De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
In overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
Gelet op de artikelen 4, 5 en 6, eerste lid, van de Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen BES;
Besluit:
Artikel 1
De invoer in het vrije verkeer van de in bijlage I opgenomen werkzame stoffen of bestrijdingsmiddelen is verboden.
Artikel 2
Het is verboden in een openbaar lichaam de in bijlage II opgenomen werkzame stoffen of bestrijdingsmiddelen te kopen of te
gebruiken, tenzij daartoe vergunning is verleend door het desbetreffende bestuurscollege van dat openbaar lichaam.
Artikel 3
1. Het is verboden een in bijlage I opgenomen werkzame stof of bestrijdingsmiddel aan te prijzen.
2. Het is verboden een in bijlage II opgenomen werkzame stof of bestrijdingsmiddel aan te prijzen zonder daarbij te vermelden
dat voor de aankoop en het gebruik van het betrokken bestrijdingsmiddel een vergunning van het bestuurscollege is vereist.
Artikel 4
De Rijksdienst Caribisch Nederland wordt aangewezen als bevoegde instantie, bedoeld in artikel 2 van de Wet voorschriften
bestrijdingsmiddelen BES.
Artikel 5
De Uitvoeringsregeling Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen BES wordt ingetrokken.
Artikel 6
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling uitvoering Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen BES.
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 10 oktober 2010. Indien deze regeling nadien wordt gepubliceerd, treedt zij
in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt zij terug tot
en met 10 oktober 2010.
TOELICHTING
Op 10 oktober 2010 houdt het land Nederlandse Antillen op te bestaan en verkrijgen de eilandgebieden Bonaire, Sint Eustatius
en Saba de status van openbaar lichaam behorende bij Nederland. De Uitvoeringsregeling Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen
BES is vermeld op de lijst van regelingen, behorende bij de Invoeringswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
De Uitvoeringsregeling komt in de plaats van de volgende Nederlands-Antilliaanse regelgeving en voegt deze samen:
• Landsbesluit houdende algemene maatregelen van de 24ste september 1974 ter uitvoering van artikel 6, lid 1, van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten,
• Landsbesluit houdende algemene maatregelen van de 12de januari 1987 ter uitvoering van artikel 6, lid 1, van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten,
• Landsbesluit houdende algemene maatregelen van de 16e januari 1987 ter uitvoering van artikel 6, lid 1, van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten,
• Ministeriële beschikking van de 6de oktober 1961 ter uitvoering van artikel 4 van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten,
• Ministeriële beschikking van de 29ste maart 1968 ter uitvoering van artikel 4 van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten, en
• Ministeriële beschikking van de 17de september 1987 ter uitvoering van artikel 4 van de Landsverordening van de 18de juli 1961 (P.B. 1961, no. 116) houdende voorschriften in het belang van de volksgezondheid met betrekking tot bestrijdingsmiddelen
van schadelijke dieren en planten.
Doordat deze besluiten en beschikkingen van rechtswege onderdeel worden van een ministeriële regeling, kan onduidelijkheid
ontstaan over de precieze inhoud van die regeling. Daarom wordt de Uitvoeringsregeling Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen
BES ingetrokken door de Regeling uitvoering Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen BES, zodat duidelijk is welke regels gelden
met ingang van 10 oktober 2010, het tijdstip van transitie voor de openbare lichamen.
Daarnaast zijn ten opzichte van de besluiten en beschikkingen zoals die golden voor transitie de volgende wijzigingen doorgevoerd
in de nieuwe regeling:
Nu het op grond van de Nederlands-Antilliaanse regelgeving reeds verboden was Phosdrin in te voeren maar het tevens was verboden
het desbetreffende middel zonder vergunning te gebruiken, is omwille van de duidelijkheid in de onderhavige regeling slechts
het verbod om Phosdrin in te voeren opgenomen. Een verbod op invoer in het vrije verkeer impliceert immers dat het middel
niet aanwezig mag zijn in een openbaar lichaam en dus ook niet mag worden verkocht of gebruikt.
Deze regeling bevat verder een verbod op het aanprijzen van niet toegestane toepassingen of bestrijdingsmiddelen. Dit verbod
is gebaseerd op artikel 5 van de Wet voorschriften bestrijdingsmiddelen BES. Het verbod beoogt te voorkomen dat ongeoorloofde
reclame wordt gemaakt voor bestrijdingsmiddelen. Het is onwenselijk dat enerzijds een middel is verboden, terwijl anderzijds
wel reclame voor zo’n middel zou mogen worden gemaakt.
In artikel 4 van de onderhavige regeling is bepaald dat de Rijksdienst Caribisch Nederland als ontvangstloket voor een kennisgeving
met betrekking tot een voornemen tot invoer van een bestrijdingsmiddel zal fungeren. Alle kennisgevingen moeten dus naar de
Rijksdienst worden gestuurd. De Rijksdienst stuurt de kennisgeving door naar de ministeries van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer in Den Haag. Beide ministers kunnen zonodig besluiten dat een
bestrijdingsmiddel niet in het vrije verkeer mag worden gebracht dan wel slechts mag worden aangekocht en gebruikt nadat daartoe
vergunning is verleend door het bestuurscollege van het desbetreffende openbaar lichaam. In deze gevallen wordt de werkzame
stof of het bestrijdingsmiddel opgenomen in een bijlage bij de regeling.
Deze regeling brengt geen wijziging aan in de administratieve lasten voor burger of bedrijfsleven.
Deze wijzigingsregeling treedt in werking met ingang van 10 oktober 2010. Daarmee wordt afgeweken van de LNV-uitgangspunten
van vaste verandermomenten die inhouden dat nieuwe regels slechts op 1 januari of 1 juli ingaan en dat minimaal twee maanden
daaraan voorafgaand publicatie van nieuwe regels plaatsvindt. Deze afwijking is noodzakelijk vanwege de transitiedatum.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
G. Verburg.