Verlengen geldigheidsduur opsporingsvergunning F14-diep

18 november 2010

Nr. ETM/EM/10171241

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

Procesverloop:

  • Wintershall Noordzee B.V. (hierna: Wintershall), GDF SUEZ E&P Nederland B.V. (hierna: GDF), Rosewood Exploration Limited (hierna: Rosewood) en TAQA Offshore B.V. (hierna: TAQA) zijn houders van de bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 29 december 2009, verleende opsporingsvergunning F14-diep, met kenmerk ET/EM/9220495;

  • Het tijdvak waarvoor de opsporingsvergunning F14-diep geldt eindigt op 21 november 2010. Bij brief van 29 oktober 2010 heeft de vergunninghouder een aanvraag ingediend om verlenging van de geldigheidsduur van de vergunning met een minimum periode van drie jaar.

Gelet op artikel 18 Mbw;

Besluit:

Artikel 1

Artikel III, artikel 2 van het besluit ET/EM/9220495 wordt gewijzigd als volgt:

De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel uitmaakt van zijn verzoek tot verlenging van de vergunningtermijn van 29 oktober 2010.

De vergunninghouder neemt bij de uitvoering van het werkprogramma de volgende voorwaarden in acht:

  • voor het einde van het jaar 2011 deelt de vergunninghouder schriftelijk mee aan de Minister van Economische Zalen, Landbouw en Innovatie, onder vermelding van tijdstip, geologische structuur en diepte, de plaats waar een boring zal worden verricht;

  • voor het einde van het jaar 2012 wordt één boring geplaatst.

Artikel 2

Artikel III, artikel 4 van het besluit ET/EM/9220495 wordt gewijzigd als volgt:

Het tijdvak waarvoor de vergunning geldt eindigt op 21 november 2013.

Artikel 3

Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na die waarop dit besluit is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

namens deze:

P. Jongerius,

Themacoördinator mijnbouw en mijnbouwklimaat directie Energiemarkt.

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: X/050), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven