lijn naar 52°18’11”N 006°46’27”E, in een rechte lijn naar 52°28’08”N 006°28’30”E, in een rechte lijn naar 52°38’21”N 006°20’00”E, in een rechte lijn naar 52°45’46”N 006°20’00”E, in een rechte lijn naar 52°52’28”N 006°30’42” en in een rechte lijn terug naar 52°57’14”N 007°11’02”E, van 2000 voet AMSL tot FL 190, hierna te noemen BVG Charlie (zie figuur 3);

    • d. een gebied begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: een cirkelboog met een straal van 8 nautische mijlen met als middelpunt coördinaat 52°48’12”N 006°45’34”E, van 52°52’48”N 006°34’56”E naar 52°55’05”N 006°52’33”E, in een rechte lijn terug naar 52°52’48”N 006°34’56”E, van grondniveau tot 2000 voet AMSL, hierna te noemen BVG Charlie North (zie figuur 3);

    • e. een gebied begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: een cirkel met als middelpunt 52°36’09”N 006°33’14”E en een straal van 6 NM, van grondniveau tot 2000 voet AMSL, hierna te noemen BVG Charlie South (zie figuur 3).

  • 2. Binnen het BVG Charlie, genoemd in het eerste lid, onderdeel c, wordt ten behoeve van het vliegveld Hoogeveen de Hoogeveen area aangewezen. De Hoogeveen area wordt begrensd door de volgende coördinaten en hoogten: van 52°52’09.56”N 006°30’13.08”E in een rechte lijn naar 52°42’51.88”N 006°33’08.00”E, in een rechte lijn naar 52°42’16.52”N 006°20’00.00”E, in een rechte lijn naar 52°45’46.00”N 006°20’00.00”E en in een rechte lijn terug naar 52°52’09.96”N 006°30’13.08”E, van 2000 voet AMSL tot 6500 voet AMSL (zie figuur 3).

    Figuur 1: BVG Wamel

    Figuur 1: BVG Wamel

    Figuur 2: BVG De Peel A

    Figuur 2: BVG De Peel A

    Figuur 3: BVG’s Charlie, Charlie North, Charlie South en Hogeveen area

    Figuur 3: BVG’s Charlie, Charlie North, Charlie South en Hogeveen area

  • 2. Het oefengebied (BVG Wamel, BVG De Peel A, BVG Charlie, BVG Charlie North en BVG Charlie South) wordt ingesteld op de hieronder genoemde data en tijdstippen:

    maandag 18 juni 2012 van 09:00 uur tot 19:00 uur lokale tijd;

    dinsdag 19 juni 2012 van 09:00 uur tot 19:00 uur lokale tijd;

    woensdag 20 juni 2012 van 09:00 uur tot 19:00 uur lokale tijd;

    donderdag 21 juni 2012 van 09:00 uur tot 19:00 uur lokale tijd;

    vrijdag 22 juni 2012 van 09:00 uur tot 16:00 uur lokale tijd.

Artikel 2

  • 1. Voor het gebruik van het oefengebied (BVG Wamel, BVG De Peel A, BVG Charlie, BVG Charlie North en BVG Charlie South) gelden de volgende regels:

    • a. het uitvoeren van andere dan bij de oefening betrokken vluchten in de in artikel 1, eerste lid, genoemde BVG’s is niet toegestaan, met uitzondering van gecoördineerde vluchten door luchtvaartuigen die vooraf toestemming hebben verkregen van de luchtverkeersleiding (LVL) van het AOCS NM LVL dan wel de LVL van de vliegbasis Volkel voor wat betreft het BVG De Peel A;

    • b. aan de oefening deelnemende gezagvoerders, niet-deelnemende militaire gezagvoerders en gezagvoerders van vluchten als genoemd in onderdeel a dienen radiocontact te hebben met het AOCS NM LVL voor het binnenvliegen van de in artikel 1, eerste lid, en dienen te voldoen aan de voorwaarden, gesteld door de desbetreffende LVL-instantie;

    • c. tijdens het vliegen binnen de in artikel 1, eerste lid, genoemde BVG’s dienen de deelnemende gezagvoerders gebruik te maken van een SSR-transponder met mode S.

  • 2. Voor het gebruik van het BVG Wamel gelden de volgende aanvullende regels:

    • a. in afwijking van artikel 9 van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen geldt binnen het BVG Wamel voor deelnemende militaire straalvliegtuigen een minimum vlieghoogte van 1000 voet; de overige bepalingen van dat artikel blijven onverkort van kracht;

    • b. de vrijstelling van de minimum vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn;

    • c. voor vluchten met het RAVEN UA-systeem binnen het BVG Wamel geldt een maximale hoogte van 500 voet AMSL; voor aanvang van vluchten met Raven UA-systeem dienen deze activiteiten te worden gecoördineerd met de supervisor van het AOCS NM LVL en de voor de oefening verantwoordelijk air liaison officer.

  • 3. Voor het gebruik van het BVG De Peel A gelden de volgende aanvullende regels:

    • a. in afwijking van artikel 9 van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen geldt binnen het BVG De Peel A voor deelnemende militaire straalvliegtuigen een minimum vlieghoogte van 500 voet; de overige bepalingen van dat artikel blijven onverkort van kracht;

    • b. binnen de grenzen van het militaire luchtvaartterrein De Peel, dat binnen het BVG De Peel A ligt, krijgen deelnemende gezagvoerders vrijstelling van de minimum vlieghoogte tot een hoogte van 250 voet boven hindernissen;

    • c. de vrijstelling van de minimum vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn;

    • d. de daadwerkelijke activering en deactivering van het BVG De Peel A wordt door het AOCS NM LVL gemeld aan de luchtverkeersleiding van Niederrhein;

    • e. voor vluchten met het Raven UA-systeem geldt binnen het BVG De Peel A een maximale hoogte van 500 voet AMSL; voor het overig aan de oefening deelnemend vliegverkeer geldt gedurende de uitvoering van vluchten met het Raven UA-systeem een minimale hoogte van 1000 voet AMSL; voor aanvang van vluchten met Raven UA-systeem dienen deze activiteiten te worden gecoördineerd met de supervisor van AOCS NM LVL en de voor de oefening verantwoordelijke air liaison officer.

