Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 24 september 2009, nr. G&VW/VW/2009/18427, houdende aanwijzing van TÜV Rheinland B.V. als aangewezen keuringsinstelling voor het keuren van drukapparatuur in het kader van het Warenwetbesluit drukapparatuur

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelezen het verzoekschrift van 18 juni 2009 van TÜV Rheinland B.V. te Amsterdam;

Overwegende dat een aangewezen keuringsinstelling moet voldoen aan de criteria voor aanwijzing, die vermeld zijn in artikel 7a van de Warenwet, hoofdstuk IV van het Warenwetbesluit drukapparatuur en artikel 15 van de Warenwetregeling drukapparatuur;

Overwegende dat het rapport van bevindingen R09/04. opgesteld door Inspectie Werk en Inkomen (brief met kenmerk 2009/3291 van 18 september 2009) het vertrouwen rechtvaardigt dat TÜV Rheinland B.V., voor wat betreft de in artikel 2, eerste lid van deze beschikking genoemde taken, aan voornoemde criteria voor aanwijzing voldoet;

Overwegende dat TÜV Rheinland B.V. in het bezit is van een accreditatie op basis van het Wet Specifieke Accreditatie Schema voor het Warenwetbesluit drukapparatuur voor de taken zoals beschreven in artikel 2, eerste lid van deze beschikking;

Overwegende dat TÜV Rheinland B.V. een overeenkomst heeft gesloten met de rechtspersoon, die het beheer voert over het Wet Specifieke Accreditatie Schema voor drukapparatuur;

Gelet op artikel 7a, eerste lid, van de Warenwet, hoofdstuk IV van het Warenwetbesluit drukapparatuur en artikel 15 van de Warenwetregeling drukapparatuur,

Besluit:

Artikel 1

In deze beschikking wordt verstaan onder:

a. wet:

de Warenwet;

b. besluit:

het Warenwetbesluit drukapparatuur;

c. drukapparatuur, drukapparaten, samenstellen, druksystemen, aangewezen keuringsinstelling, richtlijn;

hetgeen het besluit daaronder verstaat;

d. regeling;

de Warenwetregeling drukapparatuur;

e. WESA-schema:

Wet Specifieke Accreditatie Schema voor het Warenwetbesluit drukapparatuur (Staatscourant 11 juni 2006 nr. 132).

Artikel 2

  • 1. TÜV Rheinland B.V., Zekeringstraat 9A, 1014 BM te Amsterdam, verder instelling genoemd, wordt aangewezen als aangewezen keuringsinstelling, die bevoegd is tot het uitvoeren van de volgende taken:

    • A. Het uitvoeren van procedures ter beoordeling van druksystemen, die vallen binnen de risicocategorie II, III en IV in overeenstemming met artikel 12a van het Warenwetbesluit drukapparatuur en de modules A1, B, B1, C1, F en G van bijlage III van de richtlijn;

    • B. Het uitvoeren van keuringen voor ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen, die vallen binnen de risicocategorie I, II, III en IV van bijlage III van de richtlijn in overeenstemming met artikel 12b van het Warenwetbesluit drukapparatuur;

    • C. Het uitvoeren van herkeuringen van drukapparatuur met vaste termijnen in overeenstemming met artikel 12c van het Warenwetbesluit drukapparatuur;

    • D. Het uitvoeren van intredekeuringen aan drukapparatuur in overeenstemming met artikel 12d van het Warenwetbesluit drukapparatuur;

    • E. Het beoordelen van reparaties in de gebruiksfase in overeenstemming met artikel 14a van het Warenwetbesluit drukapparatuur;

    • F. Het beoordelen van wijzigingen in de gebruiksfase in overeenstemming 14a van het Warenwetbesluit drukapparatuur;

    • G. Het afgeven, weigeren, schorsen of intrekken van verklaringen in verband met de werkzaamheden genoemd onder A tot en met F.

  • 2. Deze aanwijzing kan worden ingetrokken, indien de instelling niet meer voldoet aan de aanwijzingscriteria die zijn vermeld in artikel 3 van deze aanwijzingsbeschikking of haar taken beëindigt. Het voornemen tot intrekking wordt tijdig kenbaar gemaakt.

