Kennisgeving besluit op MER-aanmeldingsnotitie Groot Loo

De gemeente Hilvarenbeek heeft op 11 december 2009 de mededeling ontvangen van de heer F. Stevens dat hij voornemens is om een MER-beoordelingsplichtige activiteit uit te voeren op de locatie Groot Loo 28 te Hilvarenbeek.

De activiteit betreft het veranderen van de agrarische inrichting tot een inrichting voor het mogen houden van 24 stuks overig rundvee; 64 kraamzeugen en 480 gespeende biggen op emissiearme stalsystemen; 2.320 gespeende biggen op emissiearme stalsystemen; 980 vleesvarkens op emissiearme stalsystemen; 223 guste en dragende zeugen, 72 kraamzeugen en 2 dekberen op emissiearme systemen; 780 vleesvarkens en 396 gespeende biggen op emissiearme stalsystemen; 356 guste en dragende zeugen en 88 opfokzeugen op emissiearme systemen; 2.856 vleesvarkens en 224 opfokzeugen op emissiearme systemen.

Tegelijk met deze mededeling is een vergunning aangevraagd in het kader van de Wet milieubeheer.

Ingevolge artikel 7.8a van de Wet milieubeheer en categorie 14 van bijlage D van het Besluit milieueffectrapportage is deze voorgenomen activiteit MER-beoordelingsplichtig Dit houdt in dat ons college, alvorens aan F. Stevens (een) vergunning(en) (mogelijk) wordt verleend, dient te beslissen of er voor de voorgenomen activiteit een milieueffect-rapportage (MER) moet worden opgesteld.

Ingevolge artikel 7.28, lid 2 Wm wordt een vergunningaanvraag pas in behandeling genomen nadat het bevoegd gezag een besluit heeft genomen omtrent de eventuele MER. plicht, na toetsing op een zgn. aanmeldingsnotitie (art 7.8 a, lid 1 Wm). Dit betekent dat de ingediende vergunningaanvraag vooralsnog buiten behandeling is gelaten tot nadat onderhavig besluit op de aanmeldingsnotitie is genomen.

Een milieu-effectrapportage moet worden opgesteld indien bijzondere omstandigheden met betrekking tot deze activiteit daartoe aanleiding geven. Deze bijzondere omstandigheden zijn, aldus artikel 7.8b, vierde lid van de Wet Milieubeheer:

  • de kenmerken van de activiteit (o.a. omvang en cumulatie met andere projecten)

  • de plaats waar de activiteit wordt verricht (o.a. locatie keuze in relatie met kwetsbaarheid omgeving)

  • de kenmerken van de gevolgen van de activiteit (o.a. bereik, waarschijnlijkheid en omkeerbaarheid).

Na toetsing van de voorgenomen activiteit aan deze omstandigheden heeft ons college op 27 april 2010 besloten dat F. Stevens voor deze activiteit geen MER behoeft op te stellen.

Stukken inzien

Het besluit en bijbehorende stukken liggen vanaf 13 mei 2010 gedurende zes weken ter inzage bij de Centrale Balie van het gemeentehuis te Hilvarenbeek. Iedere werkdag van 9.00 tot 12.30 uur en op dinsdagmiddag tevens van 15.30 tot 19.30 uur.

Bezwaar

Op grond van artikel 6.3 van de Algemene wet bestuursrecht wordt deze beoordeling beschouwd als een voorbereidingsbesluit, waartegen geen direct bezwaar of beroep open staat. U kunt uw bezwaren tegen dit beoordelingsbesluit te zijner tijd kenbaar maken in de procedures van de uiteindelijke besluiten, te weten de (eventuele) vergunning(en) ingevolge de Wet milieubeheer.

Hilvarenbeek, 12 mei 2010

Burgemeester en wethouders voornoemd,

R.F.I. Palmen,

burgemeester.

M.J. Horeman,

secretaris.

Naar boven