Regeling houdende wijziging van enkele regelingen met betrekking tot het scheepvaartverkeer

29 juni 2010

Nr. CEND/HDJZ-2010/952 sector SCH

Hoofddirectie Juridische Zaken

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 4, eerste lid, van het Vaststellingsbesluit Binnenvaartpolitiereglement en op de artikelen 8.06, eerste lid, en 9.07 van het Binnenvaartpolitiereglement en op artikel 9 van het Voorschriftenbesluit registerloodsen;

Besluit:

ARTIKEL I

Bijlage 2 van de Regeling communicatie rijksbinnenwateren wordt als volgt gewijzigd:

1. Het onderdeel ‘Regionale verkeerscentrale Dordrecht’ ‘Sector Dordrecht: Oude Maas, km 979,3 – Beneden Merwede, km 972,0 – Noord, km 978’ wordt als volgt gewijzigd:

a. In de titel boven de tabel wordt ‘Oude Maas, km 979,3’ vervangen door: Oude Maas, km 979,075.

b. In de kolom ‘Hoe’ wordt ‘Marifoonkanaal 19’ vervangen door: Marifoonkanaal 79.

2. In de titel van het onderdeel ‘Regionale verkeerscentrale Dordrecht’ ‘Sector Heerjansdam: – Oude Maas, km 979,3–km 998,2 – Dordtsche Kil, km 982, 6 – Spui, van km 996,0-Oude Maas’ wordt ‘Oude Maas, km 979,3–km 998,2’ vervangen door: Oude Maas, km 979,075-km 998,2.

3. Het onderdeel ‘Verkeerspost Wemeldinge / Operationele melding Oosterschelde-stroomgebied’ wordt vervangen door het in bijlage 1 van deze regeling opgenomen onderdeel.

4. De onderdelen ‘Verkeerscentrale Brandaris/Centrale Meldpost Waddenzee Administratieve voormelding sector Waddenzee buiten de VTS-gebieden’ en ‘Verkeerscentrale Brandaris /Centrale Meldpost Waddenzee Operationele melding sector Waddenzee buiten de VTS-gebieden’ worden vervangen door de in bijlage 2 van deze regeling opgenomen onderdelen.

ARTIKEL II

De Regeling examens scheepvaartverkeersdienst wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 23 komt te luiden:

Artikel 23

  • 1. Een kandidaat in het bezit van het getuigschrift registerloods is vrijgesteld van het afleggen van een deelexamen of een examen in een module van een deelexamen van het landelijk examen, behoudens van het deelexamen praktijkvaardigheid verkeersdienstsimulator, als dat getuigschrift:

    • a. niet meer dan drie jaar oud is;

    • b. meer dan drie, maar maximaal vijf jaar oud is, en de kandidaat:

      • 1°. de wetenschap en vaardigheid, waarvoor het getuigschrift registerloods is verstrekt, tot op het moment van aanvraag van het landelijk examen onafgebroken in de praktijk heeft toegepast, en

      • 2°. aantoonbaar heeft deelgenomen aan de ten behoeve van het getuigschrift registerloods gegeven bijscholingscursussen, of

    • c. meer dan vijf jaar oud is en de kandidaat voldoet aan het gestelde onder b, 1° en 2°, en tevens is ingeschreven in het loodsenregister.

  • 2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op het afleggen van een deelexamen of een examen in een module van een deelexamen van het regionaal examen Havenbedrijf Rotterdam N.V., met dien verstande dat:

    • a. geen vrijstelling wordt verkregen van het deelexamen regionale praktijkvaardigheid en de module relevante regionale reglementering met betrekking tot het scheepvaartverkeer van het deelexamen regionale scheepvaartverkeersreglementering, en

    • b. wanneer de kandidaat in het bezit is van een getuigschrift registerloods dat meer dan vijf jaar oud is, hij tevens over de regionale loodsenbevoegdheid voor de Loodsencorporatie regio Rijnmond beschikt.

B

De bijlagen 5 en 6 vervallen.

ARTIKEL III

De Regeling snelle motorboten Rijkswateren 1995 wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. In de aanhef van onderdeel b wordt ‘in de betonde vaargeulen’ vervangen door: binnen de betonning in de vaargeulen.

