Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,
Gelet op artikel 6, eerste lid, van
het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945, en het
Ontslagbesluit;
Besluit:
Artikel 1
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voert bij de
uitvoering van de wettelijke ontslagtaak een beleid als opgenomen in de bijlage
‘Beleidsregels ontslagtaak UWV 2009’.
Artikel 2
De bijlage, bedoeld in artikel 1, ligt ter inzage bij de locaties
van de afdeling Arbeidsjuridische dienstverlening van UWV WERKbedrijf en is te
raadplegen op de website www.werk.nl.
Artikel 3
Het Besluit Beleidsregels Ontslagtaak UWV
wordt ingetrokken.
Artikel 4
Dit besluit wordt aangehaald als Besluit beleidsregels ontslagtaak
UWV 2009.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot
en met 1 juni 2009.
TOELICHTING
Met het wetsvoorstel Wet Wijziging van de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen en enkele andere wetten in verband met
de evaluatie van deze wet, de kaderwet zelfstandige bestuursorganen en
deregulering Kamerstuknummer 31514) is de Wet Structuur uitvoeringsorganisatie
werk en inkomen (wet SUWI) gewijzigd. Resultaat hiervan is dat de Centrale
organisatie werk en inkomen (CWI) is opgehouden te bestaan. De taken van CWI
zijn sinds 1 januari 2009 belegd bij het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen (UWV). Binnen UWV is de afdeling Arbeidsjuridische
dienstverlening van UWV WERKbedrijf belast met de uitvoering van de wettelijke
ontslagtaak.
Het Ontslagbesluit is de ministeriële regeling ter uitvoering van
artikel 6, derde en vierde lid van het Buitengewoon Besluit
Arbeidsverhouding 1945. UWV hanteert bij de uitvoering van de ontslagtaak een
uitvoeringsbeleid dat is neergelegd in de bijlage bij dit besluit.
Niet alleen de samenvoeging van CWI en UWV maakte een herziening van
de tekst van het bestaande uitvoeringsbeleid noodzakelijk, maar ook gewijzigde
regelgeving. In het kader van een verlaging van de regeldruk is een vijftal
hoofdstukken ingetrokken en waar nodig geïntegreerd in andere hoofdstukken.
Enkele andere hoofdstukken zijn ingekort, dan wel ontdaan van overbodige of
dubbele teksten. Alle andere hoofdstukken zijn geactualiseerd en voorzien van
verduidelijkingen en verbeteringen. De hoofdstukken zijn opnieuw genummerd en
deels hernoemd. Enkele hoofdstukken zijn gereserveerd voor verwachte
ontwikkelingen.
Inhoudelijk gezien is het aantal grotere beleidsmatige wijzigingen
beperkt gebleven.
Het hoofdstuk over Bedrijfseconomische redenen beschrijft de inhoud
en de reikwijdte van de toets van de bedrijfseconomische redenen. Ter
verduidelijking zijn de paragrafen 3 en 7 (oud) samengevoegd tot één nieuwe
paragraaf 4. In deze nieuwe paragraaf wordt per subcategorie van de bedrijfseconomische
redenen aangegeven op welke wijze deze onderbouwd moet worden en welke stukken
de werkgever minimaal moet overleggen. Toegevoegd is een nieuwe subcategorie
van de bedrijfseconomische ontslagredenen, te weten het vervallen van
(loonkosten)subsidie.
Het hoofdstuk over Bedrijfsvestiging is qua opzet volledig herzien
met als doel te komen tot een zo eenduidig mogelijke vaststelling van de
bedrijfsvestiging(en). In paragraaf 1 worden de twee elementen uit de definitie
van bedrijfsvestiging (optreden in de maatschappij en organisatorisch verband)
uitgewerkt. De drie daaropvolgende paragrafen gaan in op mogelijke
verschijningsvormen. De paragraaf omtrent het vaststellen van de
bedrijfsvestiging(en) bij projectgebonden activiteiten (schoonmaak, catering
etc.) is ongewijzigd overgenomen uit het oude hoofdstuk bedrijfsvestiging.
Het hoofdstuk over Afspiegeling is verduidelijkt ten aanzien van het
begrip in acht te nemen personeelsbestand. Daarnaast zijn de te hanteren
uitgangspunten bij de toepassing van het afspiegelingsbeginsel, inhoudende het
beëindigen van de flexibele arbeidsverhoudingen, aangescherpt. Voorts is de
methodiek voor de afronding van de afspiegelingsberekening vereenvoudigd zonder
dat deze leidt tot andere uitkomsten.
In het hoofdstuk over Deskundigenadvies zijn de hoofdstukken
UWV-advies en de discretionaire bevoegdheid (oud) en Toetsing inhoud UWV-advies
(oud) samengevoegd. Met de samenvoeging van CWI en UWV is formeel in het
Ontslagbesluit bepaald dat UWV een volledige discretionaire bevoegdheid heeft
bij het vragen van een deskundigenadvies. Materieel is het uitvoeringsbeleid
van vóór de samenvoeging ten aanzien van het al dan niet vragen van een
deskundigenadvies echter niet gewijzigd.
In het nieuwe hoofdstuk wordt per ontslaggrond aangegeven wanneer
een deskundigenadvies zal worden gevraagd. Daarnaast beschrijft het hoofdstuk
de procedurele aspecten die een rol spelen bij het inwinnen van advies.
Voorzitter Raad van Bestuur UWV,
J.M. Linthorst.