Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 2 juli 2010, nr. AV/SDA/2010/13343, tot wijziging van de Uitvoeringsregels behorende bij het Delegatie- en Uitvoeringsbesluit Wet arbeid vreemdelingen in verband met versoepeling van de tewerkstellingsvergunningverlening voor buitenlandse MBO-leerlingen

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op artikel 8, derde lid, onder 3°, van de Wet arbeid vreemdelingen, en artikel 8 van het Delegatie- en uitvoeringsbesluit Wet arbeid vreemdelingen;

Besluit:

ARTIKEL I

De Uitvoeringsregels Wet arbeid vreemdelingen behorende bij het Delegatie- en Uitvoeringsbesluit Wet arbeid vreemdelingen wordt als volgt gewijzigd:

A

Na paragraaf 22 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

22a. Stagiairs in het kader van internationale uitwisselingsprogramma’s tussen MBO-instellingen

Voor vreemdelingen die arbeid verrichten in het kader van internationale uitwisselingsprogramma’s tussen MBO-instellingen en hiervoor kortdurende stages volgen bij werkgevers in Nederland, kan voor maximaal drie maanden een tewerkstellingsvergunning worden verleend zonder toepassing van artikel 8, eerste lid, onder a, b en d, van de Wet arbeid vreemdelingen.

Voorwaarde voor toepassing van deze uitzonderingsmogelijkheid is dat deze stagiaires een opleiding volgen aan een MBO-instelling in hun herkomstland en in het kader van een MBO-uitwisselings/-mobiliteitsproject stages lopen bij bedrijven in Nederland. Voor deze stages dient uit een door de onderwijsinstelling in het land van herkomst afgegeven verklaring te blijken dat de stage een onderdeel uitmaakt van de studie. Tevens dient een uitgewerkt stageprogramma te worden overlegd, goedgekeurd door de onderwijsinstelling in het land van herkomst, waaruit blijkt wat de inhoud van de stage is en bij welke bedrijven stage wordt gelopen. Bij de stage(s) staat het werkend leren voorop en niet het verrichten van productieve arbeid.

De ontvangende MBO-instelling is verantwoordelijk voor de huisvesting, de begeleiding tijdens de stage en het verblijf van de deelnemers aan het uitwisselingsprogramma. Ook is de ontvangende MBO-instelling ervoor verantwoordelijk dat de vreemdeling een stagevergoeding zal ontvangen die niet lager mag zijn dan 50% van het voor hem geldende wettelijk minimumjeugdloon, bedoeld in artikel 8 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.

De tewerkstellingsvergunning zal worden verleend aan de Nederlandse MBO-instelling. De MBO-instelling draagt er zorg voor dat een kopie van de tewerkstellingsvergunning wordt verstrekt aan de werkgever(s) waar de stage wordt gelopen.

B

Aan paragraaf 32 wordt een alinea toegevoegd, luidende:

Een tewerkstellingsvergunning zal niet worden geweigerd voor de vreemdeling die minimaal 16 jaar is en voor wie een tewerkstellingsvergunning kan worden verleend op grond van paragraaf 22a voor het volgen van een stage van maximaal drie maanden in het kader van internationale uitwisselingsprogramma’s tussen MBO-instellingen.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2010.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 2 juli 2010

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

J.P.H. Donner.

TOELICHTING

Algemeen

Het aantal internationale uitwisselingen tussen leerlingen van MBO-scholen neemt toe. In dat verband is het gewenst het beleid te versoepelen voor het verstrekken van tewerkstellingsvergunningen voor buitenlandse mbo-leerlingen van minimaal 16 jaar die in het kader internationale uitwisselingsprogramma’s stages van maximaal drie maanden lopen bij een Nederlandse werkgever.

De versoepeling betreft twee punten: de leeftijd van personen voor wie een tewerkstellingsvergunning wordt afgegeven, en de hoogte van het stagevergoedingsbedrag.

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdeel A en B

Deze wijziging van de Uitvoeringsregels maakt het mogelijk dat onder bepaalde voorwaarden buitenlandse MBO-stagiaires, die in het kader van internationale uitwisselingsprogramma’s tussen MBO-instellingen, bij een Nederlandse werkgever stage kunnen lopen voor maximaal 3 maanden zonder dat de eisen van artikel 8, eerste lid, onder a, b en d, van de Wet arbeid vreemdelingen van toepassing zijn.

Deze wijziging brengt ook teweeg dat de stagevergoeding voor MBO-stagiaires vastgesteld zal worden tot minimaal 50% van de voor de jongere geldende wettelijk minimumjeugdloon.

De stagevergoeding wordt dan gekoppeld aan de leeftijd van de stagiaire.

Deze wijziging van de Uitvoeringsregels maakt tevens een uitzondering op de hoofdregel, dat een tewerkstellingsvergunning wordt geweigerd aan personen indien zij die de leeftijd van 18 jaren nog niet hebben bereikt en zij niet al rechtmatig in Nederland verblijven. Door deze wijziging kunnen 16- en 17-jarige buitenlandse MBO-leerlingen, indien deelnemen aan een internationaal uitwisselingsprogramma, stage komen lopen bij een Nederlandse werkgever.

Artikel II

De inwerkingtredingsdatum is vastgesteld op 1 augustus 2010 in verband met de start van het schooljaar 2010–2011.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

J.P.H. Donner.

Naar boven