Op 01-01-2003 is het Mijnbouwbesluit in werking getreden. Op grond van artikel 164, eerste respectievelijk tweede lid, van
dit Besluit gelden vergunningen voor de ontginning van kalksteen respectievelijk voor het gebruik van groeven voor een ander
doeleinde dan de ontginning van kalksteen die zijn verleend voor 01-01-2003 als vergunningen als bedoeld in artikel 146 respectievelijk
artikel 151 van het Mijnbouwbesluit.
Er bestaat aanleiding om vergunningen geldend krachtens artikel 164, eerste en tweede lid, van het Mijnbouwbesluit te actualiseren.
Deze vergunningen bevatten voorschriften die zijn verouderd of op grond van artikel 164, tweede lid, van het Mijnbouwbesluit
zijn vervallen omdat zij geen betrekking hebben op de gesteentemechanische veiligheid van de groeve. Daarnaast ontbreken in
deze vergunningen de beperkingen en voorschriften die op grond van de artikelen 147 en 152 van het Mijnbouwbesluit, in samenhang
met artikel 164, derde lid, van het Mijnbouwbesluit aan deze vergunningen worden verbonden.
Bij de actualisatie van de vergunningen geldend krachtens artikel 164, eerste en tweede lid, van het Mijnbouwbesluit is gebleken
dat van een aantal van deze vergunningen geen gebruik meer wordt gemaakt. Het betreft de volgende vergunningen:
Voor groeven gelegen binnen percelen in de gemeente Maastricht:
Voor groeven gelegen binnen percelen in de gemeente Margraten:
3) Koeleboschgroeve, de vergunning op 27-06-1980 verleend aan het Natuurhistorisch Genootschap in Limburg voor het gebruik van de groeve als vleermuisreservaat;
4) Kloosterkeldergroeve, de vergunning op 09-10-1945 verleend aan de Stichting Missiehuis Afrikaanse Missiën voor het gebruik van de groeve voor het
opbergen van huishoudelijke artikelen;
5) Nieuwe Groeve St. Joseph, de vergunning op 25-01-1950 verleend aan de heer J. Claessens voor het gebruik van de groeve voor het kweken van champignons;
6) Vuursteenmijn Rijckholt, de vergunning op 12-03-1965 verleend aan Staatsbosbeheer voor het in gebruik nemen van een prehistorische vuursteenmijn;
7) Vuursteenmijn Rijckholt, de vergunning op 21-04-1969 verleend aan Staatsbosbeheer voor het uitbreiden van de prehistorische vuursteenmijn.
Voor groeven gelegen binnen percelen in de gemeente Valkenburg aan de Geul:
8) Flesscheberg, de vergunning op 22-03-1946 verleend aan de heer H. Duysen voor het gebruik van de groeve voor het winnen van losse mergel;
9) Slangenberggroeve, de vergunning op 14-07-1922 verleend aan B&W van de gemeente Berg en Terblijt tot ontginning van de groeve;
10) Viltergroeve of Viltersteengroeve, de vergunning op 28-04-1922 verleend aan B&W van de gemeente Berg en Terblijt tot ontginning van de groeve.
De Minister is voornemens bovengenoemde vergunningen in te trekken.
De ontwerpbeschikking en de andere relevante stukken liggen met ingang van 15-11-2010 tot en met 27-12-2010 ter inzage op
de secretarie van de gemeenten:
1. Maastricht, Mosae Forum 10, 6211 DW Maastricht, telefoon 045-350 50 50;
2. Margraten, Amerikaplein 1, 6269 DA Margraten, telefoon 043-458 84 88;
3. Valkenburg aan de Geul, Park Dersaborg, Geneindestraat 4, 6301 HC Valkenburg aan de Geul, telefoon 045-609 92 92.
Inzage is mogelijk op werkdagen tijdens openstelling van de secretarie.
Tot en met 27-12-2010 kunnen belanghebbenden zienswijzen met betrekking tot de ontwerpbeschikking schriftelijk of mondeling
kenbaar maken aan:
Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
DGETM, Directie Energiemarkt
t.a.v. de heer E.J. Hoppel, ALP/562, telefoon 070-379 70 88
Postbus 20101
2500 EC DEN HAAG
Ook voor inlichtingen kunt u zich wenden tot de heer E.J. Hoppel.