2. In onderdeel l vervalt ‘gedurende de periode van 1 juni tot en met 31 december’.

3. Onderdeel m wordt als volgt gewijzigd:

a. In vaarweggedeelte 1 wordt ‘km 881.000’ vervangen door: km 879.000.

b. In vaarweggedeelte 5 wordt ‘km 994.000’ vervangen door: km 993.000.

4. In onderdeel q vervalt ‘van km 952.500 tot km 962.000;’

5. Onderdeel t vervalt.

6. In onderdeel w vervalt ‘: van km 995.300 tot km 1010.000’

7. In onderdeel ai wordt ‘Engelsche Vaarwater, Oosterschelde tussen de lichtboei EV 7/ O 4 en de lijn die de tonnen 0 24 en 0 21 met elkaar verbindt’ vervangen door: Aanloop Wemeldinge, Engelsche Vaarwater, Oosterschelde tussen lichtboei EV 7/ O 4, in het oosten begrensd door eerdergenoemde Aanloop Wemeldinge.

8. Onderdeel ak wordt als volgt gewijzigd:

a. In de aanhef van onderdeel ak vervalt ‘/de Bergsche Maas en de Amer’.

b. Tussen vaarweggedeelten 13 en14 wordt het volgende kopje ingevoegd: de Bergsche Maas:.

c. Tussen vaarweggedeelten 19 en 20 wordt het volgende kopje ingevoegd: de Amer:.

B

Artikel 2, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel a komt te luiden:

  • a. het Marsdiep, ten zuiden van de lijn gevormd door de verbinding tussen de tonnen T 1 en T 3, en ten westen van de haven van Den Helder;

2. In onderdeel j, vaarweggedeelte 2, vervalt ‘gedurende de periode van 1 juni tot en met 31 december’.

3. In onderdeel k, vaarweggedeelte 3, wordt ‘van km 963.000 tot km 994.000’ vervangen door: van km 963.000 tot km 993.000.

4. In onderdeel u komt vaarweggedeelte 1 te luiden:

  • 1. in het westelijke deel van het Grevelingemeer:

    het met gele drijfbakens aangegeven gebied tussen de haven Springersdiep, Marina Port Zélande en de kruising Springersdiep – Hompelgeul, ca. 150 m verwijderd van de oever van de Brouwersdam, gemiddeld ca. 250 m van de haveningang van de haven Springersdiep en gemiddeld ca. 350 m van de haveningang van Marina Port Zélande;

5. In de aanhef van onderdeel x vervalt ‘/de Bergsche Maas en Amer’.

6. Tussen de vaarweggedeelten 13 en 14 wordt de volgende tekst ingevoegd: de Bergsche Maas:.

7. Tussen vaarweggedeelten 17 en 18 wordt het volgende kopje ingevoegd: de Amer:.

ARTIKEL IV

Artikel 7, onderdeel k, van de Voorschriftenregeling registerloodsen vervalt.

ARTIKEL V

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2010. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2010, treedt zij in werking met ingang van de dag na uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 juli 2010

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

C.M.P.S. Eurlings.

BIJLAGE 1

Wie

Wat

Bij wie

Hoe

Wanneer

Opmerkingen

Ieder schip, met uitzondering van een klein schip dat geen stoffen vervoert als bedoeld in artikel 9.07, derde lid, van het Binnenvaart-politiereglement.

* scheepsnaam

* positie

* vaarrichting

* elke bijzondere manoeuvre

verkeerspost Wemeldinge

marifoonkanaal 68

– bij het in noordgaande richting uitvaren van het sluizencomplex Hansweert

– bij het uitvaren van de westelijke voorhaven van het Krammersluizencomplex

– bij het uitvaren van een andere voorhaven van een sluizencomplex

– bij het uitvaren van een haven

Alle schepen moeten gedurende de vaart in het blokgebied uitluisteren, communiceren en oproepen beantwoorden.

