Instelling bijzondere luchtverkeersgebieden Havelte-Oost en Havelte-West (Raven) (week 33)

28 juli 2011

Nr. MLA/153/2011

De Minister van Defensie,

Gelezen het verzoek van 13 Infanterie Bataljon van 11 Luchtmobiele Brigade van 23 juni 2011;

Gelet op artikel 8 van het Luchtverkeersreglement;

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van het uitvoeren van vluchten met het Raven UA-systeem worden als oefengebied de volgende bijzondere luchtverkeersgebieden (BVG’s) aangewezen, begrensd door de volgende coördinaten en hoogten:

    • a. BVG Havelte-Oost, een cirkelvormig gebied met een straal van 1,2 nautische mijl met als middelpunt coördinaat 52°48’00.30’’N 006°14’02.88’’E, van grondniveau tot 600 voet AMSL (zie figuur 1);

    • b. BVG Havelte-West, een cirkelvormig gebied met een straal van 1 nautische mijl met als middelpunt coördinaat 52°47’16.59’’N 006°11’23.62’’E, van grondniveau tot 600 voet AMSL (zie figuur 2).

      Figuur 1: BVG Havelte-Oost

      Figuur 1: BVG Havelte-Oost

      Figuur 2: BVG Havelte-West

      Figuur 2: BVG Havelte-West

  • 2. De oefengebieden (BVG Havelte-Oost en BVG Havelte-West), genoemd in het eerste lid, worden ingesteld op de hieronder genoemde data en tijdstippen:

    BVG Havelte-Oost

    Week 33

    dinsdag 16 augustus 2011 van 8:00 uur lokale tijd tot 23:59 uur lokale tijd;

    woensdag 17 augustus 2011 van 00:00 uur lokale tijd tot 23:59 uur lokale tijd;

    donderdag 18 augustus 2011 van 00:00 uur lokale tijd tot 18:00 uur lokale tijd.

    BVG Havelte-West

    Week 33

    dinsdag 16 augustus 2011 van 8:00 uur lokale tijd tot 23:59 uur lokale tijd;

    woensdag 17 augustus 2011 van 00:00 uur lokale tijd tot 23:59 uur lokale tijd;

    donderdag 18 augustus 2011 van 00:00 uur lokale tijd tot 18:00 uur lokale tijd.

Artikel 2

Voor het gebruik van de oefengebieden (BVG Havelte-Oost en BVG Havelte-West) gelden de volgende regels:

  • a. het uitvoeren van andere dan bij de oefening betrokken vluchten in de BVG’s Havelte-Oost en Havelte-West is niet toegestaan, met uitzondering van gecoördineerde vluchten door luchtvaartuigen die vooraf toestemming hebben verkregen van AOCS NM LVL;

  • b. gedurende de uitvoering van de vluchten met het Raven UA-systeem dient te allen tijde contact mogelijk te zijn tussen de uitvoerende eenheid en AOCS NM LVL;

  • c. aanvang en beëindiging van de vluchten worden gecoördineerd met AOCS NM LVL;

  • d. tijdens de uitvoering van de vluchten met het Raven UA-systeem worden de in het ‘Operating Manual’ opgenomen beperkingen in acht genomen.

Artikel 3

Handelen in strijd met artikel 2, onderdeel a, van deze beschikking is een strafbaar feit.

Artikel 4

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de eerste dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 19 augustus 2011.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie,

voor deze:

de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit,

C.J. Lorraine,

Commodore.

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Directie Juridische Zaken, Postbus 20701, 2500 ES ‘s-Gravenhage. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

Het opereren met onbemande luchtvaartuigen (Unmanned Aircraft Systems - UAS) wordt binnen de defensieorganisatie uitgevoerd door verschillende eenheden. Activiteiten waarbij UAS van het type Raven RQ 11B worden ingezet, zijn gebonden aan stringente regelgeving, verwoord in de Regeling vluchten militaire onbemande luchtvaartuigen.

Een onbemand luchtvaartuig kan conform die regeling worden gebruikt in militaire plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden, restricted areas en bijzondere luchtverkeersgebieden (BVG’s). In deze beschikking zijn op grond van artikel 8 van het Luchtverkeersreglement twee bijzondere luchtverkeersgebieden als oefengebied aangewezen.

In het Operating Manual (OM) van het Raven UA-systeem is per locatie een aantal voorwaarden opgenomen, waaronder het maximale patroon en de vlieghoogte. Zo is het in het geval van de BVG’s Havelte-Oost en Havelte-West niet toegestaan om van het ene gebied naar het andere gebied te vliegen of in de no fly zone langs te A32 te vliegen. Daarnaast is de maximale vlieghoogte van 500 voet boven gemiddeld zeeniveau (AMSL) vastgelegd in het OM.

Luchtvaartuigen in gebruik bij de Dienst Luchtvaartpolitie en luchtvaartuigen ten behoeve van HEMS- en SAR-vluchten mogen de BVG’s Havelte-Oost en Havelte-West binnenvliegen na toestemming van AOCS NM LVL.

Naar boven