  • 4. Voor het gebruik van het BVG Charlie, BVG Charlie North en BVG Charlie South gelden de volgende aanvullende regels:

    • a. voor jachtvliegtuigen geldt binnen het BVG Charlie North en het BVG Charlie South een minimum vlieghoogte van 1000 voet boven grond of water;

    • b. de vrijstelling van de minimum vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn;

    • c. voor het BVG Charlie en BVG Charlie North geldt dat de actuele activering (ten minste 5 minuten voor daadwerkelijk gebruik van het BVG) en deactivering worden doorgegeven door de Supervisor AOCS NM LVL aan de Supervisor Amsterdam ACC en Eelde ATC. Tot het moment van activering zijn de in de Letter of Agreement tussen Amsterdam ACC en het AOCS NM (deel D onder 3.1.) vastgelegde regelingen ten aanzien van de separatie van luchtverkeer onder controle van Amsterdam ACC in de CTA EAST van kracht;

    • d. ten behoeve van activiteiten in de nabijheid van vliegveld Hoogeveen kan de in artikel 1, tweede lid, aangewezen Hoogeveen area, afhankelijk van de dan geldende geplande operationele gebruiksbehoefte, ten behoeve van lokaal vliegverkeer van het vliegveld Hoogeveen, worden uitgezonderd van het BVG Charlie; voor aanvang van de activiteiten dient de coördinator vliegveld Hoogveen dagelijks om 8:30 en 12:00 uur lokale tijd contact op te nemen met AOCS NM LVL; in dit contact worden nadere afspraken gemaakt aangaande het gebruik van de Hoogeveen area door niet aan de oefeningen Purple Windmill 2012-3 deelnemend luchtverkeer van het vliegveld Hoogeveen;

    • e. voor vluchten met het Raven UA-systeem geldt binnen het BVG Charlie North en BVG Charlie South een maximale hoogte van 500 voet AMSL; voor aanvang van vluchten met Raven UA-systeem dienen deze activiteiten te worden gecoördineerd met de supervisor van AOCS NM LVL en de voor de oefening verantwoordelijke air liaison officer.

Artikel 3

Aan gezagvoerders van straalvliegtuigen van bondgenootschappelijke strijdkrachten wordt vrijstelling van de minimum vlieghoogte gegeven voor de oefening Purple Windmill 2012-3 in het kader van operaties met niet-vliegende eenheden binnen de grenzen van het oefengebied. De in artikel 9, eerste lid, van de Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen genoemde voorwaarden alsmede de in deze beschikking genoemde voorwaarden worden daarbij in acht genomen. Hierbij geldt dat de meest restrictieve voorwaarden voorrang hebben.

Artikel 4

Handelen in strijd met artikel 2, onderdeel a, deze beschikking is een strafbaar feit.

Artikel 5

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de eerste dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 23 juni 2012.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, C.J. Lorraine, Commodore.

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Directie Juridische Zaken, Postbus 20701, 2500 ES ’s-Gravenhage. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

Forward Air Controllers begeleiden vanaf een positie op de grond vliegtuigen ten behoeve van Close Air Support (CAS). Forward Air Controllers worden in de praktijk opgeleid in het begeleiden van deze vliegtuigen tijdens oefeningen met vliegers van het Commando Luchtstrijdkrachten en bondgenootschappelijke strijdkrachten. De oefening Purple Windmill 2012-3 voorziet in de training van de Forward Air Controllers.

Het is niet wenselijk dat vluchten ten behoeve van CAS-operaties worden uitgevoerd in gebieden waar ongecontroleerde burgervluchten kunnen plaatsvinden. Conform artikel 8 van het Luchtverkeersreglement kan de minister delen van het vluchtinformatiegebied Amsterdam aanwijzen als bijzondere luchtverkeersgebieden (BVG’s) met als doel het beschermen van het luchtverkeer ten opzichte van bepaalde soorten luchtverkeer of van bijzondere luchtverkeersactiviteiten. Het is dientengevolge noodzakelijk dat in verband met de veiligheid in de lucht als oefengebied bijzondere luchtverkeersgebieden worden ingesteld gedurende bekendgemaakte perioden.

Onder BVG Charlie North en BVG Charlie South zijn Natura 2000-gebieden gesitueerd. Mede om die reden is in de beschikking de verplichting opgenomen dat binnen deze BVG’s deelnemende gezagvoerders een vlieghoogte van minimaal 1000 voet aan dienen te houden. Door het aanhouden van deze hoogte zal geen significante verstoring optreden van de natuurwaarden binnen die gebieden.

Binnen het BVG Charlie ligt vliegveld Hoogeveen. Om activiteiten boven 2000 voet in de omgeving van Hoogeveen mogelijk te maken indien het luchtruim door omstandigheden niet gebruikt wordt voor de oefening Purple Windmill 2012-3, bestaat de mogelijkheid voor lokale gebruikers van het vliegveld Hoogeveen om in de ochtend en de middag het AOCS NM LVL te benaderen om het gebruik binnen het als Hoogeveen Area aangewezen gebied af te stemmen.

Naar boven