Ten kantore van het Nederlandse handelsregister (het ‘Handelsregister’) en ten kantore van het Registre de Commerce et des Sociétés in Luxemburg is neergelegd een voorstel tot grensoverschrijdende fusie (de ‘Fusie’) tussen:
− GPI Invest, een société en commandite par actions onder het recht van Luxemburg, met zetel te 7a, rue Robert Stümper, L-2557 Luxemburg, Luxemburg, en ingeschreven bij het
Registre de Commerce et des Sociétés in Luxemburg onder nummer B99.452, als verkrijgende vennootschap (de ‘Verkrijgende Vennootschap’); en
− N.V. Carbo Holding, een naamloze vennootschap, statutair gevestigd te Rotterdam, Nederland, kantoorhoudende te 7a, rue Robert
Stümper, L-2557 Luxemburg, Luxemburg, en met handelsregisternummer 24177500, als verdwijnende vennootschap (de ‘Verdwijnende
Vennootschap’),
hierna gezamenlijk te noemen de ‘Fuserende Vennootschappen’.
Ten kantore van het Handelsregister zijn voorts de overige in artikel 2:314 lid 1 van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek (‘BW’)
bedoelde relevante stukken neergelegd. Deze stukken zijn tezamen met de in artikel 2:314 lid 2 BW bedoelde relevante stukken
tevens neergelegd op de hierboven weergegeven kantooradressen van de Fuserende Vennootschappen.
Aangezien de Verdwijnende Vennootschap geen minderheidsaandeelhouders heeft, is het bepaalde in artikel 2:333h BW niet van
toepassing.
Onder Luxemburgs recht, op grond van artikel 268 van de Luxemburgse wet van 10 augustus 1915 met betrekking tot handelsvennootschappen,
zoals gewijzigd (‘LWC’), mogen schuldeisers van de Fuserende Vennootschappen wiens vorderingen ouder zijn dan de datum van
de publicatie in de Luxemburgse officiële courant Mémorial C, Recueil des Sociétés et Associations van de notulen van de algemene vergadering van aandeelhouders van de Verkrijgende Vennootschap waarin de Fusie zal worden
goedgekeurd, overeenkomstig artikel 273ter LWC, gedurende twee maanden na die datum de rechter die de kamer van de Luxemburgse
rechtbank voorzit (Président du Tribunal d'Arrondissement) en civiele zaken behandelt, verzoeken om een adequate waarborg van zekerheid voor alle opeisbare of niet-opeisbare schulden
ingeval de Fusie een dergelijke bescherming noodzakelijk maakt.
Onder Nederlands recht kan, gedurende een periode van één maand na de aankondigingen overeenkomstig de artikelen 2:314 lid
3 en 2:333e lid 1 BW, iedere schuldeiser van de Fuserende Vennootschappen in verzet komen tegen voornoemd voorstel tot grensoverschrijdende
fusie door een verzoekschrift in te dienen bij de bevoegde Nederlandse rechtbank met vermelding van de waarborg die wordt
verlangd. Tenzij ten minste één van de Fuserende Vennootschappen zekerheid stelt of een andere waarborg geeft voor de voldoening
van de vordering van de betreffende schuldeiser zal de Nederlandse rechtbank het verzet gegrond verklaren. Dit geldt echter
niet indien de voldoening van een vordering voldoende is gewaarborgd of indien de vermogenstoestand van de Verkrijgende Vennootschap
na de Fusie niet minder waarborg zal bieden dat de vordering zal worden voldaan dan er voordien is.
Verdere inlichtingen betreffende de hierboven weergegeven rechten kunnen kosteloos worden verkregen op de hierboven weergegeven
kantooradressen van de Fuserende Vennootschappen.