De Minister van Verkeer en Waterstaat maakt, gelet op het bepaalde
in de Algemene wet bestuursrecht, het volgende bekend:
Op 3 juni 2009 met het kenmerk RWSCD BJV 2009/1894 is vergunning
verleend op grond van artikel 2, eerste lid, van de Wet beheer
rijkswaterstaatswerken voor het plaatsen, onderhouden en behouden van
aanvullende verlichting op een aantal verzorgingsplaatsen langs de rijkswegen
A58, A67 en A16, een en ander met bijkomende en bijbehorende werken in de
gemeenten Asten, Oirschot, Oisterwijk en Gilze-Rijen.
Bezwaar
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan tegen dit besluit
binnen zes weken na de dag waarop dit is bekendgemaakt, een bezwaarschrift
worden ingediend. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de
hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat directie Noord-Brabant, Postbus
90157, 5200 MJ ’s-Hertogenbosch.
Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en ten minste het
volgende te bevatten:
a. de naam en het adres van de indiener;
b. de dagtekening;
c. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is
gericht en
d. de gronden van het bezwaar.
Voorlopige voorziening
Indien een bezwaarschrift is ingediend, is het mogelijk om
daarnaast een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in te
dienen. Een dergelijk verzoek dient te worden gericht aan de president van de
rechtbank binnen het rechtsgebied waarin de indiener van het bezwaarschrift
zijn woonplaats heeft. Het verzoek dient te zijn ondertekend en ten minste het
volgende te bevatten:
a. naam en het adres van de verzoeker;
b. de dagtekening;
c. een vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft
genomen en de datum en het nummer van het besluit;
d. de grond van het verzoek (motivering).
Bij het verzoek dient voorts een afschrift van het bezwaarschrift
te worden overgelegd. Zo mogelijk wordt tevens een afschrift waarop het geschil
betrekking heeft, overgelegd.
Indien het bezwaar- of verzoekschrift in een vreemde taal is
gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van het bezwaar of verzoek
noodzakelijk is, dient de indiener zorg te dragen voor een vertaling.
Naar aanleiding van het verzoek kan de bevoegde president een
voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken
belangen, dat vereist. Voor de behandeling van een verzoek om een voorziening
wordt een bedrag aan griffierecht geheven. De griffier van de betrokken
rechtbank wijst de verzoeker na de indiening van diens verzoek op de
verschuldigdheid van het griffierecht en bericht de verzoeker binnen welke
termijn en op welke wijze het verschuldigde griffierecht moet worden
voldaan.
Inlichtingen
Voor het verkrijgen van nadere informatie over het besluit kunt u
contact opnemen met het wegendistrict Eindhoven, de heer R. Echten, telefoon
040-280 88 08.