Artikel 3

De instelling voldoet aan de eisen gesteld in de wet, het besluit, de regeling en indien van toepassing de richtlijn die op aangewezen keuringsinstellingen van toepassing zijn en neemt daarbij het volgende in acht:

  • a. De instelling deelt haar beslissingen met betrekking tot de afgifte, weigering, schorsing of intrekking van een verklaring bedoeld in artikel 2, eerste lid onder G van deze beschikking, zo spoedig mogelijk mede aan de aanvrager. Daarbij wordt de in de Algemene wet bestuursrecht vermelde termijn, waarbinnen bezwaar of beroep moet worden ingesteld, in acht genomen.

  • b. De instelling bewaart de gegevens met betrekking tot de afgifte van verklaringen, de weigering, schorsing of intrekking van een verklaring tenminste tienjaar in haar administratie als bedoeld in artikel 19a, eerste lid onder e, van het besluit. Zij neemt met betrekking tot haar administratie beheersregels in acht, die tenminste voldoen aan de bij of krachtens de Archiefwet en het Archiefbesluit terzake gestelde regels.

  • c. De instelling zal de afgifte van verklaringen en de daaraan voorafgaande beoordeling van onderzoeksresultaten niet uitbesteden aan anderen. Zij zorgt ervoor dat anderen, bedoeld in artikel 7a, tweede lid, van de wet, die de in dat artikellid bedoelde beproevingen verrichten, daarbij de wet, het besluit, de regeling en indien van toepassing de richtlijn in acht nemen. Zij legt de daarvoor noodzakelijke afspraken schriftelijk vast en houdt tevens een register bij, aan de hand waarvan bedoelde anderen en de door deze uit te voeren beproevingen per soort afdoende kunnen worden geïdentificeerd.

  • d. De instelling verleent de personen, die met het toezicht op de naleving van de wet, het besluit, de regeling en het bepaalde in deze beschikking zijn belast, toegang tot alle plaatsen waarvan de betreding voor de vervulling van hun taak nodig is en verschaft hen op hun verzoek alle voor dit toezicht van belang zijnde informatie.

  • e. De instelling stelt het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid terstond in het bezit van de beoordelingsrapportages van de accreditatieinstelling betreffende de op haar naam gestelde accreditatie op basis van het WESA-schema, alsmede van de daaromtrent gevoerde correspondentie, voor zover de accreditatie werkzaamheden betreffen als bedoeld in artikel 2 van deze beschikking. Tevens informeert zij genoemd ministerie onmiddellijk indien deze accreditatie haar geldigheid verliest of dreigt te verliezen.

  • f. De instelling pleegt bij haar taakuitoefening overleg met andere aangewezen instellingen over de juiste en zo veel mogelijk uniforme toepassing van relevante procedures, onderzoeksmaatstaven, richtlijnvoorschriften en normen. Daarnaast blijft de instelling zich aantoonbaar vertegenwoordigen in het georganiseerd nationaal overleg van de aangewezen keuringsinstellingen en aangewezen keuringsdiensten van gebruikers voor drukapparatuur.

  • g. De instelling verstrekt op een met redenen omkleed verzoek afschriften van dossiers en andere benodigde informatie aan een andere aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers voor drukapparatuur, voor zover dit in verband met een goede uitvoering van de taken als bedoeld in artikel 20 van het besluit, noodzakelijk is.

  • h. De instelling zendt het verslag van werkzaamheden over het afgelopen jaar, als bedoeld in artikel7c, tweede lid van de wet en artikel 5 van de regeling, jaarlijks vòòr 1 maart aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Artikel 4

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 12 oktober 2009 en vervalt met ingang van 12 oktober 2013.

Deze beschikking zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 24 september 2009

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

namens deze:

de directeur Gezond en Veilig Werken,

M.P. Flier.

Overeenkomstig de Algemene wet bestuursrecht kan tegen deze beschikking door een belanghebbende bezwaar worden gemaakt. Daartoe moet binnen zes weken na de datum van verzending van deze beschikking een bezwaarschrift worden ingediend bij de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden, Postbus 90801, 2509 LV te Den Haag.

In het bezwaarschrift moet worden aangegeven waarom de beschikking niet juist gevonden wordt. Bij het bezwaarschrift dient een kopie van deze beschikking en van eventuele andere op de zaak betrekking hebbende stukken te worden gevoegd.

Naar boven