Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van DefensieStaatscourant 2010, 7168Interne regelingen

Besluit van de Directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, houdende vaststelling van het Ondermandaat- en machtigingsbesluit Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst 2009 (Ondermandaat- en machtigingsbesluit MIVD 2009)

21 april 2010

Nr. MIVD/DIS2009

De directeur militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst

Gelet op artikel 7 van de mandaatregeling Defensie Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 en de Wet veiligheidsonderzoeken en artikel 3, eerste lid van het Ondermandaat-, volmacht- en machtigingsbesluit SG Defensie 2005

Besluit:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. Wiv 2002:

Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002;

b. Wvo:

Wet veiligheidsonderzoeken;

c. MIVD:

Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

d. Directeur van de MIVD:

Hoofd van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.

Artikel 2 Uitsluiting van mandaatverlening

Dit besluit is niet van toepassing ten aanzien van de onderwerpen bedoeld in de ondermandaatbeschikking personele bevoegdheden militair personeel MIVD, de ondermandaatbeschikking personele bevoegdheden burgerlijke ambtenaren MIVD en het ondermandaatbesluit uitvoerende bevoegdheden BARD MIVD.

Artikel 3 Mandaat en machtiging

  • 1. Mandaat en machtiging worden verleend aan:

    • a. het Hoofd van de Stafafdeling Beleid met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 3 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren;

    • b. het Hoofd van de Stafafdeling Control met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 4 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren;

    • c. het Hoofd van de Stafafdeling Ondersteuning met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 5 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren;

    • d. het Hoofd van de Afdeling Inlichtingen met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 6 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren;

    • e. het Hoofd van de Afdeling Signals Intelligence met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 7 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren alsmede het vaststellen van de aan onderwerpen gerelateerde trefwoorden als bedoeld in artikel 27, derde lid, onder c, van de Wiv 2002 en het opvragen van gegevens als bedoeld in artikel 29 Wiv 2002;

    • f. het Hoofd van de Afdeling Geheime Inlichtingen Operaties met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 8 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren alsmede het opvragen van gegevens als bedoeld in artikel 29 Wiv 2002;

    • g. het Hoofd van de Afdeling Militaire Operaties met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 9 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren;

    • h. het Hoofd van de Afdeling Contra-inlichtingen en veiligheid met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 10 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren alsmede het opvragen van gegevens als bedoeld in artikel 29 Wiv 2002 en het afgeven van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 4 juncto artikel 2 Wvo;

    • i. het Hoofd van de Nationale Sigint Organisatie met betrekking tot de aangelegenheden die ingevolge artikel 11 van het Sub-taakbesluit MIVD 2009 tot zijn werkterrein behoren.

    • j. analisten van het Bureau Sigint Productie van de Afdeling Signals Intelligence met betrekking tot het vaststellen van de aan onderwerpen gerelateerde trefwoorden als bedoeld in artikel 27, derde lid, onder c, van de Wiv 2002;

    • k. het Hoofd van het Bureau Personele Veiligheid van de Afdeling Contra-inlichtingen en Veiligheid met betrekking tot het afgeven van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 4 juncto artikel 2 Wvo.

  • 2. In afwijking van het eerste lid zijn van mandaat- en machtigingverlening aan de in het eerste lid genoemde personen uitgesloten:

    • a. stukken en besluiten met betrekking tot de voor ambtenaren van de MIVD geldende reisbeperkingen als bedoeld in artikel 10 van de Wiv 2002;

    • b. stukken en besluiten met betrekking tot het verlenen van toestemming dan wel het indienen van een verzoek om toestemming dan wel last voor de uitvoering van dan wel het verlenen van medewerking bij de toepassing van de bijzondere bevoegdheden als genoemd in de artikelen 20, 21, 22, 23, 24, 25, 26, vierde lid, 27, vierde en vijfde en achtste lid, 28 en 30 van de Wiv 2002;

    • c. het uitbrengen van verslag, bedoeld in artikel 34, eerste jo. derde lid, van de Wiv 2002 alsmede de mededeling aan de commissie van toezicht, bedoeld in artikel 34, tweede lid van de Wiv 2002;

    • d. de verstrekking van gegevens als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Wiv 2002 met betrekking tot onderwerpen met een politiek gevoelig karakter, de verstrekking van gegevens voor zover deze gericht zijn aan de Coördinator van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, de Minister, de Secretaris Generaal, de Commandant der Strijdkrachten en Commandanten van de operationele commando's, alsmede de verstrekking van gegevens als bedoeld in de artikelen 37, derde lid, 38, 39, 40 en 41 van de Wiv 2002;

    • e. stukken en besluiten met betrekking tot de verwijdering, vernietiging en overbrenging van gegevens, bedoeld in artikel 43, tweede lid, tweede volzin en besluiten als bedoeld in artikel 44 van de Wiv 2002;

    • f. stukken en besluiten met betrekking tot de kennisneming van door of ten behoeve van de MIVD verwerkte gegevens, bedoeld in de artikelen 45 tot en met 57 van de Wiv 2002;

    • g. stukken en besluiten als bedoeld in de samenwerkingsartikelen 58, 59, 63 van de Wiv 2002;

    • h. overige stukken en besluiten waarbij sprake is van een principieel beleidsmatig of een politiek gevoelig karakter.

Artikel 4 Plaatsvervanging

Bij afwezigheid of verhindering van de functionaris als bedoeld in artikel 3, eerste lid treedt diens plaatsvervanger voor de duur van de afwezigheid of verhindering in diens plaats.

Artikel 5 Ondertekening

De functionaris als bedoeld in artikel 3, eerste lid is gehouden in de ondertekening van stukken die op basis van mandaat worden ondertekend, het mandaat tot uitdrukking te brengen door het opnemen van de volgende formule:

DE MINISTER VAN DEFENSIE

Voor deze,

Functie van de betrokken functionaris

Handtekening van de betrokken functionaris

Naam en eventuele militaire rang van de functionaris

Artikel 6 Intrekking oude regeling

Het Ondermandaat- en machtigingsbesluit Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst 2005 wordt ingetrokken.

Artikel 7 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin mededeling wordt gedaan van de plaatsing van dit besluit in de reeks ministeriële publicaties van het Ministerie van Defensie en werkt terug tot en met 1 mei 2008.

Artikel 8 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Ondermandaat- en machtigingsbesluit Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst 2009.

’s-Gravenhage, 21 april 2010

Directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst,

P.W.C.M. Cobelens,

Generaal-majoor.