BIJLAGE 2

Waddenzee

Administratieve voormelding Waddenzee buiten de VTS-gebieden

Wie

Wat

Bij wie

Hoe

Wanneer

Opmerkingen

– schepen met gevaarlijke ladingen

– bijzondere transporten

– bovenmaatse schepen

* scheepsnaam en call-sign

* nationaliteit

* scheepstype en tonnage

* lengte, breedte en diepgang

* Lloydsnummer

* haven van bestemming

* ETA

* geplande vaarroute

* soort lading

(naam en hoeveelheid van stoffen; klasse, cijfers en voorzover bekend stofnummer en VN-nummer

* bevestiging dat ladingplan aan boord is

* aantal personen aan boord

Centrale Meldpost Waddenzee

Telefonisch:

0031 562443100

Fax:

0031 562442355

• 24 uur voor het binnenvaren van de Waddenzee.

• Bij onvoorziene omstandigheden binnen VHF-bereik kanaal 4.

 

Operationele melding Waddenzee buiten:

  • de VTS-gebieden

  • verkeerspost Schiermonnikoog

Wie

Wat

Bij wie

Hoe

Wanneer

Opmerkingen

– schepen met gevaarlijke ladingen

– bijzondere transporten

* scheepsnaam en call-sign

* positie

* bijzonderheden

* VN-nummer/IMO klasse

* aantal personen aan boord

Centrale Meldpost Waddenzee

Marifoon-kanaal 4

Tijdig voor het binnenvaren van de Waddenzee via:

– de VTS-gebieden van Den Helder, Terschelling en Eems;

– de zeegaten tussen de Waddeneilanden

– de havens van de Waddeneilanden;

– de sluizen en havens aan het IJsselmeer en landzijde

 

Verkeerspost Schiermonnikoog

  • Vaarweg Lauwersoog-Noordzee v.v.

  • Vaarwegen naar Schiermonnikoog

Wie

Wat

Bij wie

Hoe

Wanneer

Opmerkingen

Ieder schip, met uitzondering van een klein schip dat geen stoffen vervoert als bedoeld in artikel 9.07, derde lid Binnenvaart-politiereglement

* scheepsnaam en call-sign

* positie

* bestemming

* elke bijzondere manoeuvre

* diepgang

* lading

* aantal personen aan boord

Verkeerspost Schiermonnikoog

Marifoonkanaal 5

Tijdig voor het binnenvaren van de Waddenzee en bij het voornemen tot het uitvoeren van een bijzondere manoeuvre, zoals het:

– in- of uitvaren van een haven of nevenvaarwater

– keren en oversteken van de vaarweg

– ten anker komen of verlaten van de anker- of ligplaats

 

TOELICHTING

Algemeen

Deze regeling strekt tot aanpassing van de Regeling communicatie rijksbinnenwateren, de Regeling examens scheepvaartverkeersdienst en de Regeling snelle motorboten Rijkswateren 1995. In het onderstaande zal per regeling een toelichting worden gegeven op de wijzigingen.

Wijziging van de Regeling communicatie rijksbinnenwateren

Deze wijziging van de Regeling communicatie rijksbinnenwateren strekt tot enkele technische aanpassingen van de aanduidingen van de sectoren Dordrecht en Heerjansdam, behorende tot de Regionale Verkeerscentrale Dordrecht en de Verkeerspost Wemeldinge.

Voorts voegt onderhavige wijziging aan het beheersgebied Waddenzee in bijlage 2 de verkeerspost Schiermonnikoog toe (artikel I, onderdeel 4). Ten behoeve van de overzichtelijkheid wordt tevens de benaming van de sectoren en meldgebieden herzien.

Tot nu toe viel verkeerspost Schiermonnikoog buiten de twee communicatieregelingen van de Scheepvaartverkeerswet. De Regeling communicatie en loodsaanvragen zeevaart heeft namelijk uitsluitend betrekking op zeehavens, terwijl de haven van Schiermonnikoog niet wordt beschouwd als zeehaven. De verkeerspost Schiermonnikoog maakt echter ook geen deel uit van het binnenvaart VTS-systeem, omdat de post niet is ingericht als IVS'90-object.

Doordat verkeerspost Schiermonnikoog geen deel uitmaakt van de genoemde meldingsregelingen, vindt geen structurele monitoring plaats van het scheepvaartverkeer op de vaarweg naar Schiermonnikoog en op de vaarweg Lauwersoog-Noordzee.

Om drie redenen is deze situatie ongewenst:

Toename passagiersvaart en overig scheepvaartverkeer

Rijkswaterstaat heeft ter plaatse waargenomen dat de laatste jaren het aantal bezoeken van grote passagiersschepen, zoals onder andere grote high speed ferries, aan Schiermonnikoog sterk is toegenomen.

In geval van een calamiteit is het essentieel dat het aantal opvarenden van deze passagiersschepen bekend is bij de bevoegde autoriteit, zodat passende reddingsmaatregelen kunnen worden genomen.

Naast deze passagiersvaart is ook sprake van een toename van de grotere recreatievaart (> 20 meter), bezoeken van overmaatse schepen en vissersvaartuigen.

Geen zicht op gevaarlijke vervoer stoffen

Er bestaat op de genoemde vaarwegen géén meldplicht voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Ook dit bemoeilijkt het adequaat optreden ingeval van calamiteiten. Juist in een ecologisch kwetsbaar gebied als de Waddenzee is het essentieel om het vervoer van gevaarlijke stoffen te monitoren en risico's voor de veiligheid en het milieu goed te kunnen inschatten.

Beheerregime niet afgestemd op verkeersintensiteit

Doordat op de genoemde vaarwegen geen meldplicht geldt, is er thans onvoldoende inzicht in de verkeersbewegingen ter plaatse. Hierdoor is het niet mogelijk om beheersmaatregelen zoals bijvoorbeeld verkeersbegeleiding, plaatsing van verkeerstekens en baggeren af te stemmen op het verkeersbeeld, noch om een realistische inschatting te maken van risico's voor de scheepvaart, omgeving en het milieu. Er zijn geen statistieken beschikbaar, zodat ook de basis voor juiste budgettering voor beheer en onderhoud ontbreekt.

Bovenstaande bezwaren vormden de aanleiding voor onderhavige wijziging.

Regeling examens scheepvaartverkeersdienst

De Regeling examens scheepvaartverkeersdienst voorziet in vrijstellingsmogelijkheden voor examens voor zogenaamde ‘verkeersbegeleiders voor de afhandeling van verkeer op het water’. In bijlagen 5 en 6 van de regeling zijn de kwalificaties opgenomen waarmee voor (delen van) het examen voor de scheepvaartverkeersdienst vrijstellingen kunnen worden verkregen.

Gebleken is echter dat de in bijlagen 5 en 6 opgenomen opleidingen waarmee vrijstelling verkregen kan worden, onvoldoende waarborgen bieden voor voldoende gekwalificeerde verkeersbegeleiders. Derhalve worden deze bijlagen ingetrokken. Hierbij zal de vrijstellingsmogelijkheid voor registerloodsen echter in stand blijven, aangezien de kwalificaties van deze beroepsgroep voldoende zijn gebleken.

Regeling snelle motorboten Rijkswateren 1995

De Regeling snelle motorboten Rijkswateren 1995 wordt gemiddeld één keer per twee jaar geactualiseerd. De vaarwegbeheerders evalueren de aanwijzing van de gebieden waar snel gevaren mag worden voortdurend, zodat de aansluiting tussen de wensen van de gebruikers van deze gebieden enerzijds en de overige vaarweggebruikers, belanghebbenden en de maatschappij anderzijds gewaarborgd blijft.

De aanpassingen in de onderhavige wijzigingsregeling bestaan vooral uit wijziging van de begrenzingen van de snelvaargebieden of verruiming van de periode waarbinnen snel gevaren mag worden in sommige aangewezen gebieden. Het betreft voornamelijk verruiming van de vaargebieden en de periode waarbinnen snel gevaren mag worden.

Met deze wijziging wordt één gebied toegevoegd: het Marsdiep, voor de kust van Den Helder. In dit gebied was waterskiën niet toegestaan. Thans wordt een gebied aangewezen tussen de tonnen T1, T3 en het westen van de haven van Den Helder.

Voorschriftenregeling registerloodsen

Nadat een registerloods zijn diensten op een zeeschip heeft verricht, dient degene die belast is met het gezag over dat zeeschip een loodscertificaat in te vullen en te ondertekenen (artikel 9 van het Voorschriftenbesluit registerloodsen).

Een van de punten die daarop moet worden ingevuld is de datum van afgifte van het ontrattingscertificaat (artikel 7, onderdeel k, van de Voorschriftenregeling registerloodsen).

Sinds 15 juni 2007 worden er echter geen ontrattingscertificaten meer afgegeven als gevolg van de op 23 mei 2005 door de Wereldgezondheidsvergadering van de Wereldgezondheidsorganisatie aangenomen Internationale Gezondheidsregeling (Trb. 2007, 34). Hierin zijn nieuwe internationale afspraken op het terrein van de infectieziektebestrijding gemaakt. Deze afspraken zijn vastgelegd in de Wet publieke gezondheid. Om deze redenen kan de verplichting tot in invullen van de datum van afgifte van het ontrattingscertificaat op het loodscertificaat vervallen (artikel IV).

Administratieve lasten

De wijzigingen van de Regeling examens scheepvaartverkeersdienst en de Regeling snelle motorboten Rijkswateren 1995 brengen geen administratieve lasten met zich.

De invoering van het nieuwe meldingsregime rond Schiermonnikoog in de Regeling communicatie Rijksbinnenwateren brengt een verhoging van de administratieve lasten met zich die in het onderstaande zal worden gekwantificeerd.

De operationele melding geschiedt per marifoon. Deze melding zal ongeveer twee minuten kosten, hierbij is de daadwerkelijke melding inbegrepen alsmede de verzameling van de te melden gegevens. De te melden gegevens zijn namelijk voor de schipper of gezagvoerder eenvoudig beschikbaar in de ladingdocumenten, op de passagierslijsten en op de navigatieapparatuur. Er is gekozen voor melding via de marifoon omdat dit de minst arbeidsintensieve wijze van melden is. Elektronische melding komt weliswaar steeds vaker voor, maar voor dit soort operationele meldingen ligt dit minder voor de hand. Het invoeren van gegevens in een computersysteem kost namelijk aanzienlijk meer tijd dan een melding per marifoon.

Vanwege het ontbreken van gegevens over de exacte verkeersintensiteit rond Schiermonnikoog heeft de vaarwegbeheerder een inschatting gemaakt van het aantal vaartuigbezoeken en derhalve het te verwachten aantal meldingen. Het is de verwachting dat ongeveer 80 meldingen per week, dit zijn 4160 meldingen per jaar, zullen worden gedaan. Hierbij kan echter niet worden aangegeven wat de verhouding is tussen het aantal Nederlandse schepen en buitenlandse schepen. Bij de berekening van de administratieve lasten is zekerheidshalve het aantal meldingen volledig toegerekend aan Nederlandse schepen. Uitgaande van 4160 meldingen van elk twee minuten tegen een tarief van €37,- per uur komt de totale verhoging van de administratieve lasten op € 5131,- per jaar.

De overige wijzigingen van de Regeling communicatie Rijksbinnenwateren brengen geen verandering in de administratieve lasten met zich.

In verband met de toename van de administratieve lastendruk is deze regeling voorgelegd aan het Adviescollege toetsing administratieve lasten (Actal).

Het College heeft besloten de regeling niet te selecteren voor een toets op de gevolgen voor de administratieve lasten.

Inwerkingtreding

Deze regeling was geruime tijd voor de toepassing van de zogenoemde vaste verandermomenten reeds in voorbereiding. Voor de publicatie van deze regeling zal derhalve nog gebruik worden gemaakt van de overgangsvoorziening en zal daarom niet twee maanden voor inwerkingtreding worden gepubliceerd. De inwerkingtreding zal echter wel samenvallen met de het vaste verandermoment voor inwerkingtreding te weten 1 juli 2010.

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdelen 1, 2 en 3

Deze onderdelen strekken tot enkele technische aanpassingen.

In de onderdelen 1 en 2 worden de sectorgrenzen van de sectoren Dordrecht en Heerjansdam, behorende tot de Regionale Verkeerscentrale Dordrecht, gewijzigd. Ook wordt het marifoonkanaal van de sector Dordrecht aangepast. Deze wijzigingen vonden reeds plaats in 2002, naar aanleiding van verkeersbesluit AVS 2002-8 (Stcrt. 2002, 72), maar zijn abusievelijk niet meegenomen bij de wijziging die op 1 januari 2010 in werking is getreden.

Onderdeel 3 wijzigt de locatie waarop moet worden gemeld bij de verkeerspost Wemeldinge. Deze wijziging hangt samen met de uitbreiding van de radardekking van verkeerspost Wemeldinge. Hierdoor kan eerder worden gemeld dan het moment van passeren van de Vlake bruggen.

Artikel I, onderdeel 4

Onderhavig onderdeel wijzigt de indeling en meldingsformaliteiten van het beheersgebied Waddenzee in bijlage 2 van de Regeling communicatie Rijksbinnenwateren op de volgende punten.

1. Indeling Waddenzee

De meldingen voor het beheersgebied Waddenzee worden opgedeeld in drie segmenten:

  • 1. Administratieve voormeldingen, buiten VTS-gebieden

  • 2. Operationele meldingen, buiten VTS-gebieden en verkeerspost Schiermonnikoog

  • 3. Meldingen verkeerspost Schiermonnikoog

De Monitorrichtlijn (richtlijn 2002/59/EG) en de Regeling communicatie en loodsaanvragen zeevaart kennen een administratieve voormelding (1), en operationele meldingen voor aankomst en vertrek (2). Zoals reeds aangegeven, zijn deze bepalingen niet van toepassing op verkeerspost Schiermonnikoog, zodat hiervoor een aparte categorie (3) is toegevoegd.

2. Toevoeging bovenmaatse schepen aan administratieve voormelding

De weersomstandigheden en fysieke omstandigheden van de vaarwegen in de Waddenzee kunnen sterk wisselen. Dit hangt samen met onder meer getijdewerking, aanwezigheid van zandbanken en stroming. Bovenmaatse schepen zijn vaak beperkt manoeuvreerbaar, en kennen daarom aangepaste voorschiften (op grond van art. 10.02 Binnenvaartpolitiereglement) ten aanzien van:

  • a. de toegelaten afmetingen van een schip;

  • b. de bouw, de uitrusting, het motorvermogen en de manoeuvreerbaarheid van een schip;

  • c. de grootste snelheid waarmede mag worden gevaren;

  • d. de meteorologische omstandigheden waaronder mag worden gevaren;

  • e. de te volgen route.

Alleen wanneer de vaarwegbeheerder vooraf weet, dat een bovenmaats schip het gebied zal bezoeken, kunnen passende beheersmaatregelen, zoals informatievoorziening en begeleiding, worden genomen.

3. Toevoeging aantal personen aan boord

Op dit moment bestaat géén zicht op het aantal opvarenden en/of passagiers aan boord van de schepen buiten de VTS-gebieden. Inzicht in het aantal personen is noodzakelijk voor het adequaat optreden van reddingsdiensten in geval van een calamiteit. Daarom wordt bij alle categorieën het aantal personen toegevoegd, en daarmee in overeenstemming gebracht met de meldingen binnen het VTS-gebied, waar dit gegeven reeds verplicht onderdeel is van de melding.

4. Toevoeging verkeerspost Schiermonnikoog

De meldplicht voor verkeerspost Schiermonnikoog gaat gelden voor alle schepen, niet zijnde kleine schepen (tot 20 meter). Kleine schepen die gevaarlijke stoffen vervoeren vallen wél onder de meldplicht.

De te melden gegevens hebben betrekking op:

  • identificatie van het schip

  • positie en bestemming

  • diepgang

  • lading

  • aantal personen aan boord

Daarnaast moeten eventuele bijzondere manoeuvres worden gemeld. Enkele voorbeelden daarvan zijn opgenomen, maar genoemde lijst is niet uitputtend.

