Verlengen verleende geldigheidsduur winningsvergunning voor een deel van blok L1 (L1e) van het continentaal plat

9 juni 2011

Nr. ETM/EM/11077735

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

Procesverloop:

  • Total E&P Nederland B.V. en Lundin Netherlands B.V. zijn houder van de bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 16 oktober 1996 met kenmerk E/EOG/MW/96037071 (Staatscourant 25 oktober 1996, nr. 207) verleende winningsvergunning, deze winningsvergunning is op 13 november 1996 van kracht geworden, voor een deel van blok L1 (L1e) van het continentaal plat, welk blok is aangegeven op de als bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling gevoegde kaart;

  • bij brief van 21 juli 2010, ontvangen 23 juli 2010, heeft de vergunninghouder een aanvraag ingediend om verlenging van de winningsvergunning met een periode van zeven jaar;

  • Staatstoezicht op de mijnen (hierna: Sodm) heeft op 29 april 2011 advies uitgebracht over deze aanvraag.

Gelet op artikel 18, derde lid, van de Mijnbouwwet.

Besluit:

Artikel 1 Verlengen geldigheidsduur winningsvergunning L1e

De tekst van Artikel I, artikel 5 van het besluit van de Minister van Economische Zaken van 16 oktober 1996 met kenmerk E/EOG/MW/96037071 wordt vervangen door de volgende tekst: Het tijdvak waarvoor de vergunning geldt eindigt op 13 november 2018.

Artikel 2

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

namens deze:

Themacoördinator mijnbouw en mijnbouwklimaat directie Energiemarkt,

P. Jongerius.

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks is betrokken bij dit besluit binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: X/050), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven