Maatwerkvoorschrift ingevolge het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer voor B.V. Aannemingsbedrijf De Klerk te Werkendam namens Rijkswaterstaat Zeeland te Middelburg

Wet verontreiniging oppervlaktewateren

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat maakt ter voldoening aan de Algemene wet bestuursrecht het volgende bekend.

Op 11 mei 2009 is van B.V. Aannemingsbedrijf De Klerk te Werkendam, namens Rijkswaterstaat Zeeland te Middelburg een aanvraag ontvangen voor het in de Westerschelde brengen van afvalstoffen, afkomstig van reparatiewerkzaamheden aan de Middensluis te Terneuzen. De aanvraag wordt beschouwd als een aanvraag op grond van artikel 2.2. leden 3 en 4 van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit), betreffende het onder voorwaarden stellen van een maatwerkvoorschrift.

De aanvraag en het besluit daarop kunnen worden ingezien van 25 juni 2009 tot en met 5 augustus 2009 bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, Toezichteenheid Waterbeheer, Noorderwagenplein 6, 8223 AL Lelystad, bij de RijkswaterstaatZeeland, afdeling Vergunningverlening en Handhaving, Poelendaelesingel 18 te Middelburg op voorafgaande afspraak (tel. 0118-62 24 28) op werkdagen van 9–12 uur en van 13–16 uur en bij de gemeente Terneuzen, Stadhuis, Oostelijk Bolwerk 4 te Terneuzen, de vestiging op Markt 1 te Axel en de vestiging op Vlaanderenplein 1 te Sas van Gent, op maandag van 13.00 tot 17.00 uur, op dinsdag tot en met donderdag van 09.00 tot 17.00 uur en op vrijdag van 09.00 tot 20.00 uur.

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan tegen het besluit binnen zes weken na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt een bezwaarschrift worden ingediend. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat en gezonden aan de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat dienst Zeeland (adres: postbus 5014, 4330 KA Middelburg).

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en tenminste het volgende te bevatten:

  • 1. de naam en het adres van de indiener;

  • 2. de dagtekening;

  • 3. vermelding van de datum en het kenmerk van de beschikking waartegen het bezwaarschrift zich richt;

  • 4. een opgave van de redenen waarom men zich met de beschikking niet kan verenigen.

Indien een bezwaarschrift is ingediend is het mogelijk om daarnaast een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in te dienen. Een dergelijk verzoek dient te worden gericht aan de Voorzitter van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het verzoek dient te worden ondertekend en tenminste het volgende te bevatten:

  • 1. de naam en het adres van de indiener;

  • 2. de dagtekening;

  • 3. vermelding van het bestuursorgaan dat de beschikking heeft genomen en de datum en het kenmerk van de beschikking;

  • 4. de gronden van het verzoek (motivering).

Bij het verzoek dient voorts een afschrift van het bezwaarschrift te worden overgelegd.

Naar aanleiding van het verzoek kan de voornoemde Voorzitter een voorlopige voorziening treffen indien, onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Voor de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening wordt een bedrag aan griffierecht geheven. De griffier van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State wijst de verzoeker na de indiening van diens verzoek op de verschuldigdheid van het griffierecht en bericht de verzoeker binnen welke termijn en op welke wijze het verschuldigde griffierecht moet worden voldaan.

Lelystad, 24 juni 2009

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,

namens deze:

de Hoofdinspecteur van de Toezichteenheid Waterbeheer,

namens deze:

de Unitmanager van de Unit toelating en Continuering,

F. Dijkman.

Naar boven