Artikel II

Met het nieuwe artikel 23 geldt de vrijstellingsmogelijkheid nog slechts uitsluitend voor geregistreerde loodsen. De specifieke opleiding tot registerloods rechtvaardigt het behoud van de vrijstellingen voor deze beroepsgroep. Voor het regionaal examen Havenbedrijf Rotterdam N.V. van het deelexamen bedoeld in artikel 35, onderdeel d, 1° en h, van de Regeling examens scheepvaartverkeersdienst, wordt echter geen vrijstelling wordt verleend.

Artikel III, onderdeel A

In subonderdeel 1 wordt de term ‘betonde vaargeulen’ vervangen door ‘binnen de betonning in de vaargeulen’. De term betonde vaargeulen leverde verwarring op, daar de vaargeulbreedte en de 'betonde breedte' niet altijd overeenstemmen. Met deze nieuwe definitie wordt deze onduidelijkheid weggenomen.

In subonderdeel 2 komt de aanduiding van de periode waarbinnen snel mag worden gevaren, te vervallen, zodat thans het gehele jaar in dit gebied snel gevaren mag worden.

In subonderdeel 3 wordt vaarwegvak 1 naar het zuiden 2 twee kilometer uitgebreid, terwijl vaarwegvak 5 aan de noordzijde 1 kilometer wordt ingekort.

In subonderdeel 4 wordt de vaarwegvak-aanduiding verwijderd, zodat de gehele Boven-Merwede thans wordt aangewezen als gebied voor snel varen.

In subonderdeel 5 komt vaarweggedeelte 1 te vervallen en wordt vaarweggedeelte 2 verplaatst naar artikel 1, eerste lid, onderdeel ak. De rivier De Amer ligt in het verlengde van de in onderdeel ak genoemde vaarwegen Maas en Bergsche Maas. Toevoeging van de Amer aan dit onderdeel schept meer duidelijkheid voor de gebruikers van dit aaneengesloten watersysteem.

In subonderdeel 6 wordt de vaarwegvak-aanduiding verwijderd, zodat het gehele Spui thans wordt aangewezen als gebied voor snel varen.

In subonderdeel 7 is de ‘aanloop Wemeldinge’ opgenomen in de begrenzing van het gebied waarbinnen mag worden snel gevaren.

Met subonderdeel 8 wordt aan onderdeel ak van artikel 1, eerste lid, de Amer toegevoegd, en wordt tevens ter verduidelijking aangegeven, waar de Bergsche Maas begint en welke gebieden op dit vaarwater zijn aangewezen. Beide wijzigingen dienen ter verduidelijking voor de gebruikers van dit aaneengesloten watersysteem.

Artikel III, onderdeel B

Met artikel III, onderdeel B, onder 1, wordt in artikel 2, eerste lid, een nieuw onderdeel a opgenomen, namelijk het Marsdiep, voor de kust van Den Helder. In dit gebied was waterskiën niet toegestaan. Thans wordt een gebied aangewezen tussen de tonnen T1, T3 en het westen van de haven van Den Helder.

Subonderdeel 2 strekt tot wijziging van de periode waarbinnen snelvaren is toegestaan. Hierdoor wordt snel varen op het Zwarte Water het gehele jaar toegestaan.

In subonderdeel 3 wordt overeenkomstig de wijziging in artikel II, onderdeel A, subonderdeel 3, de noordelijke grens 1 kilometer verlegd.

Subonderdeel 4 betreft een redactionele wijziging ten behoeve van de leesbaarheid en daarnaast is de aanduiding ‘ton SP 21’ vervangen door ‘kruising Springersdiep – Hompelgeul, ca. 150 m verwijderd van de oever van de Brouwersdam’. Tot slot is de grens van de gebiedsafbakening 50 meter dichter naar de haven Springersdiep gelegd.

Tot slot strekken subonderdelen 5, 6 en 7 tot aanpassingen om onderdeel x van artikel 2, eerste lid, in overeenstemming te brengen met onderdeel ak van artikel 1, eerste lid. Hiertoe is ook dit onderdeel opgesplitst in de Maas, Bergsche Maas en Amer, ter verduidelijking voor de gebruikers van dit aaneengesloten watersysteem.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

C.M.P.S. Eurlings.

Naar boven