Bekendmaking verlening Opsporingsvergunning F15b en F15c aan Cirrus Energy Nederland B.V.

16 februari 2010

nr. ET/EM / 9194673

Procesverloop

  • Cirrus Energy Nederland B.V. (hierna genoemd Cirrus) heeft op 22 december 2008, ontvangen op 12 januari 2009, een aanvraag ingediend voor het opsporen van koolwaterstoffen in de blokdelen F15b en F15c;

  • De uitnodiging tot het doen van een concurrerende aanvraag is op 8 april 2009 gepubliceerd in het Europees Publicatieblad (C84/11). Op11 mei 2009 is van deze uitnodiging melding gemaakt in de Staatscourant (Stcrt. 2009, nr. 85). Binnen de termijn van 91 dagen na publicatie van de aanvraag in het Publicatieblad is geen concurrerende aanvraag ingediend. De aangevraagde geldigheidsduur is 5 jaar;

  • TNO Bouw en Ondergrond, adviesgroep EZ (hierna genoemd TNO) heeft op verzoek van de Minister van Economischer Zaken op 26 augustus 2009 advies uitgebracht;

  • Staatstoezicht op de mijnen (hierna genoemd Sodm) heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 3 september 2009 advies uitgebracht;

  • De Mijnraad heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 16 november 2009 advies uitgebracht (kenmerk MIJR/9184342), ontvangen op 3 december 2009, op grond van artikel 105, derde lid, van de Mijnbouwwet.

Gelet op de artikelen 6,7,9,11, eerste tot en met het derde lid, 12,15,16,17 en 105, derde lid, van de Mijnbouwwet, alsmede artikel 1.3.7 van de Mijnbouwregeling;

Besluit:

Artikel 1

Aan Cirrus Energy Nederland B.V. wordt een opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen verleend.

Artikel 2

De vergunning geldt voor de blokdelen F15 b en F15c, welk blokdelen zijn aangegeven op de kaart die als bijlage bij de Mijnbouwregeling is gevoegd.

Artikel 3

De vergunning geldt, vanaf het tijdstip van inwerkingtreding nadat zij onherroepelijk is geworden, gedurende een tijdvak van vier jaar.

Artikel 4

De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel uitmaakt van de op 12 januari 2009 ontvangen aanvraag, met dien verstande dat binnen twee jaar een geactualiseerd werkprogramma aan de Minister wordt voorgelegd dat een onvoorwaardelijke boring in uiterlijk het derde jaar bevat.

Artikel 5

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken,

namens deze:

Directeur Energiemarkt,

J.C. De Groot.

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: L/204), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven