Kennisgeving winnen van oppervlaktedelfstoffen

Mededeling

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat deelt, op grond van artikel 3:18, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, mede dat in de periode van 30 december 2009 tot en met 9 februari 2010 een door Van Ouwerkerk B.V. te Middelburg ingediende aanvraag om een vergunning op grond van de Ontgrondingenwet en het Besluit Ontgrondingen in Rijkswateren ter inzage heeft gelegen. De aanvraag betrof het van 1 maart 2010 tot en met 28 februari 2013 winnen van 100.000 m3 schelpen op de Noordzee.

Met de aanvraag heeft ook het ontwerp van het daarop te nemen besluit ter inzage gelegen. In de periode van terinzagelegging zijn geen zienswijzen ingebracht.

In verband hiermee is conform artikel 3:18, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht op de aanvraag beslist.

Bekendmaking

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat maakt hierbij, op grond van de Algemene wet bestuursrecht, bekend dat zij bij besluit van 23 februari 2010 met kenmerk WSV/2010/368 de gevraagde vergunning voor het winnen van 100.000 m3 schelpen aan Van Ouwerkerk B.V. heeft verleend. Het besluit ligt met bijbehorende stukken van 4 maart 2010 tot en met 15 april 2010 tijdens kantooruren ter inzage op het kantoor van de Dienst Noordzee van Rijkswaterstaat, Lange Kleiweg 34 te Rijswijk (ZH). Desgewenst kan men over het besluit en de stukken telefonisch informatie inwinnen bij de heer F. de Roo van Rijkswaterstaat Noordzee, telefoon 070-336 67 35.

Beroep/voorlopige voorziening

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden tegen het besluit van 5 maart 2010 tot en met 15 april 2010 beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Geen beroep kan worden ingesteld door een belanghebbende aan wie redelijkerwijs kan worden verweten dat hij geen zienswijzen naar voren heeft gebracht. Het beroepschrift dient te zijn ondertekend en ten minste te bevatten een vermelding van de naam en het adres van de indiener, de dagtekening van het beroep, een vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en de datum en het kenmerk van het besluit, alsmede een opgave van de redenen waarom u zich met het besluit niet kunt verenigen en zo mogelijk een afschrift van het besluit waartegen het beroep is gericht.

Tevens kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening.

Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening moet worden gericht aan de Voorzitter van voornoemde afdeling. Van de indiener van een beroepschrift/verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening wordt een bedrag aan griffiegeld geheven. Omtrent de hoogte hiervan, de wijze waarop en de termijn waarbinnen u dit dient te betalen, kunt u zich in verbinding stellen met de griffie van voornoemde afdeling.

Rijswijk, 23 februari 2010

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,

namens deze:

het hoofd van de afdeling Vergunningverlening,

A.J.M. Geurts van Kessel.

Naar boven